Castricum – Honderd jaar geleden 1915 (Jaarboek 39 2016 pg 111-114)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 39, pagina 111

Castricum – Honderd jaar geleden 1914

In het jaar 1915 zijn er steeds meer gevolgen merkbaar van de Eerste Wereldoorlog. Door het gemeentebestuur wordt een commissie Werkloosheid ingesteld. Er ontstaat discussie in de gemeenteraad over de vraag of de kermis in verband met de oorlog nog wel gehouden moet worden. De onderwijzers vragen een toelage op hun salaris vanwege de duurder geworden levensmiddelen. Het aantal huwelijksvoltrekkingen in deze onzekere tijden is de helft minder dan in het voorgaande jaar. De prijs van ongebuild tarwemeel is zo hoog opgelopen dat er een overheidsregeling wordt getroffen voor de plaatselijke bakkers om dit meel voor een lagere prijs te kunnen kopen.

Het gemeentebestuur van Amsterdam doet een oproep om de vele werkloze arbeiders aldaar in te zetten op het platteland, omdat door de mobilisatie hier een tekort aan arbeidskrachten zou kunnen bestaan. De hoeveelheid melk, die landelijk beschikbaar is voor de consument, is schaars; de melkfabrieken moeten aantonen niet te veel melk te gebruiken voor melkproducten.

De gebeurtenissen in Castricum van honderd jaar geleden zijn vooral ontleend aan de gemeenteraadsnotulen, de inkomende en uitgaande stukken van de gemeente Castricum, dossiers in het gemeentearchief, de provinciale bladen, de burgerlijke standregisters etc.

1 januari 1915

Het gemeentebestuur bestaat uit burgemeester Johannes Mooij en de wethouders Joseph Goes en Petrus Valkering. De raadsleden zijn: Gerrit Pzn. Kuijs, Petrus Pzn. Kuijs, Pieter Twisk, Gerard Louter en Cornelis Spaansen. Johannes Anthonius Verder is de gemeentesecretaris.

Castricum telt 3.908 inwoners. Dit aantal is op 31 december toegenomen tot 3.993. In het jaar 1915 vestigen zich in onze gemeente 304 personen, terwijl er 244 naar elders vertrekken. Er worden in dit jaar 102 kinderen geboren, er overlijden 77 inwoners en er worden 12 huwelijken gesloten.

14 januari 1915

Een commissie Werkloosheid wordt ingesteld voor het toezicht op het aantal werklieden dat de gemeente in het kader van de ‘Werkverschaffing’ in dienst heeft. Tot leden van de commissie worden aangewezen de twee wethouders en de raadsleden Louter en Twisk.
De heer Goes vraagt of het niet mogelijk zou zijn om een vaste dag te bepalen waarop in de gemeente gebedeld mag worden.

10 februari 1915

Onderzocht wordt om van gemeentewege de vuilnis te laten ophalen. Bij wijze van proef is er een aanbesteding gehouden. Drie inschrijvingen zijn binnen gekomen, variërend van 156 tot 240 gulden per jaar. De kosten worden te hoog gevonden en het voorstel wordt verworpen.
G. Slop wordt aangesteld als gemeenteopzichter met een jaarsalaris van 100 gulden.

11 februari 1915

In de Schagercourant lezen we het volgende artikeltje:

Drie lastige vrienden

Een drietal min of meer aan elkaar verwante heeren Zonneveld uit Castricum, gedoopt Gerrit, Hendrik en Jan had op een Castricums danspartijtje wat meer drukte gemaakt dan noodig is. Een hunner voerde een recht houterige dans uit met een stoel en bleek ten slotte meer te houden van drank dan van orde. Hij moest er uit, dat kon zóó niet langer. Best! Maar de twee anderen stelden er heel veel prijs op om ‘voltallig’ te blijven. Dat kweekte verschil van meening tusschen de Zonnevelden enerzijds en de politie anderzijds, Toen het uiteindelijk op een uitzetten zou gaan, belemmerden de anderen het transport als de wetsdienaren er een zoowat uitgewerkt hadden. ’t Was na eenig martelen zoo mooi geworden, dat alle drie Zonnevelden verbaal opliepen.
De Officier van Justitie eischte tegen Gerrit 15 gulden of 10 dagen hechtenis, terwijl de anderen werden opgeknapt met een eisch tot 14 dagen gevangenisstraf ieder.

31 maart 1915

Spoedeisende vergadering van de raad over de demping van de sloot voor de nieuwgebouwde woning van C. Stuifbergen (Kees de Koster) aan de Dorpsstraat. Die sloot mag alleen gedempt worden als ook de sloot voor het perceel van Franciscus Schut wordt gedempt. De kosten van deze laatste demping zullen worden gedeeld door de gemeente en Schut, ieder voor de helft.

24 april 1915

Opgave aan de inspecteur der directe belastingen te Alkmaar van de vergunninghouders voor de verkoop van sterke drank en de huurwaarde voor het bedrijf:


Jaarboek 39, pagina 112

  1. H. van Benthem, 242,50 gulden, wijk A nummer 121, De Vriendschap
  2. J.B. Koopman, 242 gulden, Wijk A nummer 71, De Rustende Jager
  3. Ant. van Benthem, 184,50 gulden, Wijk A nummer 31, Hoek Dorpsstraat-Burg. Mooijstraat
  4. M. Olgers, 94,50 gulden, Wijk A nummer 56, Burg. Mooijstraat
  5. P. Schotvanger, 170 gulden, Wijk A nummer 49, De Harmonie
  6. D. Tromp, 73,50 gulden, Wijk B nummer 198, Oosterbuurt
  7. D. Bakker, 103,25 gulden, Wijk A nummer 29a, De Landbouw
  8. L. Burgering, 70 gulden, Wijk C nummer 356, Bakkummerstraat
  9. W. Joosten, 63,25 gulden, Wijk E nummer 473, later Hotel Borst
  10. Jo Borst, 83,50 gulden, Wijk E nummer 462, De Onderneming aan de Heereweg
  11. C. Castricum, 75,50 gulden, Wijk E nummer 449, De Goede Verwachting aan de Heereweg

Cornelis Stuifbergen, koffiehuishouder te Castricum, vraagt op 16 sept. 1915 vergunning in de benedenlokaliteit, groot 55,79 vierkante meter van perceel Kerkbuurt 29a, door hem en echtgenote Trijntje Brakenhoff bewoond; de vergunning van D. Bakker wordt ingetrokken en aan Cornelis Stuifbergen verleend.
M. Olgers doet op 20 nov. 1915 afstand van zijn vergunning.

28 april 1915

De Kennemer Electriciteitsmaatschappij (KEM) te Bloemendaal vraagt aan de gemeente vergunning om laagspanningskabels te mogen leggen in de gemeentegrond. Het zou gaan vanaf de Dorpsstraat via de Schoolstraat naar de stoomzuivelfabriek ‘De Holland’ (lengte circa 150 meter) en vanaf de Dorpsstraat door de Kramersweg (nu Burg. Mooijstraat) naar het perceel bewoond door de heer Rommel (circa 75 meter).
Uit navraag door de gemeente bij de KEM blijkt bij aansluitingen dat de gewone ‘lichtklanten’ (en niet de ‘krachtklanten’) de keus krijgen tussen een gratis installatie in huis of een jaar gratis stroom.
De gemeente wil vergunning verlenen onder voorwaarden dat voor elk der gevraagde aansluitingen 1 gulden vergoeding zal moeten worden betaald en onder uitdrukkelijke bepaling dat geen gratis licht mag worden geleverd of een gratis installatie mag worden aangeboden (in verband met de concurrentie voor de eigen gemeentelijke gasfabriek). Deze voorwaarde wordt weer ingetrokken op last van het Provinciaal Bestuur, omdat dit indruist tegen de besluitvorming van GS.
Wegens zijn benoeming tot burgemeester van Vleuten en Haarzuilens krijgt J.A. Verder eervol ontslag als gemeentesecretaris en ambtenaar van de burgerlijke stand. Tot tijdelijke secretaris wordt benoemd G.H. Sanders.

29 april 1915

Volgens het plan moet de riolering van de Dorpsstraat 2.050 gulden gaan kosten. Bij de aanbesteding hebben 16 bedrijven ingeschreven, waarvan zes uit Castricum. Het werk wordt gegund aan de plaatselijke ondernemer Cornelis de Groot.

2 juni 1915

De gemeenteraad krijgt het verzoek van D. Tromp en vijf andere caféhouders voor een later sluitingstijdstip en wel om 23.00 uur gedurende de maanden juni, juli en augustus. Hierop wordt afwijzend beschikt.

Opgave van het aantal kiezers: voor de verkiezingen van de Tweede Kamer 601 en die van de gemeenteraad 487.

De heer Hendrikus Oostveen wordt benoemd tot de nieuwe gemeentesecretaris; hij wordt op 7 juli beëdigd.

16 juni 1915

In principe wordt besloten om twee urinoirs te plaatsen: één nabij De Rustende Jager en één bij De Harmonie.

De Rustende Jager, Hotel - Stalhouderij - Café - Restaurant - Speeltuin.
De Rustende Jager, Hotel – Stalhouderij – Café – Restaurant – Speeltuin.

21 juli 1915

Discussie in de gemeenteraad over het door laten gaan van de kermis in verband met de oorlog. Besloten wordt om de kermis niet af te gelasten.

Petrus Valkering en Gerrit Kuijs worden herkozen als raadslid; Valkering blijft wethouder.

7 augustus 1915

B&W van Amsterdam verzoeken aan B&W van Castricum in hun gemeente werkgevers te bewegen personeel te betrekken van het Gemeente Arbeidsbureau in Amsterdam. Het aanbod van arbeidskrachten aan dit bureau is overweldigend groot, terwijl daartegenover zo goed als geen vraag naar arbeidskrachten staat, omdat handel en industrie voor een groot deel stil liggen. De achterliggende gedachte is dat door de mobilisatie op het platteland een groot tekort aan arbeiders is ontstaan. Dit tekort zou kunnen worden verminderd door werkloze arbeiders uit Amsterdam op het platteland te plaatsen.

1 september 1915

De onderwijzers en onderwijzeressen (in totaal elf voor de beide lagere scholen) brengen onder de aandacht van het gemeentebestuur:


Jaarboek 39, pagina 113

dat hun salarissen, die vóór de mobilisatie nauwelijks toereikend genoemd konden worden, sedert dien tijd tengevolge van hoogere kostgelden en duurdere levensmiddelen volstrekt onvoldoende geworden zijn;
dat in vergelijking met andere gemeenten van dezelfde grootte als Castricum, de salarissen hier beslist minder zijn.
Redenen waarom zij U verzoeken de periodieke verhoogingen te willen vervroegen en verbeteren, of zoo de gemeentefinanciën dit niet toe laten, ten minste door het geven van een duurtetoeslag aan de ergsten nood te willen tegemoet komen.

In een bijlage worden de salarissen genoemd in enige gemeenten in onze provincie van de grootte van Castricum. De gemeenteraad besluit om die onderwijzers en onderwijzeressen, die niet meer dan 625 gulden per jaar verdienen, een toeslag te verlenen van 25 gulden.

3 september 1915

C. Stolk vraagt om vergunning voor de bouw van een graanmalerij met gebruikmaking van een gasmotor. Stolk krijgt een hinderwetvergunning ondanks de bezwaren die zijn ingebracht als het veroorzaken van veel stof, last van ratten en muizen, het veroorzaken van stank en het maken van veel geraas.

Eigenaren die water afvoeren op het gemeenteriool, moeten belasting gaan betalen. Deze bedraagt jaarlijks 1 tot 3 gulden, afhankelijk van de grondbelasting van het gebouwde perceel.

31 oktober 1915

In verband met de oorlogsomstandigheden is er een controleregister op de verstrekking van ongebuild (red: gezeefd in een zak) tarwemeel tegen verminderde prijs aan de broodbakkers. Over de periode 21 juni tot en met 31 oktober 1915 noemt het register de volgende broodbakkers te Castricum met per bakker het aantal kg verbruikt ongebuild tarwemeel:

A. Bolten 3.925 kilogram
W. Groot 9.065 kilogram
H. Hemmer 2.930 kilogram
D. Hoogland 7.100 kilogram
A. Kaandorp 4.800 kilogram
J. Kuilboer 2.592 kilogram
C. Kuijs 7.725 kilogram
G.F. Res 40.087 kilogram
S.G. van Zilt 4.945 kilogram

10 november 1915

Goedkeuring door GS voor het raadsbesluit tot het gebruiken van een lokaal in het café van Van Benthem als schoollokaal. Dit vanwege het gebrek aan plaatsruimte bij de Openbare Lagere School naast het raadhuis. Naar aanleiding hiervan pleit de schoolopzichter in het district Haarlem bij het college voor een vergroting van de school of tot stichting van een nieuw schoolgebouw, omdat het plaatsgebrek steeds nijpender zal worden en ook omdat de school in Bakkum geheel bezet is.

Een groot aantal ingezetenen der gemeente vraagt om de oprichting van een school voor Meer Uitgebreid Lager Onderwijs (MULO). Nu moeten ouders voor dat onderwijs hun kinderen nog naar Alkmaar sturen met alle nadelen en extra kosten van dien. Een besluit om te komen tot de oprichting hiervan wordt uitgesteld, mede vanwege de plannen tot oprichting van een bijzondere (katholieke) school en een mogelijke combinatie daarmee.

24 november 1915

Van regeringswege zijn er maatregelen genomen om de voorziening van melk voor de bevolking van Nederland veilig te stellen; te veel consumptiemelk wordt verwerkt door fabrieken tot melkproducten.
De stoomzuivelfabriek ‘De Holland’ verklaart dat de melk direct beschikbaar is.

29 december 1915

Eerder werd besloten om naast de stratenmaker Gerrit Nijman een tweede werkman aan te stellen. Nu is Cornelis Orij aangesteld als tweede man voor een weeksalaris van 12 gulden voor de wintermaanden en 16 gulden voor de zomermaanden.

30 december 1915

In de Vragenlijst ten behoeve van het ‘Verslag over den Landbouw’ van het Departement van Landbouw, Nijver- heid en Handel is het gebruik van het grondgebied van de gemeente Castricum gespecificeerd:

  • bouwland 358 hectare
  • grasland 926 hectare
  • tuingrond (groenten) 64 hectare
  • bloemkwekerijen 20 hectare
  • bloembollengrond 179 hectare
  • bos 216 hectare
  • dijken en bermen 6 hectare
  • woeste grond (duinen) 1182 hectare
  • water 17 hectare
  • veld- en spoorwegen 51 hectare
  • onbelastbare eigendommen 52 hectare
  • erven van gebouwen 90 hectare
  • Totale oppervlak der gemeente 3162

Als fabriek die boter en kaas maakt, wordt genoemd ‘De Holland’ aan de Breedeweg met directeur J.P. Baas en als fabriek die hoofdzakelijk kaas maakt, wordt genoemd ‘De Duinstreek’ aan de Cieweg met als directeur F. Twisk Cz. Als gebruik van het bouwland wordt onder andere genoemd 113 ha met peulvruchten en 225 ha met aardappelen.


Jaarboek 39, pagina 114

31 december 1915

Er zijn vier instellingen die zich met de armenzorg bezighouden:

  1. Algemeen Burgerlijk Armenbestuur met als doel de armenzorg in het algemeen;
  2. Armenhuis met als doel de verzorging van oude, arme, gebrekkige ingezetenen;
  3. R.K. Parochiaal Armbestuur met als doel de armenzorg aan Rooms-Katholieken;
  4. Ned. Herv. Diaconie met als doel de armenzorg aan Ned. Hervormden.

Een opgave van de ondersteuning van de armen over 1915:

  • R.K. Parochiaal Armbestuur 14 personen: 1.225 gulden
  • Ned. Herv. Gemeente 7 personen: 455,49 gulden
  • Gemeente 5 krankzinnigen: 1.274,19 gulden
  • Algemeen Armenhuis 7 verpleegden: 1.915,96 gulden
  • Burgerlijk Armbestuur 21 personen: 6.810,22 gulden

31 december 1915

De gemeenterekening over het jaar 1915 telt aan ontvangsten 72.062 gulden en aan uitgaven 72.366 gulden. Er is een nadelig saldo van 304 gulden.

Simon Zuurbier

Print Friendly, PDF & Email