Castricum – Honderd jaar geleden 1885 (Jaarboek 09 1986 pg 51-52)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 9, pagina 51

 

Castricum – Honderd jaar geleden 1885

 

Het jaar 1885 kent geen bijzondere hoogtepunten. De financiële toestand van de gemeente is slecht; naar aanleiding hiervan wordt een voorstel om de salarissen van de onderwijzers aanzienlijk te verlagen door de gemeenteraad aangenomen. Ook probeert de raad de kosten van de armenzorg te beperken. Een nieuwe verordening op het brandwezen is in voorbereiding (hierover in een volgend jaarboekje meer).

De aanleg van een stoomtramlijn van Castricum naar de Egmonden heeft nog geen aanvang genomen. Het gemeentebestuur staat nog steeds onder voorzitterschap van burgemeester jonkheer Boreel van Hogelanden; verder zijn er de wethouders A. van der Park en Jacob Kuijs en de raadsleden Willem Melker, Jan Adam van Sou, Frans Glorie, Simon Louter en is er door het overlijden van Jan Pz. Kuijs in 1884 nog een open plaats in de raad.

Op 1 jan. 1885 telt Castricum 1714 inwoners; op 31 dec. 1885 is dit aantal afgenomen tot 1680. In dit jaar worden in Castricum 67 kinderen geboren, worden 6 huwelijken gesloten en overlijden 40 personen. Doordat er veel meer personen zich elders vestigen (129) dan er in Castricum komen wonen (64), neemt het inwonertal af. Het aantal kiesgerechtigden bedraagt 95.

 
4 februari 1885

Jan Schuit wordt tot nieuw raadslid gekozen; hij neemt eveneens de open plaats in in het Algemeen Armbestuur, die is ontstaan door het overlijden van raadslid Jan Pz. Kuijs. In leven woonde Jan Kuijs in de Kerkbuurt, was bloemkweker, tevens direkteur van het R.K. zangkoor.

 
25 maart 1885

Mej. G.J. Kouffeld uit Oosterbeek is benoemd als onderwijzeresse op een jaarwedde van 600 gulden.

Jan Holland heeft een verzoek gericht aan de gemeenteraad om de concessie voor de exploitatie van een stoomtramlijn van Castricum naar Egmond te verlengen. De gemeenteraad geeft opnieuw een uitstel van 6 maanden met de voorwaarde dat de werkzaamheden vóór of op 1 okt. 1885 vallen. Het lukt de heer Holland niet om alle vergunningen en goedkeuringen voor de aanleg te krijgen, in september vraagt hij opnieuw verlenging, die hem door de gemeenteraad wordt verleend tot 30 juni 1886.

Op 21 nov. 1885 vraagt Jan Holland enige wijzigingen (versoepeling) van de voorwaarden der concessie; dit verzoek wordt echter niet ingewilligd.

 
16 juli 1885

De heer J.F. van Amersfoort uit Castricum is aangesteld tot onbezoldigd rijksveldwachter.

Gedurende de zomermaanden heerst er een ernstige cholera epidemie in het Middellandse Zeegebied; alle havens rond de Middellandse Zee worden besmet verklaard.

In het huis van K. Beusman heeft zich een geval van tyfus voorgedaan met dodelijke afloop.

Diverse processen verbaal zijn opgemaakt in verband met het delven van konijnen en het rijden met honden.

De kermisdagen in Castricum zijn op 6, 7 en 8 september.

 
16 september 1885

A. van der Park en F. Glorie zijn herkozen resp. als wethouder en als raadslid; P. Kuijs wordt benoemd tot hooisteker.
De jacht op de gemeentewegen wordt voor 30 gulden per jaar voor de tijd van 3 jaar verpacht aan Johannes Leembruggen uit Amsterdam.

Het Algemeen Armbestuur heeft een schrijven gericht aan het gemeentebestuur; hierin wijst zij erop hoe hoog de kosten der aan de Algemene Armen verleende geneeskundige hulp is opgelopen en geeft de raad in overweging om met de arts P. Stolk Jr een schikking te treffen, waarbij genoemde heer tegen een vast salaris de verpleging der armen op zich wil nemen, zoals diens voorganger de heer A. Reijnders deed. Mocht de heer Stolk hiertegen bezwaren hebben, dan is een dusdanige schikking te treffen met de arts Seignette uit Heemskerk of met een der doktoren te Uitgeest.

 
14 oktober 1885

De verpleging van krankzinnigen wordt niet meer door het Algemeen Armbestuur betaald, maar door de gemeente. Op de gemeentebegroting wordt een post van 900 gulden vastgesteld voor de verpleging van 5 krankzinnigen in het gesticht Meerenberg te Bloemendaal. Op voorstel van het dagelijks bestuur wordt vanwege dit aanzienlijke bedrag besloten geen subsidie aan het Algemeen Armbestuur te geven.

De heer Jacob Kuijs Pzn. stelt voor om vanwege de slechte financiële toestand van de gemeente de jaarwedden van de onderwijzers en het hoofd der school met 100 gulden te verminderen met uitzondering van de heer Dekker, wiens salaris met 50 gulden verminderd zou moeten worden.
De voorzitter acht dit niet wenselijk en betwijfelt ten sterkste of G.S. dit besluit zullen goedkeuren; ook acht hij dit niet wenselijk aangezien de onderwijzers nu eenmaal op dit traktement zijn aangenomen en het niet aangaat om de jaarwedden te verminderen, als er geen geldige redenen zijn. De heer Schuit hiertegen aan dat alle werklieden minder geld verdienen, om dan ook niet de onderwijzers. De overige raadsleden gen hunne instemming met het voorstel van de heer Kuijs.

De jaarwedden zullen worden:
het hoofd der school 800,-
P.C. Hille 600,-
D. Dekker 600,-
mej. M.A.J. Sluijsken 500,-
mej. G.J. Kouffeld 500,-

Wijziging in de verordening tot regeling van de kleinhandel in sterke drank en tot beteugeling van openbare dronkenschap.


Jaarboek 9, pagina 52

Het vergunningsrecht wordt 12,50 voor elke 50,- huurwaarde (zie ook in vorige jaarboekjes), of gedeelte daarvan; het bedrag wordt met 25% verminderd voor die lokaliteiten waar geen sterke drank verkocht noch geschonken wordt tussen zaterdagavond 6 uur en maandagochtend 6 uur.

 
25 november 1885

G.S. heeft bezwaren tegen de verlaging der traktementen van de onderwijzers aan de openbare lagere school. De raad besluit het betreffende raadsbesluit in te trekken.

 
31 december 1885

De gemeenterekening over het jaar 1885 bedraagt aan inkomsten 10.870,- en aan uitgaven 11.146,-. Het nadelig saldo bedraagt derhalve 276,-.

S.P.A Zuurbier

Print Friendly, PDF & Email