Vinkebaan (Jaarboek 16 1993 pg 34-38)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 16, pagina 34

 

De Vinkebaan en zijn bewoners tot 1943

 

Als onderdeel van de route Beverwijk – Castricum – Bakkum – Egmond is de Vinkebaan al eeuwenlang een weg waar veel doorgaand verkeer gebruik van maakt. De Vinkebaan is aan beide zijden bebouwd geweest. Tijdens de oorlogsjaren in 1942 en 1943 werden alle panden gesloopt in verband met de aanleg van een verdedigingslinie van de Duitsers langs de gehele kust. Voorbij de spoorwegovergang kon de weg worden afgesloten door enorme kantelbare betonblokken. Na de oorlog zijn aan de noordkant weer opnieuw huizen gebouwd. De zuidzijde van de Vinkebaan bleef onbebouwd, evenals de westzijde van de Mient vanwege de stedebouwkundige wens het zicht op de duinrand vrij te houden.

De eerste foto geeft een beeld van de Vinkebaan vanaf de spoorwegovergang in 1907 toen het nog een onverharde weg was. De volgende foto laat de Vinkebaan zien enkele jaren voor de afbraak. Aan de rechterkant van de straat voor het eerste huis staat tuinman Willem Groot die bij wijze van hobby sterke drank vervaardigde tot cognac aan toe. Naast hem staat Egbert Fiat, die werkzaam was bij de spoorwegen.

Voor de overweg, aan de Mient dus, stond het spoorhuis waarin eerst de familie De Zeeuw woonde en later overwegwachter Hijstek. Cees de Zeeuw en zijn vrouw Anna Briefjes waren beiden in dienst van de spoorwegen; Cees bij het onderhoud en Anna als overwegwachtster. Ruim 24 jaar heeft zij dit werk gedaan. Aan de overzijde van de Ruiterweg en dus ook tegen de spoorlijn aan, daar waar nu de Helmkade begint, stond de bakkerij ‘De Hoop’ van Hemmer.
Ten westen langs de spoorlijn lag een notweg (nu nog zichtbaar). Red: Een notweg is een weg over andermans land). Aan het einde van dat pad woonden de wed. A. Zonneveld en de broers Frans en Jaap IJpelaan. Het huisje van Frans en Jaap was heel laag; het pannendak hing ongeveer een meter boven de grond.

Verder aan de linkerkant van de Vinkebaan op nr. 6, woonden Jan en Siem Ooms. Eerst woonden zij samen met hun zuster, maar die ging later in het zo geheten Armenhuis wonen aan de Overtoom. Jan werkte in de tuin van het ziekenhuis Duin en Bosch. Broer Siem handelde in huiden van katten, konijnen, mollen enz. Met een bakfiets haalde hij zijn handel op. Deze bakfiets had maar één trapper, aan de andere kant zat alleen maar een steun voor zijn houten been. Toen in die tijd kinderen iets uithaalden, dreigden moeders met de woorden:”Als het weer gebeurt, verkoop ik je aan Siem Ooms.”

Overzicht Vinkebaan, links vanaf Jan en Siem Ooms (nr. 6) en rechts vanaf Willem Groot (nr. 1).
Overzicht Vinkebaan, links vanaf Jan en Siem Ooms (nr. 6) en rechts vanaf Willem Groot (nr. 1).
Vinkebaan 1907; nog een onverharde weg.
Vinkebaan 1907; nog een onverharde weg.

Jaarboek 16, pagina 35

Huisje nr. 2 van Frans en Jaap IJpelaan.
Huisje nr. 2 van Frans en Jaap IJpelaan.

 

Varkens-, runder- en paardenslagerij Huiberts.
Varkens-, runder- en paardenslagerij Huiberts.

Naast Ooms op nr. 8 woonde Piet de Vries, die Rooie Piet werd genoemd. Of dat nu kwam omdat hij rood haar had of omdat hij zich sterk inzette voor de Katholieke Arbeiders Bond is onduidelijk. Piet werkte op Duin en Bosch als opperman en was tevens tientallen jaren wethouder.

Een anekdote uit die tijd … We gaan terug naar de raadsvergadering van 6 september 1926; er is een meningsverschil over een te plaatsen urinoir. Raadslid P. Twisk sprak zijn verontwaardiging uit over de slechte toestand van het ‘urinor’ bij het station. Wethouder P. de Vries, vrezende dat het gras voor zijn voeten zou worden weggemaaid, was even verontwaardigd over het ‘urinor’, maar wist ook nog de oorzaak te vertellen: “Het water loopt de verkeerde kant uit, ik geloof dat ‘t het beste is om andersom te gaan staan!” Het woord urinoir was voor de raadsleden moeilijk uit te spreken, maar de voorgestelde oplossing was simpel!

Verder met de Vinkebaan. Naast Piet de Vries had men de varkens-, runder- en paardenslager Jan Huiberts, vervolgens fotograaf Jan Hartog en de timmerfabriek van Adrianus (Janus) Hopman. Hopman afkomstig uit Egmond was als krullenjongen in dit vak begonnen. Als gezel werkte hij in verschillende plaatsen. Omstreeks 1918 was hij knecht bij Toon Borst in Bakkum. De ondernemingsgeest van Hopman leidde ertoe, dat hij zelf een zaak begon. Hij kocht in 1920 een stuk grond aan de Vinkebaan, bouwde hierop een kleine loods en werd eigen baas. Met zeer hard werken kwam een prachtig bedrijf tot stand. In 1928 werd om en over de oude loods een nieuw bedrijfspand gebouwd. Het werk in het oude gebouw ging gewoon door totdat de vloer gelegd moest worden.
Op het gebied van de sport was Hopman zeer aktief. Omstreeks 1920 richtte hij in Castricum een gymnastiekvereniging op, met de naam ‘Vlugheid en Kracht’. Door gebrek aan belangstelling en ook wel door tegenwerking ging de vereniging na enkele jaren over de kop. Bij het oude CSV heeft Hopman ook nog gevoetbald o.a. met Dorus Schermer, de latere keeper en voorzitter van Vitesse.

Naast Hopman op nr. 18 was groenteboer Willem Nanne gevestigd. Daar kon men tevens potten, pannen, garen enz. verkrijgen; een kleine supermarkt dus. Naast de winkel van Nanne liep een pad naar de Duinenboschweg, nu de Zanderijweg genoemd. Aan twee kanten stonden elst-hagen en in de volksmond werd het ‘het padje van Nanne’ genoemd. Naast het pad woonde Doris Brakenhoff, tuinder en Arie Stet, die bij de gemeente werkte. ‘s Morgens en ‘s avonds ging hij met de ladder op zijn schouder op pad om de gaslantaarns in het dorp te doven respectievelijk aan te steken. Naast Stet woonde slager Jan Jonker (opvolger van slager Ostheimer). Slager Jonker kreeg 14 kinderen en dat werden bijna allemaal hele goede sportlui. Op een gegeven moment draaide het 1e elftal van Vitesse bijna geheel op de Jonkers. Naast dit gezin woonde Van Beek, verpleger op Duin en Bosch. Dan volgde Tiemstra, overwegwachter en bestuurslid van CSV.
Op nr. 32 woonde tuinder Hendrik Wulp, die zijn moeilijk ter been zijnde vrouw zittend in een leunstoel per bakfiets vervoerde. Op nr. 34 woonde Trijn Brakenhoff, die Trijn Lunt werd genoemd, naar haar vader, want dat was Jan Lunt (Brakenhoft). Naast haar woonde Grietje Limmen, schoonmaakster van de Augustinusschool.

Nummers 12 - 20: Hartog, Hopman, Nanne en Brakenhoff.
Nummers 12 – 20: Hartog, Hopman, Nanne en Brakenhoff.

 

Timmerfabriek 'De Volharding ' van A. Hopman omstreeks 1925. Op de foto staan rechts Janus Hopman met zijn kinderen Sjaan en Martinus. De motor waarmee Hopman de provincie doorkruiste is een 4 cilinder A.E.C.
Timmerfabriek ‘De Volharding ‘ van A. Hopman omstreeks 1925. Op de foto staan rechts Janus Hopman met zijn kinderen Sjaan en Martinus. De motor waarmee Hopman de provincie doorkruiste is een 4 cilinder A.E.C.

Jaarboek 16, pagina 36

Winkel van Willem Nanne (nr 18); in de deuropening staan Annie en Corrie Nanne.
Winkel van Willem Nanne (nr 18); in de deuropening staan Annie en Corrie Nanne.

 

 Overzicht Vinkebaan vanafwinkel Nanne naar de Bakkummerstraat toe (in 1928).
Overzicht Vinkebaan vanafwinkel Nanne naar de Bakkummerstraat toe (in 1928).

 

Schoenmaker Hijstek (nr. 9) en manufacturenwinkel van de wed. JA. Meyer (nr. 11).
Schoenmaker Hijstek (nr. 9) en manufacturenwinkel van de wed. JA. Meyer (nr. 11).

 

De panden nr. 22 en 24 van resp. Arie Stel en slager Jonker.
De panden nr. 22 en 24 van resp. Arie Stel en slager Jonker.

 

Tuinder Cees Sprenkeling (nr. 17).
Tuinder Cees Sprenkeling (nr. 17).

Jaarboek 16, pagina 37

 Winkel van de wed. J.A. Meyer.
Winkel van de wed. J.A. Meyer.

Nu weer terug naar het begin van de Vinkebaan bij de spoorweg overgang. Aan de rechterkant woonde tuinman Willem Groot, zoon van Cees de Groot, dan Egbert Fiat en Rein Kok, die wat koeien hield. Rein en zijn vrouw Griet hadden heel lang een petroleumlamp, die je laag moest draaien en uitblazen als het bedtijd werd. Tenslotte kregen ze gaslicht, hoewel er al elektriciteit was. Griet, die uitblazen gewend was, zei in het begin steevast: “Rein blaas jij de lamp effies uit.” Het is altijd goed afge lopen.
Vervolgens woonde op nr. 7 Floor de Groot, metselaar. Hij was gehuwd met dochter van Kees Stuifbergen, de koster. De nummers 9 en 11 was een dubbel woonhuis; op nr. 9 woonde eerst Jan Stroomer, gemeentewerkman, later Jan Groentjes en weer later schoenmaker Hijstek. In de andere helft van het huis op nr. 11 woonde de wed. J. Meyer. Zij had een manufacturenzaak. Haar dochter Marie heeft de zaak in 1943 voortgezet in de Bakkummerstraat. Deze winkel bestaat nog steeds.

Op nr. 13 woonde eerst Piet Ooms en zijn vrouw Jans; zij stierven vlak na elkaar door een griepvirus in 1936 en werden samen op dezelfde dag begraven. Daarna bewoonde poelier Cor Lute dat huis. Ernaast – het was ook een dubbel woonhuis – woonde op nr. 15 de wed. Nijman, die een melkzaak had. Op nr. 17 woonde boer Kees Sprenkeling, die naar velen zich herinneren, altijd dezelfde bijzondere broek met een klep van voren aanhad. Buurman Bernard Piepers, op nr. 21 , werkte op de papierfabriek en had ook een sigarenwinkeltje. Op nr. 23 woonde Chris Beusman, verpleger bij Duin en Bosch en op nr. 25 Gerrit Koppes, fabrieksarbeider. Op nr. 27 woonde Cees de Zeeuw afkomstig van het spoorhuis en op nr. 29 Paul Kuijs, kok bij Duin en Bosch.
In het laatste huis nr. 31 woonde Bertus Nootebos de timmerman, die eigenlijk wagenmaker was.

In verband met de afbraak van de woningen zijn vele bewoners elders in het dorp ondergebracht of vertrokken naar andere plaatsen in Nederland. Aan de Vinkebaan zijn de bewoners nooit meer teruggekeerd.

J.J. Stuifbergen L. Zonneveld

Bronnen:

Gemeentearchief Castricum
Streekarchief Alkmaar
Informatie van diverse ex-bewoners van de Vinkebaan.

Bijzondere dank aan de heer M. Hopman voor zijn vele inlichtingen.

Timmerbedrijf G.A. Nootebos (nr. 31-33); voor het bedrijfstaan Jan Vlaar met echtgenote en Bertus Nootebos.
Timmerbedrijf G.A. Nootebos (nr. 31-33); voor het bedrijfstaan Jan Vlaar met echtgenote en Bertus Nootebos.
Print Friendly, PDF & Email