IJsbaan, Vereniging Kennemer (Jaarboek 36 2013 pg 4-17)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over Verenigingen in Castricum:
amateurtuindersBakkerijbiljartcarnavalfanfare (muziek)gymnastiek (atletiek) – hengelsport –Kennemer ijsbaan – Perspectief – scoutingtennistoneelvoetbalvolleybal


Jaarboek 36, pagina 4

De Vereniging Kennemer IJsbaan

Ons dorp beschikt al bijna 80 jaar over de ijsbaan aan de Zeeweg. Op 24 januari 1933 werd de ijsvereniging ‘Eensgezindheid’ opgericht. Uit een verenigingsreglement van 11 februari 1935 blijkt dat deze naam werd gewijzigd in IJsclub ‘Kennemer IJsbaan’, die in 1967 weer veranderde in ‘Vereniging Kennemer IJsbaan’ (VKIJ). Het doel van de vereniging luidde oorspronkelijk: ‘Het bevorderen van het ijsvermaak in het algemeen en het houden van wedstrijden’. In de laatste statuten uit 1981 is de doelstelling gewijzigd in: ‘Het doen beoefenen en het bevorderen van de schaatssport in al zijn verschijningsvormen en al hetgeen daarmee in de meest ruime zin des woords verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn’. VKIJ viert dit jaar haar 80-jarig bestaan.

De eerste ijsbanen

Tijdens de oprichtingsvergadering van de VVV in 1919 werd een lening uitgeschreven om voorzieningen te treffen aan de ‘Diepe Sloot’ en de ‘Schulpvaart’. Dat warende eerste ijsbanen waarop in de jaren 1920 geschaatst kon worden. De eerste locatie bevond zich op de plaats waar nu sportcomplex Wouterland liggen de Schulpvaart is een nog steeds bestaande waterloop langs de Zeeweg.
Freek Hollenberg, die op het Stet woonde, was regelmatig te vinden op de ijsbaan achter het huisje van Jannetje Hopman. Freek veegde de baan en dreef zelf een kleine koek-en-zopie. Ook organiseerde hij wedstrijden; dan zaten en stonden de toeschouwers op de spoordijk. De prijzen bestonden uit sigaretten en nieuwe leren schaatstuigen. Op drukke dagen werd er zo’n honderd liter chocolademelk geschonken,waarvoor men vijf tot tien cent per mok betaalde. ’s Avonds werd de ijsbaan verlicht door middel van petroleumlampen die aan palen hingen. Omdat de Diepe Sloot en de Schulpvaart niet zo gauw dichtvroren, week men begin jaren 1930 uit naar een weiland van Jan Koper, dat grensde aan de Diepe Sloot en ’s winters bijna altijd onder water stond. Bij kans op vorst werd de waterstand extra verhoogd met behulp van een pomp van de firma W. L. Borst en zo hadden de Bakkummers een echte ijsbaan.

Ledenvergadering IJsclub Eensgezindheid.
Ledenvergadering IJsclub Eensgezindheid.

Rond 1933 was er serieus sprake van een organisatie die verantwoordelijk was voor het onderhoud, het heffen van entreegeld, het houden van toezicht etc. Dit had de oprichting van de ijsvereniging ‘Eensgezindheid’ tot gevolg. Mensen van het eerste uur waren Henk Broksma, dokter Van der Sluis en mevrouw Van den Born – Bakker.

Sineke van der Sluis knipte in 1936 het lint door tijdens de opening van de Kennemer IJsbaan. Na ruim 77 jaar kwam zij terug aan de Zeeweg voor opnames van een film van Hans Kinders(rechts) over de geschiedenis van de ijsbaan.
Sineke van der Sluis knipte in 1936 het lint door tijdens de opening van de Kennemer IJsbaan. Na ruim 77 jaar kwam zij terug aan de Zeeweg voor opnames van een film van Hans Kinders(rechts) over de geschiedenis van de ijsbaan.

De start aan de Zeeweg

Het PWN besloot begin jaren 1930 om als werklozenproject een terrein aan de Zeeweg handmatig uit te laten graven met als doel dit ‘s winters als ijsbaan te gebruiken. De baan werd op 9 februari 1936 door burgemeester Lommen officieel geopend. Daarbij mocht Sineke, het driejarig dochtertje van dokter Van der Sluis, het lint doorknippen.
In de eerste jaren van de Kennemer IJsbaanwaren de winters zacht. De laatste Elfstedentocht dateerde van 1933 en pas in 1940 werd de volgende verreden. Toen was het dan ook raak en volgden nog twee strenge winters die de ijsbaan aan de Zeeweg haar nut deden bewijzen.

Gerrit Ronk heeft veel voor de vereniging gedaan.
Gerrit Ronk heeft veel voor de vereniging gedaan.

Elke winter zette aannemer Borst de baan weer onder water met een pompinstallatie. Er werd in eigen beheer een kantine gebouwd, die elk voorjaar werd afgebroken en opgeslagen. Alles liep via het PWN en elke activiteit moest gemeld worden. Met ingang van 1935 werd het ruim twee hectare grote terrein door het waterleidingbedrijf verhuurd aan de ijsclub gedurende de periode 1 december tot en met 31 maart. Jarenlang bedroeg deze huur 200 gulden met een toeslag voor (tekst loopt door op pagina 6)


Jaarboek 36, pagina 5

De opening van de Kennemer IJsbaan in februari 1936. Sineke, het driejarig dochtertje van dokter Van der Sluis, mag het lint doorknippen.
De opening van de Kennemer IJsbaan in februari 1936. Sineke, het driejarig dochtertje van dokter Van der Sluis, mag het lint doorknippen.
Een van de eerste schaatsfoto’s op de nieuwe ijsbaan.
Een van de eerste schaatsfoto’s op de nieuwe ijsbaan.
Nettie Ruijter met vriendinnen en schoolgenoten in 1939. V.l.n.r. Kees Blei, Tiny Boot, Ida Tiemstra, Hans Jacobs, Nettie Ruijter, John Bakker en Lenie van Leeuwen.
Gekostumeerd schaatsen begin jaren 1940.
Gekostumeerd schaatsen begin jaren 1940.

Jaarboek 36, pagina 6

de dagen waarop de baan open was. De totale huurprijs mocht echter niet hoger zijn dan 500 gulden.
Het ijs werd in die tijd ook al gekeurd. Dat werd gedaan door dokter Van der Sluis, die daarbij werd geassisteerd door ziekenfondsbode Cor Orij. Laatstgenoemde had ook zijn aandeel in het maaien van het gras, dat elk jaar moest gebeuren, zelfs als er na een natte zomer nog water op de baan stond.
De leden deden zoveel mogelijk zelf, zoals het vegen en het in orde brengen van de baan na een ijsdag. Er was zelfs muziek en elke schaatsdag werd afgesloten met het Wilhelmus. Voor de muziekrechten werd in 1940 al 2,40 gulden per dag door BUMA in rekening gebracht. De contributie bedroeg toen slechts 1 gulden per jaar en werd bewust laag gehouden om zoveel mogelijk leden te trekken. Begin 1940 telde de vereniging dan ook al 500 leden.


Zwaaien en zwieren

Nettie Ruijter (1927-2013) kon zich de start van de Kennemer IJsbaan goed herinneren:
“Rond 1933 schaatsten we nog op de Schulpvaart en de sloot langs de Zeeweg, die ‘Koningskanaal’ wordt genoemd. Ik woonde toen op de Heereweg en was zo bij het ijs. Vanaf het moment dat de ijsbaan geopend werd, gingen we daar natuurlijk heen. Hans Jacobs stal vaak de show met kunstrijden. Bij de hardrijders keek iedereen vol bewondering naar Dick Molenkamp,want niemand reed zo mooi als hij.
In die tijd schaatsten de meisjes over ’t algemeen in een rok, maar soms droeg ik een trainingspak waar ik ook in tenniste. Ik had geen doorlopers maar rondrijders, omdat ik het zwaaien en zwieren veel leuker vond dan rondjes rijden. Mevrouw Kriekaard, die ook bestuurslid was, had veel hoge schoenen en dan mocht ik er een paar van lenen om de schaatsen onder te binden. Mijn ouders vonden het namelijk maar niks om laarzen op het ijs te dragen. Van het gezin schaatsten mijn vader en mijn broer ook aan de Zeeweg, maar ik sprak altijd met vriendinnen af. Op de baan ontmoetten we dan weer schoolgenoten of bijvoorbeeld juffrouw Zinkweg die onderwijzeres was. Helaas stopte alles eind 1942 en gingen de schaatsen voorlopig in het vet …”


In de winters van 1940 en 1941 werd er nog wel geschaatst, zoals blijkt uit enkele foto’s van gekostumeerde rijders. Toen was het echter over, want het gebied rond de Zeeweg werd ‘Sperrgebiet’ en de ijsbaan mocht dus niet gebruikt worden. Op 22 november 1942 deelde secretaris Gerrit Ronk de directeur van het PWN schriftelijk mee dat de vereniging de activiteiten tijdelijk staakte ‘zulks door omstandigheden die U wel bekend zullen zijn’. Dat zat Ronk behoorlijk dwars. Hij werkte eraan mee om een en ander uit handen van de bezetter te houden door bijvoorbeeld de houten lichtpalen weg te halen en die met behulp van boswachter Jacobs in het duin te verstoppen.

Na de oorlog

Ook de IJsclub Kennemer IJsbaan krabbelde na de bevrijding weer op. Er kwam een nieuw bestuur onder leiding van voorzitter Pieter Hofman, die werd bijgestaan door mevrouw Jacobs – Haringa en de heren Henk Schürmann sr, Jan Broerse, Chris Beusman, Teun Polak en Izaäk Kriekaard. Hofman, die technisch ambtenaar was bij het PWN, leidde de vereniging maar liefst 24 jaar, waarvan zes jaar na zijn pensionering.

De voorzitters van 1933 tot 2013

1933 – 1936 Henk Broksma
1936 – 1960 Pieter Hofman
1960 – 1965 Gerrit Ronk
1966 – 1969 Daan Kernkamp
1969 – 1976 Mart Benard
1976 – 1982 Harry van Os
1982 – 1985 Cees Schulte
1985 – 1986 Koos van der Molen/Jan Breggeman
1986 – 2006 Herman Bosboom
2006 – 2008 Ron de Haan
2008 – heden (dat is 2013) Ronald Snijders

Al in 1946 waren er met wedstrijden aardige prijzen te winnen.
Al in 1946 waren er met wedstrijden aardige prijzen te winnen.

Het Nieuwsblad voor Castricum van 12 december 1945 meldde dat de ijsbaan open was, maar dat het PEN het gebruik van elektriciteit voor avondverlichting op alle banen verbood. De reactie daarop van de krant was: “Schaatsenrijden is een geliefde Hollandse sport en wij zouden het PEN willen aanraden tijdens de ijsdagen wat energie te onttrekken aan de nachtfuiven van vele instanties ten behoeve van schaatsend Nederland.”
In de (negentien)vijftiger jaren verzorgde Teun de Hoop van restaurant Johanna’s Hof lange tijd de koek-en-zopie en verkocht onder andere snert. Zijn nering werd naderhand overgenomen door Henk de Haan.
In 1953 werden, onder leiding van Chris Beusman, de oude houten lichtmasten vervangen rond het 20-jarig bestaan van de vereniging.
Bij het baanonderhoud was het dichtmaken van de scheuren altijd een moeilijke opgave. Voor de oorlog werd daarvoor heet water van de melkfabriek gebruikt en later kwam dat van Duin en Bosch. Afdoende was het nooit, want als de scheuren dichtvroren, ontstonden er meestal kuiltjes of bobbeltjes. Het is bij strenge vorst ook wel gebeurd dat men de brandweer inschakelde om de baan op te spuiten.


Jaarboek 36, pagina 7

De muziek die over de baan schalde, werd door de leden zelf op band gezet. Er werden altijd kortebaanwedstrijden gereden, waar eerst spek en worst mee waren te winnen en later ook geldprijzen.
De firma Hes uit Bakkum maaide het gras bij het droogvallen onder toeziend oog van het PWN en een bioloog. Bijna elk jaar werd de keet afgebroken, behalve in de jaren dat deze in het voorjaar en ’s zomers werd gehuurd door het Kampeerterrein Bakkum voor het gebruik als winkel of schooltje.
In die tijd deed de club ook al aan training in het ‘droogschaatsen’, die werd gegeven in het gymlokaal van de Centrale Openbare Lagere School in Bakkum.
Op 30 en 31 maart 1958 werd er voor de leden in hotel Borst een cabaretavond gehouden ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de vereniging.

Dick Molenkamp op zijn alternatieve ijsbaan bij Onderlangs.
Dick Molenkamp op zijn alternatieve ijsbaan bij Onderlangs.

Vallen en opstaan

Eind 1960 kreeg de ijsclub onverwachts concurrentie. Dick Molenkamp, een fervent schaatser en lid van de club, ging zelf een ijsbaan aanleggen op de tennisbanen van TC Bakkum en ODO aan Onderlangs. De banen werden met water bespoten als het vroor en zodoende werd het mogelijk om na één nacht ijs daarop te schaatsen. Daar maakte menigeen gebruik van zolang de Zeeweg nog niet open was. Molenkamp heeft zijn ijsbaan zo’n tien jaar geëxploiteerd.

Schoenmaker Gerbrand Heine tijdens een korte-baanwedstrijd.
Schoenmaker Gerbrand Heine tijdens een korte-baanwedstrijd.

Op de ijsbaan aan de Zeeweg vonden van tijd tot tijd veranderingen en verbeteringen plaats. In1963 schafte de vereniging voor 5000 gulden een tractor aan, waarmee ’s winters het ijs werd geveegd en ’s zomers het gras werd gemaaid. Het jaar daarop werd de Zeeweg verbreed met de nodige gevolgen. De gebouwen moesten worden verplaatst en de elektriciteitsleiding werd verlegd en verlengd. Deze werd in de winter van 1966 door de leden zelf ingegraven.

Joop Westerman en echtgenote aan het kunstrijden.

Per 1 oktober van dat jaar meldde de vereniging zich aan als lid van het Gewest Noord-Holland / Utrecht van de Koninklijke Nederlandsche Schaatsenrijdersbond (KNSB). Opeen druk bezochte ledenvergadering in diezelfde maand moest echter worden beslist over het voortbestaan van de vereniging, dat op dat moment aan een zijden draadje hing. Volgens het Nieuwsblad voor Castricum van 4 oktober 1966 was het aantal leden namelijk gedaald van 1200 naar 180 en dat had te maken met verschillende problemen, zoals het wanbeheer van materialen en een financiële chaos die het bestuur had achtergelaten. Daarom bleek het onmogelijk om een nieuwe lichtinstallatie van minstens 10.000 gulden aan te schaffen, omdat er op dat moment slechts 2.000 gulden in kas was.

Het nieuw gekozen bestuur onder leiding van voorzitter Kernkamp wilde er toch de schouders onder zetten, want de installatie was dringend noodzakelijk. Toen werd besloten aan de Castricumse bevolking per brief een oproep te doen om aan de verlichting extra steun te verlenen. Uiteindelijk lukte het om die winter een nieuwe installatie te plaatsen. Dat betekende wel dat de contributie van 2,50 gulden


Jaarboek 36, pagina 8

naar 5 gulden ging en dat de burgers werden uitgenodigd in te tekenen op een renteloze lening. Ook een inzameling onder de middenstand was noodzakelijk om het benodigde geld bij elkaar te krijgen.
Een jaar later werd in de ledenvergadering geconcludeerd dat de vereniging er weer redelijk voorstond en het aantal leden was toegenomen.

Op 19 april 1967 vroeg de vereniging Koninklijke goedkeuring aan om als rechtspersoon te worden erkend. Vanaf 2 juni van dat jaar ging de club als ‘Vereniging Kennemer IJsbaan’ (VKIJ) door het leven. In het najaar van dat jaar werd op advies van de KNSB de ijsbaan in tweeën gedeeld door een dijk aan te leggen, opdat de baan eerder berijdbaar ijs zou opleveren. Ook werd bij harde wind de golfslag door de dijk gebroken en konden er mensen op staan bij schaatsevenementen. De dijk is trouwens nog jarenlang gebruikt door bruidsparen voor huwelijksreportages.

Het bruidspaar Jan Breggeman en Joke Huitenga liet zich in februari 1970 ook fotograferen op de dam.

Dorpsdichter A. van Kluyve (1896-1983) schreef voor het Nieuwsblad voor Castricum een aantal gedichten over de Kennemer IJsbaan. Dit gedicht verscheen in de krant van 26 september 1967:

KENNEMER IJSBAAN

Wilt U van de winter schaatsen?
Zet Uw hoedje dan maar af
Voor het koppel harde werkers,
Dat zich zo elanvol gáf!

Toen de zomer zalig wenkte,
In het ijsbaan-wel-en-wee.
Maar ontplooiden zich als mánnen

Bruinden zij niet aan de zee.

Van het ‘wél’ was weinig over
Van het ‘wee’: een ijsbaan vol!
Vele jaren van berusting
Vroegen duidelijk hun tol!

Toen het nieuwe bloed ging stromen
Door ’t bestuur en ledental,
Trok men de registers open
Onder ’t motto: ’t moet en ’t zal!

De verlichting, wrak en molmig,
Is vernieuwd en licht U bij
In Uw ijsvermak’lijkheden,

Groep aan groep en rij aan rij.

Strijk Uw streek en schaats Uw baantje,
Krul Uw krul en trek Uw baan,
Maar, bedenk bij alle vreugde:
Wat al niet is hier gedaan.

Heel de opzet van de ijsbaan
Is gereorganiseerd!
Doch wordt dit wel bij de leden

Waarlijk ernstig gewaardeerd?

Wel, Uw kans is nú aanwezig
Om in ’t voorspel van de vorst
De vergad’ring te bezoeken:
Achtentwintig/negen: Borst!

Dáár doet men U uit de doeken
Hoe het met de ijsbaan zit.
Bent u nog niet aangesloten?
Wel, dan wordt U zeker lid!

A. van Kluyve

In de winter 1967-1968 organiseerde de schaatsclub voor het eerst bustochten naar de Jaap Edenbaan in Amsterdam, waar zeer grote belangstelling voor was. Om die reden werd dit initiatief het jaar daarop geprolongeerd.
Ook de muziek werd aan de tijd aangepast. Secretaris Theo van Nuysenburg verzorgde een tijd lang de muziekbanden en bracht er een nieuw element in door er tekst bij in te spreken.
Nieuwjaarsdag 1970 was geen geluksdag voor de vereniging. Schaatsenrijder Baltus uit Egmond brak op het ijs zijn enkel en diezelfde nacht werd de bandrecorder uit de kantine gestolen.

In 1978 werd een nieuwe kantine in gebruik genomen.

Jaarboek 36, pagina 9

Op 3 november 1975 verscheen er een noodkreet in de krant. Omdat meer dan de helft van het bestuur aftrad, dreigde het met liquidatie indien zich geen kandidaten voor de opengevallen plaatsen zouden aanmelden. Gelukig kwamen die er wel, evenals nieuwe leden, zodat de baan behouden bleef. De winter daarop werd gekenmerkt door veel kou en dus ook veel ijs.
Op 6 mei 1977 nam de vereniging voor 3.000 gulden een gebouwtje over van het PWN, wat de accommodatie duidelijk ten goede kwam.


Voorzitter Mart Benard.
Voorzitter Mart Benard.

Herinneringen van voorzitter Benard

Mart Benard (1928) leidde VKIJ van 1969 tot 1976 en vertelde hoe hij bij de club terecht kwam:
“Mijn gezin ging in 1965 in Castricum wonen. Ik was altijd een groot schaatsliefhebber en las in het najaar van 1966 in de krant dat er een vergadering was uitgeschreven waarin de Kennemer IJsbaan waarschijnlijk opgeheven zou worden. Ik ben daar toen naartoe geweest in de Harmonie, want ik vond dat zoiets niet mocht gebeuren. Samen met Kernkamp, Van der Meulen, Van Nuysenburg en Broerse heb ik toen mijn vinger opgestoken en ik nam met deze heren direct zitting in een nieuw bestuur onder leiding van Kernkamp.

Ik werd vice-voorzitter en kreeg wat technische zaken op mijn bordje, zoals het onderhoud van de baan en het verbeteren van de muziek en de verlichting. Omdat ik bij de Hoogovens werkte, was ik in de gelegenheid om wat gebruikte materialen tegen een zeer gereduceerde prijs over te nemen. Zodoende konden we beschikken over nieuwe lichtmasten, lampen en kabels. Op een zaterdag in november 1966 zijn we met een groep van ongeveer 25 man sleuven gaan graven en ’s middags lagen de kabels erin. Met behulp van een dieplader van transportbedrijf Piet Lute zijn de lichtmasten naar de Zeeweg gebracht en nadat wij een hoogwerker van Duin en Bosch konden lenen, zijn de masten geplaatst. Dit gebeurde allemaal onder toezicht van de heren Uiterwijk, Winkel en Nonnekes, die bij het PEN werkten.

In 1969 volgde ik Daan Kernkamp op als voorzitter. Helaas is er tijdens mijn periode weinig ijs geweest, maar de vereniging zat allerminst stil. Regelmatig gingen we met bussen vol kinderen en begeleiders naar de Jaap Edenbaan in Amsterdam. Naast mijn voorzitterschap had ik diverse nevenactiviteiten vanuit het gewest Noord-Holland / Utrecht van de KNSB. Een keer per jaar kwamen de voorzitters van de ijsverenigingen uit die provincies bij elkaar. Ook speelde in die jaren de oprichting van de kunstijsbaan in Alkmaar. Om die baan te kunnen financieren werd aan de voorzitters van de ijsclubs gevraagd certificaten te verkopen. Dat lukte vrij goed. In 1972 werd de baan in Alkmaar geopend en vanaf dat moment waren we in de gelegenheid om daar op vaste uren te gaan trainen.

De crisis vanwege onvoldoende bestuursleden in 1975 overleefden we gelukkig ook weer. Aangezien ik ook jeugdvoorzitter was van de naastgelegen voetbalclub CSV, kon ik beide functies niet meer combineren en trad ik in 1976 af als voorzitter van VKIJ. Toen kregen we ook nog te maken met het voorstel van voorzitter Duinker van CSV om de ijsbaan maar op te doeken en de grond te gebruiken voor de uitbreiding van de voetbalvelden. Gelukkig is het nooit zover gekomen!”


De winter van 1978 kende ook ijs, alleen was dat niet zo sterk. De veegmachine ging er dan ook prompt doorheen. Ook begin januari 1979 was de baan open. Door een enorme sneeuwval begon het ijs echter te scheuren en moest de sneeuw met handkracht weggeschept worden. Omdat er maar weinig vrijwilligers de handen uit de mouwen staken, werd er een oproep in het Dagblad Kennemerland gedaan voor mensen die de ijsbaan schoon wilden maken.

Het ijs wordt geveegd in 1979.
Het ijs wordt geveegd in 1979.

Vernieuwingen

De jaren 1980 stonden voor de vereniging in het teken van diverse vernieuwingen. Tot december 1981 konden alleen hoofden van gezinnen en alleenstaanden lid worden, maar later was een eigen lidmaatschap verplicht. Daarbij werd


Jaarboek 36, pagina 10

de minimumleeftijd om lid te kunnen worden verlaagdvan 17 naar 16 jaar.
Wat de schaatssport betreft werd er in de ijsloze winterssteeds meer gebruikt gemaakt van de kunstijsbaan in Alkmaar. Men organiseerde bustochten naar ‘De Meent’ voor zowel jong als oud, waar veel belangstelling voor was. De schaatstrainingsgroep ging na 10 jaar afwezigheid in het voorjaar van 1983 opnieuw van start op de zondagochtend.


De schaatstrainingsgroep onder leiding van Henk Schürmann in september 1971.

De Schaatstrainingsgroep

De eerste schaatstrainingsgroep ontstond spontaan in de jaren 1960 onder leiding van Dick Molenkamp. Men had toestemming gekregen van de heer Duinker van het PWN om ’s avonds het duin in te gaan en de ploeg werd steeds populairder. Molenkamp ging zelfs een cursus voor trainer volgen in Amersfoort. De groep zorgde eens voor hilariteit toen een patiënt van Duin en Bosch in een wit trainingspak was ontsnapt. Een broeder dacht hem te zien lopen en holde achter hem aan, maar toen bleek het de laatste man van de schaatstrainingsgroep te zijn …
Henk Schürmann jr. nam rond 1969 de training van Dick Molenkamp over en bouwde de groep verder uit met een aparte groep jeugdleden. Onenigheid en klachten over de opkomst leidden er echter toe dat men in de zomer van 1973 besloot om de groepen te ontbinden.

Op 1 juli 1981 ging men nog wel van start met een seniorenploeg en op 1 september van dat jaar werd de duintraining omgezet in een zaaltraining.
Op de jaarvergadering van 13 oktober 1982 kwam het punt schaatstrainingsgroep weer aan de orde. Omdat er geen nieuwe leden meer bijkwamen en het bestuur bang was dat de vereniging zou doodbloeden, bleek er behoefte onder de leden tot het oprichten van een nieuwe groep. Er werd vervolgens een oproep gedaan in de krant om zich hiervoor aan te melden, wat resulteerde in een lijst van enthousiaste mensen. Op 27 april 1983 werd de ‘Schaatstrainingsgroep Castricum / Bakkum’ opgericht. Onder leiding van Henk Zonneveld werd op 4 juni van dat jaar met de trainingen begonnen. Van de nieuwe schaatstrainingsgroep, afgekort STG, reden de leden Herman Becker, Rinus Spranger en Ton Rongen op 22 februari 1985 de Elfstedentocht uit. Een jaar later waren er zelfs twaalf leden die de tocht der tochten volbrachten.

Jan Breggeman.

Een van hen was Jan Breggeman, die al ruim 30 jaar actief is voor VKIJ en het volgende wist te vertellen:
“Ik ben mijn hele leven een schaatsliefhebber geweest en reed veel in de Zaanstreek, omdat ik tot 1972 in Krommenie heb gewoond. Daarna verhuisde ik naar Castricum en deed toen al mee met een loopgroepje, waar mijn zwager Ed Huitenga ook in zat. Ik ben eind 1982 lid geworden van de vereniging en nam direct zitting in het bestuur. Ook ging ik mij met de nieuwe schaatstrainingsgroep bezig houden en werd daar later na het volgen van een cursus ook trainer van. We trainden ’s winters op de zondagmorgen in het duin en op donderdagavond op het atletiekveld naast de ijsbaan. Op vrijdagavond schaatsten we dan in Alkmaar. Toen er een licentiegroep (bestemd voor talentvolle wedstrijdschaatsers waarvoor de KNSB speciale trainingsuren beschikbaar stelt) bij kwam voor jeugd, moesten we tijdelijk uitwijken naar de ijsbaan in Haarlem, omdat er in Alkmaar geen plaats meer was. In die tijd gaf ik vier keer per week les en dat heb ik volgehouden tot rond 2005, want je moet een keer


Jaarboek 36, pagina 11

stoppen. Daarnaast heb ik bijgedragen aan de oprichting van een marathonploeg voor veteranen, die nog steeds (in 2013) bestaat. Ook was ik betrokken bij diverse verbouwingen voor de club, omdat ik van origine bouwkundige ben. Nadat ik in 2008 met de VUT ging, heb ik voorgesteld een team van circa vijf personen te vormen die de baan en het clubhuis onderhouden. Ik ben nu het aanspreekpunt van de werkgroep Onderhoud, die prima functioneert, en regel de onderlinge contacten en die met het PWN. En wat het schaatsen betreft, dat doe ik nog altijd met veel plezier. Niet alleen aan de Zeeweg, maar ook op de kunstijsbaan. Daar blijft het niet bij, want ik rij zo gauw als het kan ook op natuurijs in Friesland en in de polders van Noord-Holland. Af en toe ga ik ook mee met een groep liefhebbers naar de Weissensee in Oostenrijk. Mijn grote wens is om aan mijn twee Elfstedentochten nog een derde toe te voegen en de tocht bij daglicht te kunnen volbrengen. Naast het schaatsen train ik ook nog met hardlopen en doe elk jaar nog mee aan de halve marathon van Egmond.”

De schaatstrainingsgroep in maart 1988.
De STG in maart 1988.

Na de schaatswinters van 1985 en 1986 zijn in de STG (schaatstrainingsgroep) twee groepen ontstaan: de tochtenrijders en de wedstrijdrijders. Een tocht op natuurijs is namelijk heel wat anders dan het zo snel mogelijk rondjes rijden opeen ijsbaan.
In 1989 werd de STG een zelfstandige vereniging onder de vleugels van VKIJ. Achtereenvolgens werden Rinus Sprangers, Klaas Wokke en Chris van Betuw voorzitter van de nieuwe vereniging.

Als natuurwinters uitblijven, zoekt een schaatser toch andere mogelijkheden. In 1989 kwam de Weissensee in Oostenrijk (ook wel alternatieve Elfstedentocht genoemd) in beeld: 200 km op natuurijs in 8 ronden van 25 km. Herman Becker, Bert Hendrikse, Frank Leonard, Rinus Sprangers en Tijmen de Vries namen daaraan deel. Een jaar later deden er nog meer STG’ers mee, te weten Geertje Becker, Iede Boorsma, Margriet Lok en André van der Zande.
Ook werd er in 1989 een licentiegroep voor de jeugd samengesteld. Voor de deelnemers gold de eis dat zij 500 meter in 60 seconden moesten kunnen rijden. In 1990 startte Henk Zonneveld met een fietstraining voor senioren die enorm aansloeg.

De STG organiseerde ook het gezamenlijk rijden van schaatstochten in Nederland als de vorst die mogelijk maakte. Een van de eerste was de Eilandspoldertocht, een rit van 35 km, die in de winter van 1990-1991 werd gereden.


Jaarboek 36, pagina 12

Mariska van Veen, het honderdste lid van STG, met links burgemeester Schouwenaar en rechts voorzitter Klaas Wokke.
Mariska van Veen, het honderdste lid van STG, met links burgemeester Schouwenaar en rechts voorzitter Klaas Wokke.

Op zondag 18 november 1991 kon het bestuur van de STG (schaatstrainingsgroep) het honderdste lid verwelkomen. Marisca van Veen kreeg de eer en werd door burgemeester Schouwenaar persoonlijk gelukgewenst.

Uit een overzicht uit 1993 blijkt dat de STG naast genoemde schaatswedstrijden ook vaak deelnam aan andere sportieve evenementen, zoals de Dam tot Damloop, de grachtenloop in Amsterdam, de halve marathon van Egmond, de wintertriatlon van Heerhugowaard en een fietstocht in de Dolomieten.

In 1996 leidde het zelfstandig opereren van het bestuur van STG binnen de vereniging tot onduidelijkheden en conflicten. Daarom benoemden de STG en VKIJ in1997 een commissie van wijze mannen om de meest gewenste organisatievorm te bepalen. Daarop werd besloten dat de STG weer onder de verantwoordelijkheid van VKIJ viel.
Er volgde na 1997 een lange periode waarin het ijs ontbrak, maar zowel door de jeugd als de oudere leden binnen de STG werd volop geoefend op de baan in Alkmaar. Ook werd de conditie van jaar tot jaar op peil gehouden door middel van loop- en fietstrainingen.
De STG nam in juni 2009 op ludieke wijze afscheid van het schaatsseizoen door een stepwedstrijd te houden tussen de licentie- en recreatieschaatsers over een tracé van 15 km door de Castricumse duinen. Daarvoor was het jarenlang een traditie om het seizoen af te sluiten met een taartenloop.
Anno 2013 is de STG volledig geïntegreerd in VKIJ, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen actieve leden en ‘vrienden’ van de vereniging.


Het nieuwe logo van VKIJ uit 1984.
Het nieuwe logo van VKIJ uit 1984.

Het eerste clubblad van VKIJ verscheen in maart 1984, dat direct met enthousiasme werd ontvangen. In hetzelfde jaar kwamen er logo’s voor de vereniging en de schaatstrainingsgroep. Dit resulteerde in strakke afbeeldingen met daarop twee schaatsers.

De keet die van het PWN werd overgenomen.
De keet die van het PWN werd overgenomen.

Een derde vernieuwing in dat jaar was de aanschaf van een keet, die voor 500 gulden van het PWN werd overgenomen en in september naast de bestaande accommodatie werd gezet. Dit gebouwtje stond bij Kijk-Uit en had tot die tijddienst gedaan als werkruimte en kantoor van het nabijgelegen filmmuseum.

De vereniging plaatste in de loop van 1985 een grotere kantine, die met toiletten, koud en warm water, een nieuwe balie en een kleedruimte voor de schaatstrainingsgroep volledig aan de eisen van de tijd voldeed.

Arie Lute en Piet Zomerdijk achter het loket in 1991.
Arie Lute en Piet Zomerdijk achter het loket in 1991.

De winter van 1985 telde 24 dagen natuurijs. Op een zondag in januari passeerden enkele duizenden bezoekers de kassa van de ijsbaan aan de Zeeweg. Op voorstel van Arjan Lute werd in die periode een draaiboek samengesteld voor de gang van zaken op en rond de ijsbaan. Op basis van nieuwe ideeën en ervaringen werd deze handleiding elk jaar zo nodig bijgewerkt.


Jaarboek 36, pagina 13

Begin 1986 werd afscheid genomen van Jan Zonneveld die meer dan 50 jaar actief was voor VKIJ.
Begin 1986 werd afscheid genomen van Jan Zonneveld die meer dan 50 jaar actief was voor VKIJ.

Nieuw was ook het in het leven roepen van werkgroep enom de nodige klussen beter te kunnen uitvoeren. Tijdens de officiële opening van het vernieuwde clubhuis begin1986 werd er hulde gebracht aan Jan Zonneveld die ruim 50 jaar actief was voor de club en nu afscheid nam als bestuurslid. Zonneveld verzorgde zaken als het onderwater zetten van de ijsbaan, de muziek en hij verkocht kaartjes. Als blijk van waardering voor zijn grote inzet werd hij benoemd tot erelid. De KNSB reikte hem in dat jaar de zilveren bondsspeld uit.

In januari 1987 konden voor het eerst de dweilmachines worden ingezet. Zo was men in staat om verraderlijke scheuren nog beter te dichten. Het resultaat mocht gezien worden, want naburige verenigingen kwamen zelfs kijken hoe VKIJ dat deed. Het was die winter weer druk aan de Zeeweg, waar een aantal activiteiten werd georganiseerd om de gezelligheid te verhogen. Zo kon men meedoen aan ijsdansen (zwier- en zwaaiavond), een ijsdisco-avond en werd er een kortebaanwedstrijd voor de jeugd gehouden. Een Castricumse opticien maakte van de strenge vorst gebruik door het volgende rijmpje in een plaatselijke krant te plaatsen:
“Een schaatser kwam in een wak, z’n zicht was tamelijk zwak, men raadde hem aan naar ons toe te gaan, nu ziet hij een wak met gemak.”

Ter gelegenheid van het 55-jarig bestaan van VKIJ werd er in 1988 een jubileumboekje uitgegeven. Jan Breggeman had daarvoor zoveel mogelijk feiten en gebeurtenissen uit de geschiedenis tot dat moment verzameld en deze ook beschreven. Het voorwoord was van oud-voorzitter Mart Benard en naast een hoofdstuk over de schaatstrainingsgroep bevatte het boekje onder andere een lijst met ereleden, bestuursleden en leden van verdienste. De vereniging telde toen ruim 800 leden.

Na vier jaar wachten op natuurijs kon er in februari 1991 weer geschaatst worden aan de Zeeweg, zij het voor zeer korte duur.


De jeugdschaatsklas in 2007 met trainer Theo Versteegen uiterst links.
De jeugdschaatsklas in 2007 met trainer Theo Versteegen uiterst links.

Jeugdschaatsen

Rond 1991 voerde Robert Pel een schaatsklas in, die enorm aansloeg. Kinderen van 9 – 12 jaar leerden zodoende gedurende 10 lessen de beginselen van de schaatskunst op de Meent. Na afloop kregen zij een schaatsdiploma, uitgegeven door de STG (schaatstrainingsgroep).


Jaarboek 36, pagina 14

In 1993 nam Eugene Valkonet de taak van Robert Pel over. Ellen Teeling assisteerde als stagiaire en werd later ook trainer. De jeugdschaatsklassen groeiden van12 naar 16 kinderen en werden een jaarlijks succes onderdeel van de vereniging. Van 1996 tot 2010 werd Theo Versteegen hoofdtrainer bij het jeugdschaatsen. De lessen werden uitgebreid en klassen werden vergroot tot 45 – 60 kinderen per seizoen met ondersteuning van meerdere trainers en begeleiders.
Al met al hebben zo’n 1000 kinderen inmiddels kennis gemaakt met het jeugdschaatsen binnen VKIJ. Op basis van de resultaten van de schaatsproeven zijn de deelnemers in het bezit van de officiële KNSB-diploma’s (opklimmend van A t/m F).


Vriezen en dooien

Bij brief van 25 oktober 1995 uitte VKIJ richting het college van burgemeester en wethouders een aantal bedenkingen tegen het plan van een projectontwikkelaar om in het voormalige Duin en Bosch paviljoen Kinnehin, dat zich vlakbij de ijsbaan bevond, luxe appartementen te realiseren. Het bestuur was namelijk bang dat deze woningen de exploitatie van de ijsbaan in de weg zouden staan vanwege mogelijke protesten van bewoners over geluid- en lichtoverlast. Ook maakte men zich zorgen over het gemeenschappelijk gebruik van het pad dat toegang biedt aan zowel de ijsclub als de toekomstige appartementen. Nadat de ontwikkelaar tegemoet was gekomen aan de zorgen van VKIJ, werd het bezwaarschrift ingetrokken.

Het seizoen 1996-1997 was een prima schaatsjaar, waarin naast de Elfstedentocht in het hele land tochten werden georganiseerd. De Kennemer IJsbaan is dat jaar 18 dagen open geweest en er werden veel mensen lid. Tweemaal vond er weer een ijsdisco plaats, wat opnieuw een groot succes bleek.
Tijdens deze ijsperiode heeft het bestuur een tevredenheidsonderzoek laten doen, dat als schoolproject werd uitgevoerd. Op de enquête reageerden 124 personen, waarvan de meeste lid waren van VKIJ. Over het algemeen was de meerderheid positief over de kwaliteit van de baan en het clubhuis. Over de kleedruimte was men wat minder enthousiast, maar deze lokaliteit kreeg nog altijd een voldoende. Omdat uit het onderzoek bleek dat veel mensen niet of nauwelijks op de hoogte waren van de veiligheidsvoorzieningen, achtte het bestuur het noodzakelijk dat er voortaan tijdens een ijsperiode meer aandacht werd besteed aan de EHBO.

Als gevolg van het opheffen van het bestuur binnen de STG (schaatstrainingsgroep), koos de algemene ledenvergadering van VKIJ op 29 oktober 1997 een geheel nieuw bestuur, bestaande uit negen leden.
In het kader van de ‘Jeugdvakantiecocktail’ organiseerde VKIJ in de zomer van 1998 een skeelertocht. Begin december van dat jaar lag de ijsbaan aan de Zeeweg er toen beslist nog niet schaatsklaar bij, omdat het welig tierende riet nog niet was weggehaald. Overigens had de vereniging wel een oplossing om jaarlijks het maaiwerk te omzeilen, maar daar ging de gemeente niet mee akkoord.

De baan is weer gemaaid.
De baan is weer gemaaid.

Men wilde graskarpers in de plas uitzetten, want die vreten al het gras en riet weg. De gemeente was echter van mening dat daarmee de biotoop van het gebied zou worden aangetast. “Er groeien namelijk ook zeldzame planten en er leven veel dieren. Verder is deze plas een zogeheten paddenpoel”, aldus het Noordhollands Weekblad uit die tijd.

De daaropvolgende jaren waren ronduit mager voor de vereniging door het simpele feit dat koning Winter het liet afweten. In het weekend van 19 januari 2001 kon nog wel op de linkerhelft van de ijsbaan worden geschaatst, maar daar hield het ook mee op.

In 2003 ging de lang verwachte website de lucht in en sindsdien is de vereniging digitaal te bereiken onder www.vkij.nl.
Tijdens de algemene ledenvergadering op 27 september 2006 nam Herman Bosboom na 20 jaar afscheid als voorzitter en gingen de leden unaniem akkoord met het voorstel om hem aan het lijstje van ereleden toe te voegen.


Ereleden

1966 Izaäk Kriekaard
1967 Jan Broerse
1979 Mart Benard
1979 Daan Kernkamp
1979 Jan van der Meulen
1979 Harry van Os
1986 Jan Zonneveld
2006 Herman Bosboom

Doordat de verenigingsstukken incompleet zijn, is niet na te gaan welke personen tot 1967 benoemd zijn tot erelid. Ook is niet duidelijk in welk jaar Izaäk Kriekaard deze titel kreeg.


Pas in januari 2009 brak de schaatskoorts weer uit en ging het ook op de Kennemer IJsbaan na twaalf kwakkelwinters écht los! De bestuurders van VKIJ merkten wel dat


Jaarboek 36, pagina 15

er lang niet meer geschaatst was. “Veel mensen stonden wat onwennig op het ijs, er waren veel valpartijen. En elke dag stuurden onze EHBO’ers en BHV’ers (red: Bedrijfshulpverleners) wel een of twee mensen meteen gekneusde pols naar de dokter”, zo vertelde secretaris Judith Teeling aan het Nieuwsblad voor Castricum. Deze krant meldde ook dat de vereniging in de afgelopen vorstperiode veel nieuwe donateurs mocht begroeten, waarmee de toekomst van de ijsbaan en VKIJ voorlopig weer zeker gesteld was.


IJsmeester Hans Teeling.
IJsmeester Hans Teeling.

IJsmeesters aan het woord

We weten het allemaal van de Elfstedentochten. De rol van de ijsmeester is daarbij van cruciaal belang, omdat hij de dikte van het ijs meet en mede bepaalt of de tocht doorgang kan vinden. Ook de Kennemer IJsbaan heeft al die jaren een ijsmeester gekend. Hans Teeling (1961), die vanaf 1998 tot 2010 deze functie aan de Zeeweg uitoefende, vertelde:
“Ik schaats vanaf 1972 bij VKIJ en nam toen deel aan de Schaatstrainingsgroep. Na een crisis in de vereniging werd ik lid van een schaatsclub in Limmen en vervolgens in Alkmaar. Omdat mijn oudste zoon Jan bij VKIJ ging schaatsen, kwam ik in 1995 terug als vrijwilliger. Eerst was ik fietstrainer en daarna ijsmeester. Het meten van de ijsdikte gebeurde met een door mijn voorganger Henk Post bedachte meetstok. Ik moest echter wachten tot begin 2009 voordat ik de eerste keer mocht meten en bij zo’n zeven centimeter zwart ijs het sein mocht geven dat de baan open kon. Je merkt dan dat de hele vereniging tot leven komt en er plotseling allerlei klussen nodig zijn om geluidsinstallatie, verlichting etc. weer aan de praat te krijgen. Tijdens de ijswinter 2009-2010 was ik heel veel op de baan aanwezig. We waren twee weken achter elkaar open en mijn vrouw en ik waren toen blij dat het weer ging dooien. Overigens hebben we in die winter veel last gehad van sneeuwval. Daardoor krijg je fondant ijs, waarop je totaal niet kunt schaatsen. We hebben toen in een nacht met stevige vorst na overleg met het PWN de brandweer de baan laten opspuiten. Een zeerkoude en urenlange klus, maar de volgende avond stond iedereen weer bij ons op het ijs, terwijl er elders in de polder niet gereden kon worden. Ik ben er trouwens zelf wel eens met meten doorheen gezakt, omdat het ijs vooral op de kleine baan langs het fietspad heel verraderlijk kan zijn. In 2010 heb ik mijn functie overgedragen aan Jan Breggeman en Cees van Tinteren, maar bleef wel actief voor de club. Zo heb ik drie jaar geleden een mountain-bike groepje opgericht voor met name senioren die kampen met blessures, waardoor ze niet meer mee kunnen doen aan de looptraining.”


Jaarboek 36, pagina 16

IJsmeester Cees van Tinteren.
IJsmeester Cees van Tinteren.

De huidige ijsmeester Cees van Tinteren (1941) is al jaren actief binnen de vereniging:
“In 1984 hoorde ik voor het eerst van een schaatstrainingsgroep in Castricum. Mijn neef André van der Zande vond dat wel iets voor me en toen ben ik ook lid geworden van VKIJ. Met André heb ik de Elfstedentochten van 1986 en 1997 uitgereden en nog diverse andere grote tochten in binnen- en buitenland met in 2012 nog een keer een uitschieter naar de Weissensee. Vrijwel direct nadat ik lid werd van VKIJ ben ik in het klussenteam van Jan Breggeman opgenomen.
Vanaf 2000 geef ik twee middagen ijstraining aan senioren op de kunstijsbaan in Alkmaar. Sinds een paar jaar bekleed ik ook de functie van ijsmeester. Ik was in februari 2012 nog in Oostenrijk toen hier de baan aan de Zeeweg al open ging. Tijd om thuis even bij te komen was er niet bij en ’s avonds stond ik alweer op de schaats achter de borstelmachine om het ijs te prepareren, zodat de schaatsliefhebbers uit Castricum en omgeving weer optimaal van onze gezellige baan konden genieten. Afgelopen winter heeft de natuur ons bij de neus genomen. We hadden met veel handwerk een prachtige baan geschoven op zaterdag 19 januari en wilden de volgende dag ook de tweede helft sneeuwvrij schuiven. Daar was het ijs echter nog te dun om er met meerdere mensen op te gaan. De andere baan was 6 tot 6,5 cm dik en met nog twee nachten vorst hoopten we die dinsdag daarop open te kunnen gaan. Helaas begon het zondag te sneeuwen en toen ik maandagmorgen kwam kijken was al ons werk teniet gedaan. Ruim 10 cm sneeuw erop die was gaan broeien, waardoor de toplaag van het ijs aan het smelten was en er zich een paplaag onder de sneeuw had gevormd. Het leven van een ijsmeester gaat dus niet over rozen …”


Tijdens de nieuwjaarsreceptie van de vereniging op 18 januari 2009 werd het 75-jarig bestaan gevierd. Burgemeester Aaltje Emmens – Knol was ook naar het verjaardagsfeest gekomen om voorzitter Ronald Snijders de Koninklijke erepenning te overhandigen. Die wordt toegekend aan instellingen of verenigingen bij een 50-jarig bestaan of een veelvoud met 25 jaar. Daarnaast moet de te onderscheiden club een maatschappelijk doel hebben. De Kennemer IJsbaan heeft in ieder geval ruimschoots aan die voorwaarden voldaan.
In 2009 werd de weggezakte dijk van de ijsbaan door ophoging in ere hersteld, waarbij het werk grotendeels neerkwam op de schouders van vader en zoon Boots. Daarvoor hadden zij er ook al voor gezorgd dat het looppad naar de ingang van het clubgebouw werd bestraat.

IJsmeester Hans Teeling gaf in december van dat jaar goedkeuring om de baan open te stellen en in februari 2012 konden jong en oud eveneens genieten van een weekje schaatsplezier aan de Zeeweg.

Ook burgemeester Toon Mans (met lange zwarte jas) was aanwezig bij de jeugdwedstrijden in februari 2012.
Ook burgemeester Toon Mans (met lange zwarte jas) was aanwezig bij de jeugdwedstrijden in februari 2012.

Sportief gezien werden er de laatste jaren ook de nodige successen behaald. Zo won Rutger van der Klip in 2009 voor het eerst de Slikkerbokaal in de categorie neo-senioren / senioren op ijsbaan De Meent in Alkmaar. Deze wedstrijd wordt verreden over twee keer 100 en twee keer 300 meter. In februari 2011 won hij voor de tweede keer deze bokaal, wat nog nooit door iemand in deze categorie was gepresteerd. Ook de 13-jarige Thom de Vries leverde grote prestaties door de afgelopen vijf seizoenen alle clubrecords van VKIJ in zijn leeftijdscategorie te verbeteren. Hetzelfde werd bij de meisjes gepresteerd door de 14-jarige Pauline Verhaar.
Arjen Becker, die een aantal jaren lid was van VKIJ, groeide uit tot een bekende wedstrijdschaatser en legde tijdens de Nederlandse kampioenschappen marathonschaatsen op 23 december 2010 nog beslag op de derde plaats.

Ronald Snijders spreekt de leden toe tijdens de nieuwjaarsreceptie in 2012.
Ronald Snijders spreekt de leden toe tijdens de nieuwjaarsreceptie in 2012.

Een trotse voorzitter

Ronald Snijders (1958) volgde in 2008 Ron de Haan op als voorzitter van VKIJ. Ondanks dat er niet elk jaar ijs is, heeft hij zijn handen vol aan het leiden van de club:
“Uiteraard ben ik trots op onze locatie, want waar vind je een baan met zo’n prachtige ligging? Door de beschutting duurt het wel wat langer voordat hij open gaat, maar het voordeel is weer dat het ijs langer blijft liggen. Sinds mijn aantreden bij het bestuur kregen we gelijk te maken met een serieuze winter, waardoor de baan open kon. Al gauw bleek dat de verlichting vervangen moest worden. Dat jaar zijn er, mede met behulp van financiële steun van de Rabo-


Jaarboek 36, pagina 17

bank, drie lichtmasten aangeschaft; in 2012 zijn er nog eens vijf bijgekomen. Een belangrijke aanwinst is ook de totaal vernieuwde website die in 2009 werd ingevoerd, nadat het clubblad ophield te bestaan. Daarnaast beschikken we sinds twee jaar dankzij sponsors over clubkleding met opdruk van het nieuwe logo, dat is voorzien van een kroontje vanwege de Koninklijke erepenning die ons in 2009 werd toegekend.

De jeugdgroep in nieuwe sponsorkleding.
De jeugdgroep in nieuwe sponsorkleding.

Tevens is het wedstrijdschaatsen de afgelopen vijf jaar opeen hoger peil gebracht en zijn saamhorigheid, conditie en schaatstechniek bevorderd door onder andere skeeleren in de zomer en deelname aan marathonwedstrijden in de winter. Naast de exploitatie van de ijsbaan zal het bestuur zich de komende jaren moeten richten op een plan voor de toekomst, omdat verjonging van zowel actieve als recreatieve leden hard nodig is. De vereniging heeft genoeg te bieden en dat moet duidelijk zichtbaar zijn voorde buitenwereld.”

Slotwoord

Het mag een prestatie worden genoemd dat een club als VKIJ er na 80 jaar gezond voor staat. Een aantal keren was het namelijk de vraag of de vereniging als gevolg van een crisis kon blijven bestaan, maar steeds stonden er weer mensen op die de club van de ondergang wisten te redden. Jarenlang bleef VKIJ in winterslaap, omdat de weergoden niet meewerkten. Ongetwijfeld zullen de schaatsliefhebbers echter ook volgend jaar hun ijzers weer aan de Zeeweg onderbinden. IJs en weder dienende!

Hans Boot

Bronnen

  • Archiefmateriaal Vereniging Kennemer IJsbaan en PWN.
  • Edities Castricumse en regionale kranten.

Met dank aan: Mart Benard, Jan Breggeman, Nettie Ruijter (overl.), Cees Schulte, Ronald Snijders, Eric Tabak, Hans en Judith Teeling, Cees van Tinteren, Theo Versteegen, Roel van de Waal en Jan Zijlstra.


Print Friendly, PDF & Email