nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image nivo slider image

Tremissis een bijzondere bodemvondst

Een Tremissis van keizer Heraclius I (610-641)

tremissis

Afb. 1. Een tremissis van Heraclius I (610-641 nChr), geslagen te Constantinopel (zie CONOB1 onder het kruis).
Kenmerken: goud; 1,45 gram; diameter 16,4 mm; ref. MIB2 9.

Zoeken met een metaaldetector in de velden rondom Castricum is steeds weer een spannend avontuur. Vorig jaar, 2015, werd in de Oosterbuurt een kleine gouden munt gevonden – een tremissis van Heraclius I, keizer van het Oost-Romeinse of Byzantijnse Rijk van 610-641 na Christus.

Heraclius wordt door historici gezien als de eerste echte keizer van het Byzantijnse Rijk en niet meer als keizer van het Oost-Romeinse Rijk. Hij herstruktureerde het leger en de rijksadministratie van het Oost-Romeinse Rijk en voerde het Grieks in als officiële taal in plaats van het Latijn. Terwijl de Romeinse staatsvorm en de Romeinse tradities werden gehandhaafd lag de focus nu op Constantinopel (het latere Istanbul) als hoofdstad van het rijk, was de oriëntatie op de Griekse in plaats van de Latijnse cultuur en werd het rijk nu gekenmerkt door het Orthodoxe Christendom.

Een tremissis is één van de gouden munten van het Laat-Romeinse (284-476 nChr) en daarna Byzantijnse Rijk. Deze munt (een derde van een solidus) werd een voorbeeld voor de muntslag in veel andere landen, zoals het Anglo-Saksische Engeland en de Frankische en Friese gebieden. Zo kan een directe vergelijking worden gemaakt tussen de Byantijnse tremissis en de munten (tremisses en triënsen) geslagen in Dorestad.

Op zich is het muntje dus niet zo bijzonder. Wat wel bijzonder is is dat dit muntje hier in Castricum werd gevonden, voor zover we weten de eerste “geregistreerde” Byzantijnse munt die ten Noorden van het Noordzeekanaal is aangetroffen. De enige vermelding van Byzantijse munten in Noord-Holland komt uit 1866 toen bij het graven van de Kleine Sluis (ten zuiden van de Zuidersluis) in het Noordzeekanaal een vroegmiddeleeuwse muntschat werd gevonden. Deze muntschat bestond uit zeventien gouden munten waaronder solidi en triënsen uit onder meer het Byzantijnse Rijk en waarvan de vroegste uit 575 na Christus dateert. Deze munten worden gezien als een mogelijke beloning of soldij van een Fries die als huursoldaat in het zuiden van Frankrijk had gevochten (Roos, 2009). 

Hoe onze tremissis in de Oosterbuurt terecht is gekomen blijft een open vraag. Ook deze tremisses kan deel zijn geweest van een beloning, als gift aan een bewoner gegeven, aangekocht als mogelijk offer bij een begraving of bij de bouw van een woning, of door handel hier terecht zijn gekomen. Handel met kooplieden of individuen die contacten hadden met het Middelandse-Zeegebied, zoals de Vikingen, waarvan wordt verondersteld dat die bij Noorddorp (Nortthorpe, Heemskerk) een nederzetting hadden (De Cock, 1980). 

Het grootste probleem bij munten die niet binnen een archeologische context worden gevonden is dat we wel weten vanaf wanneer de munt op zijn vroegst op een plek kan zijn gekomen, maar niet wanneer de munt daar is gekomen. Goud blijft goud en blijft betaalmiddel ongeacht de historische periode waarin het wordt gebruikt (dat geldt in mindere mate ook voor zilver). Deze munt die op zijn laatst in 641 na Christus is geslagen, kan dus ook eeuwen later hier terecht zijn gekomen!

De Oosterbuurt is een gebied waarin over de afgelopen decennia een groot aantal munten is gevonden die we (bijna zonder onderbreking) kunnen dateren van voor 50 jaar vóór Christus – de eerste contacten tussen de Romeinen en Friezen – tot en met heden.

Louis Oppenheimer en Ron van Wezop

Noten.

  1. CONOB geeft de muntplaats aan als ook het goudgehalte van de munt, waarbij CON staat voor CONstantinopel en OB voor OBryzum. Obryzum betekent “zuiver goud” en ook het griekse cijfer 72. CONOB kan dan worden gelezen als “Constantinopel, 1/72 Romeinse pond puur goud.”
  2. MIB is de afkorting voor de driedelige catalogus voor Byzantijnse munten Moneta Imperii Byzantini, samengesteld door W. Hahn (Wenen, 1973-81).

 

Print Friendly, PDF & Email