Asjes, Albert (Jaarboek 02 1979 pg 20-21)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over Albert Asjes:
Albert AsjesAlberts hoeveTestament van Albert Asjes

Verschenen artikelen over personen: Asjes, AlbertBakker, ThijsBoreel van Hogelanden, JacobDeelen, Derk vanDekker, DirkGevers, FritsGinhoven van, HuibertHageman, ArieHeeck, CorHeideman, HenkHeimans EliHoberg, JanHurk, Gesina van derJacobi, Jan Willem – Jacobs-Wentink, Gré – Kieft, Pieter – Kortenoever, EldertKraakman, JacobKramer, MatthijsKrist, MeineLeenaers, HenriLommen, PietMooij, CorMooij, Geertje ten WoldeNuhout van der Veen, JoachimPeperkamp, CorPortegies, SijfQuack, Jan deRendorp, JacobRommel, AlbertSchotvanger, DirkStuyt, JanToepoel, LeoTulp, LideTwisk, EngelVeldt, KlaasVlaanderen-Boot, Tiny vanWeenen, Wub vanZaalberg, Hermanus


Jaarboek 2, pagina 20

Wie was … Albert Asjes

Op 30 maart 1977 werd door de gemeenteraad van Castricum een historisch besluit genomen. Van de stichting Albert Asjesfonds werd in totaal 27.5 ha land gekocht, gelegen ten oosten van de wijken Molendijk en Noord-End, bestemd voor toekomstige uitbreiding van de gemeente. Tot deze aankoop behoorde ook de Albert’s Hoeve, gelegen aan de Molendijk nummer 1 (bij de Dorcamp) en de eendenkooi.

Albert Asjes, geboren op 17 mei 1864 en overleden op 16 oktober 1939, was de vroegere eigenaar van deze landerijen. Bij het testament, opgemaakt op 3 oktober 1939, bepaalde hij dat zijn gehele bezit zou worden ondergebracht in een op te richten stichting “Het Albert Asjesfonds”. Het hoofddoel van de stichting zou zijn de boerderij in stand te houden en de opbrengst van het bedrijf te besteden voor godsdienstige en liefdadige doeleinden. De kerkvoogdij van de Nederlandse Hervormde Gemeente zou het bestuur van de stichting moeten vormen.

De boerderij zou de naam “Albert’s Hoeve” moeten blijven dragen en door een protestantse boer moeten worden bewoond. Ook de eendenkooi zou in stand moeten blijven en dienen als rustplaats voor vogels.

Krachtens de testamentaire beschikking kon de stichting de goederen niet verkopen.

Ingevolge een rechtelijke uitspraak werd de stichting in 1976 toch gemachtigd tot verkoop en liquidatie van de stichting.

Albert Asjes was de zoon van Arie Asjes (geboren 1 januari 1833) en Dieuwertje Bommezij, die eveneens de Albert’s Hoeve bewoonden. Albert is nooit getrouwd geweest. Familieleden van hem herinneren zich dat Albert wel eens op het punt heeft gestaan om in het huwelijk te treden. Deze verbintenis kwam echter niet tot stand. Zowel de verloofde van Albert als hijzelf waren door vererving in het bezit gekomen van een boerderij en beiden weigerden deze te verlaten …
De grootvader van Albert Asjes heette ook Albert. Deze was geboren in 1793 te Heemskerk en hij was waarschijnlijk de stichter van de Albert’s Hoeve. De vader van deze Albert was Evert Asjes, geboren in 1757 in Dalfsen in Overijssel.

Om nog eens wat meer te weten te komen over Albert Asjes spraken we met Gerrit Veldt (geboren 5 september 1908) en Jan Zomerdijk (geboren 2 mei 1905), die hem erg goed gekend hebben. Zij vertelden dat Asjes een soort hereboer was. Koeien heeft hij nooit gehad. Zijn land verhuurde hij grotendeels op zeer billijke kondities. Asjes had alleen een paar mooie paarden, waarvoor hij wat hooi teelde.

foto Albert Asjes + paard en wagen
afb. 1 foto Albert Asjes + paard en wagen

Jaarboek 2, pagina 21

Albert's Hoeve, Tekening van Jan Reinders
Afb. 2 Albert’s Hoeve, Tekening van Jan Reinders

Paarden waren zijn grootste liefhebberij. Zo af en toe bezocht hij concoursen o.a. in Hoofddorp. Jan Zomerdijk en Gerrit Veldt weten zich ook nog goed te herinneren dat Albert op zondagen zijn paard voor de tilbury spande en een ritje door de polder maakte.

Hij was een echte liefhebber van de natuur en tegelijk jager. Veel heeft hij niet geschoten, omdat het doden van een dier hem eigenlijk altijd aan het hart ging. In de omgeving van de boerderij werd nooit gejaagd en veel hazen en konijnen hebben daar dan ook een hoge leeftijd bereikt. In het begin van de dertiger jaren liet Asjes de eendenkooi aanleggen en verwierf hij het kooirecht. Uren observeerde hij de soms duizenden eenden vanuit zijn schuilplaats. De kooi is zelden of nooit in gebruik geweest voor het vangen van eenden.

Als een van de eersten in Castricum liet Albert elektrisch licht aanleggen en wel door Nelis Stolk, die samen met Piet van Duyn de radiodistributie in Castricum verzorgde.

Ook was hij een van de eerste autobezitters in Castricum. Jan Zomerdijk hoort hem nog “Ho” roepen toen hij zijn schuur binnenreed en de auto tot stilstand wilde brengen.

In de Albert’s Hoeve werd in vroeger jaren een zogenaamde zomerstal ingericht. Het aardewerk en porselein werd daar dan fraai uitgestald. Albert Asjes heeft deze en andere antiquiteiten aan de Nederlandse Hervormde Kerk nagelaten.

Op de begraafplaats bij de oude dorpskerk ligt Asjes overeenkomstig zijn laatste wil samen met zijn ouders begraven. Een imposante steen bedekt het graf.

De werkgroep heeft van de Nederlandse Hervormde Kerk onder andere een antiek kastje uit bezittingen van Albert Asjes in bruikleen ontvangen. Op dat kastje komt in houtsnijwerk een gedichtje voor. Een betere typering van de eenvoudige mens Albert Asjes dan hieruit spreekt, zal nauwelijks te geven zijn:

Men ziet de vogels op de bomen
de dieren grazen in de wey,
de mens is vrolijk in zijn harte
hij dankt zijn God en hij is blij

N.A. Kaan

Print Friendly, PDF & Email