Castricum – Honderd jaar geleden 1916 (Jaarboek 40 2017 pg 114-116)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 40, pagina 114

Castricum – Honderd jaar geleden 1916

Hoewel Nederland in de Eerste Wereldoorlog neutraal blijft, zijn in die periode ook op plaatselijk niveau de gevolgen van deze gruwelijke oorlog sterk merkbaar. Dat betreft dan vooral de grote schaarste aan voedsel. De overheid roept allerlei regelingen in het leven om hieraan het hoofd te bieden. Er wordt een distributiewet ingesteld met maximum prijzen voor meerdere levensmiddelen en turf.
Voorschriften worden uitgevaardigd voor onder andere de voorziening van melk en varkensvlees, de roggebroodregeling en de suikerdistributie.

De gemeente Castricum start een bedrijf dat levensmiddelen aan de inwoners verstrekt.
De gemeenteraad behandelt verschillende verzoeken van werknemers in overheidsdienst voor een salarisverhoging vanwege de prijzen van de levensmiddelen.

De gebeurtenissen in Castricum van honderd jaar geleden zijn vooral ontleend aan de gemeenteraadsnotulen, de inkomende en uitgaande stukken van de gemeente Castricum, dossiers in het gemeentearchief, de provinciale bladen, de burgerlijke standregisters etc.

1 januari 1916

Het gemeentebestuur bestaat uit burgemeester Johannes Mooij en de wethouders Joseph Goes en Petrus Valkering. De raadsleden zijn: Gerrit Pzn. Kuijs, Petrus Pzn. Kuijs, Pieter Twisk, Gerard Louter en Cornelis Spaansen. Hendrikus Oostveen is de gemeentesecretaris.

Castricum telt 3.993 inwoners. Dit aantal is op 31 december toegenomen tot 4.075. In het jaar 1916 vestigen zich in onze gemeente 313 personen, terwijl er 270 naar elders vertrekken. Er worden in dit jaar 119 kinderen geboren, er overlijden 80 inwoners en er worden 27 huwelijken gesloten. Voor de gemeenteraadsverkiezingen zijn 567 inwoners stemgerechtigd.

2 februari 1916

Door de Tuinbouwvereniging ‘Ons Belang’ is verzocht om de Mient te bestraten. Wethouder Goes stelt voor om eerst het gedeelte uit te voeren dat eigendom is van de gemeente en voor het overige deel te overleggen met de verschillende eigenaren van de weg.

23 februari 1916

Verzoek van de Bouwvereniging ‘Goed Wonen’ aan het gemeentebestuur om een voorschot van 21.025 gulden te verlenen voor de bouw van tien arbeiderswoningen aan de Bakkummerweg. Het bestuur van Goed Wonen wordt gevormd door P. Horst Wz, voorzitter, G. Slop Dz, secretaris en W.M. Maartense, penningmeester.

De raad besluit om voor de personen die aangesloten zijn op elektriciteit, de gasprijs met 2 cent per kubieke meter te verhogen (in verband met de concurrentie voor de eigen gemeentelijke gasfabriek). Met deze prijsverhoging gaat de provincie niet akkoord, omdat deze alleen geldt voor de gasverbruikers, die aangesloten zijn op de elektriciteitskabels van de Kennemer Electriciteitsmaatschappij:
Aan het recht der ingezetenen om zich zoowel van gas als van elektriciteit te bedienen, mag naar ons oordeel in geen enkel opzicht tekort worden gedaan, de ingezetenen moeten in dezen volkomen vrij worden gelaten.”

5 april 1916

Vanwege de hoge prijzen van de steenkolen besluit de gemeenteraad om de gasprijs te verhogen met 1,5 cent per kubieke meter.
Verzoek van de baasfitter van de gasfabriek om de titel van directeur te voeren; zijn verzoek wordt ingewilligd.

Ook wordt het verzoek behandeld van Mattheus Kools, stoker aan de gasfabriek, om zijn weeksalaris van 13,75 gulden te verhogen naar 15 gulden:
dat het salaris in normale tijden, hoewel bekrompen, toch beter was om te leven met vrouw en kinderen als nu, daar de toenemende duurte het thans onmogelijk maakt voldoende in het levensonderhoud te voorzien.”

De R.-K. Bond voor personeel in Openbare Diensten en bedrijven St. Paulus, afdeling Castricum, neemt het voor de stoker op. De bond vraagt burgemeester en wethouders voor de stoker:

  1. een wekelijkse vrije dag, zoveel mogelijk op zondag;
  2. een maximum arbeidsduur van 10 uur per dag of 60 uur per week;
  3. gelegenheid om iedere zondag naar de kerk te kunnen gaan;
  4. ’s winters 1 hectoliter cokes per week;
  5. een tijdelijke duurtetoeslag van 1 gulden plus 25 cent voor elk kind per week.

De gemeenteraad besluit om het salaris van de stoker te verhogen naar 15 gulden per week.

20 april 1916

Opgave aan de inspecteur der directe belastingen te Alkmaar van de vergunninghouders voor de verkoop van sterke drank en de huurwaarde voor het bedrijf:


Jaarboek 40, pagina 115

Rika van Benthem: 263 gulden, Wijk A nummer 121, De Vriendschap (Dorpsstraat);
J.B. Koopman: 227,75 gulden, Wijk A nummer 71, De Rustende Jager (Dorpsstraat);
Ant. van Benthem: 143,25 gulden, Wijk A nummer 31, Hoek Dorpsstraat-Burg. Mooijstraat;
M. Olgers: 94,50 gulden, Wijk A nummer 56, Burg. Mooijstraat;
P. Schotvanger: 171 gulden, Wijk A nummer 49, Burg. Mooijstraat (De Harmonie);
D. Tromp: 67,25 gulden, Wijk B nummer 198, Duinzicht (Beverwijkerstraatweg);
C. Stuifbergen: 99,25 gulden, Wijk A nummer 29a, De Landbouw (Dorpsstraat);
L.A. Burgering: 72,25 gulden, Wijk C nummer 356, Bakkummerstraat;
W. Joosten: 77,50 gulden, Wijk E nummer 473, Borst (nu – in 2017 – Fase Fier);
J.W. Borst: 94,50 gulden, Wijk E nummer 463, Café De Onderneming (Heereweg);
C. Castricum Wz: 77,75 gulden, Wijk E nummer 449, De Goede Verwachting (Heereweg).

Op 1 mei gaat de vergunning van M. Olgers voor hetzelfde pand aan de Kramersweg over op J. Slijboom.

6 mei 1916

Door de Kaasvereniging en de Vereniging van fabrieken van melkproducten wordt aan de veehouders een toeslag van 1 cent verleend op elke liter afgeleverde melk, mits door het gemeentebestuur voldaan wordt aan verschillende voorwaarden. Een daarvan is behoorlijke controle op de kwaliteit en kwantiteit van de afgeleverde melk. Voor die controle is P. Lute gevraagd, die hiertoe genegen was tegen een salaris van 6 gulden per week. Dit bedrag zal dan voor de helft door de gemeente en voor de andere helft door bovengenoemde verenigingen moeten worden betaald. Hiertoe wordt door de gemeenteraad besloten.

17 mei 1916

De jaarwedde van de telefoonkantoorhouder en van diens plaatsvervangster wordt vastgesteld respectievelijk op 200 gulden en 75 gulden.

26 juli 1916

Verzoek van de afdeling Krommenie van de Nederlandschen Bond van onderwijzers om een verbod in de politieverordening op te nemen om aan kinderen beneden 16 jaar, sigaren of sigaretten te verkopen. De heer Louter zou die leeftijdsgrens op 13 jaar gebracht willen zien. De voorzitter meent dat het roken door kinderen in deze gemeente niet van die omvang is als door de afdeling wordt voorgesteld. Bovendien acht hij het toezicht op het naleven van een verbodsbepaling zeer moeilijk. Besloten wordt om het verzoek voor kennisgeving aan te nemen.

Behandeld wordt het verzoek van een aantal ingezetenen tot de bestrating van de Mient. De voorzitter zegt dat de financiën van de gemeente het niet toelaten direct over te gaan tot gehele bestrating. Hij meent dat aan het bezwaar van de ondertekenaars voldoende kan worden tegemoetgekomen door de aanleg van een paardenpad. Spaansen meent, dat wanneer in verschillende gaten puin gebracht wordt, de weg weer aardig zal opknappen. Twisk stelt dat de weg bij regen onbegaanbaar is. Hij vraagt zich af of een breedte van de weg van 2 meter niet voldoende is, wat echter als veel te smal wordt beoordeeld. Het verzoek wordt nog aangehouden tot na het opnemen van de weg door de gemeenteopzichter.
Op 14 september wordt door de gemeenteraad besloten om de Mient te bestraten. Vooraf zullen de nodige overeenkomsten worden getroffen met de betrokken eigenaren.

23 augustus 1916

Het wordt wenselijk geacht dat de stoker van de gasfabriek per jaar 5 of 6 vrije zondagen wordt verleend en eventueel ontvangt hij een toeslag.

24 september 1916

De Minister van Landbouw verwacht grote problemen met de suikervoorziening. In Amsterdam is een speciaal suikerdistributiekantoor opgericht. Alle winkeliers en banketbakkers krijgen opdracht om de hoeveelheid suiker, betrokken van 1-7-1915 tot 1-7-1916 op te geven (opge- splitst in Melis I, basterd, tabletten, poedersuiker, chips en parelsuiker) en te vermelden van welk bedrijf de suiker is betrokken. Opgaven zijn verstrekt door de winkeliers M. de Haas, B. Res Wz., J. Stolk, B. Stuifbergen, wed. C. Duijn, G. Louter, W. Schermer, F. Glorie en A.C. Borst en van de banketbakkers Corn. Kuijs, G.F. Res, H. Hemmer en J. Kuilboer.

25 oktober 1916

De overleden Jacob Kuijs wordt als heemraad van de St. Aagtendijk opgevolgd door wethouder Joseph Maria Goes.

8 november 1916

De gemeenteraad stelt een verordening vast op het beheren van het levensmiddelenbedrijf in de gemeente Castricum. Dit bedrijf verstrekt levensmiddelen en voor zoveel mogelijk andere voor de huishouding onontbeerlijke artikelen aan de inwoners van de gemeente. Burgemeester en wethouders bepalen welke levensmiddelen en andere artikelen het bedrijf zal verstrekken. De leiding van het bedrijf wordt opgedragen aan een administrateur door de Raad te benoemen en te ontslaan. De administrateur geniet een maandsalaris van 50 gulden.

Pieter Bleijendaal is op 6 december 1916 benoemd tot gemeente-veldwachter.
Pieter Bleijendaal is op 6 december 1916 benoemd tot gemeente-veldwachter.

6 december 1916

Tot gemeenteveldwachter is benoemd Pieter Bleijendaal, agent van politie te Den Helder. Veldwachter Cornelis Bakker gaat met pensioen.


Jaarboek 40, pagina 116

28 december 1916

In de schoolcommissie tot wering van schoolverzuim wordt Dr. Melchior benoemd in de plaats van de overleden Dr. Jacobi. De schoolcommissie bestaat uit zeven leden. Twee leden van het college nemen ontslag, omdat zij vinden dat collegeleden niet in de commissie thuishoren, aangezien de commissie B&W moet adviseren in onderwijsaangelegenheden. In de twee opengevallen plaatsen worden de heren J. Schuit en J. Baas gekozen.

31 december 1916

De gemeenterekening over het jaar 1916 telt aan ontvangsten 51.155 gulden en aan uitgaven 55.462 gulden. Er is een nadelig saldo van 4.307 gulden.

Simon Zuurbier

Print Friendly, PDF & Email