Oud-Castricum vernieuwt

Bij de Werkgroep Oud-Castricum vonden het afgelopen jaar veel veranderingen plaats. Voorzitter Peter Sibinga is trots op de resultaten, maar houdt de vinger aan de pols.

Het is tegenwoordig geen eenvoudige klus om een stichting als Oud-Castricum te leiden. De werkgroep heeft zich sinds de oprichting in 1967 duidelijk op de kaart gezet en inmiddels heel veel bijgedragen aan het onderzoeken en beschrijven van de historie van Castricum en Bakkum.


De voorzitter in de vernieuwde tentoonstellingsruimte.

Peter Sibinga nam twee jaar geleden het voorzitterschap op zich: “Er was op dat moment veel werk aan de winkel, omdat de viering van ons jubileumjaar moest worden voorbereid en ook de uitbreiding en herinrichting van ons gebouw De Duynkant op de rails stond. Gelukkig heeft de werkgroep altijd kunnen bouwen op een zeer enthousiaste club vrijwilligers, dus ik had er het volste vertrouwen in dat alles zou gaan lukken.” Op 16 mei 2017 bestond Oud-Castricum 50 jaar, waarvoor het gehele jaar activiteiten werden georganiseerd. Sibinga: “We waren nadrukkelijk in het dorpsbeeld aanwezig en kregen zeer veel positieve aandacht. Helaas heeft dat niet gezorgd voor een groei van het aantal donateurs. Vorig najaar konden we dan eindelijk starten met de verbouwing die door Castricumse ondernemers is uitgevoerd. De oplevering is nabij en ook dat resultaat mag er zijn. We beschikken nu over een fraaie filmzaal die ook voor vergaderingen kan worden gebruikt en onze tentoonstellingsruimte heeft nu een professionele uitstraling. Samen met natuurclubs hebben we ook de tuin opgeknapt en beplant met inheemse planten. De tuin is nu bij- en vlindervriendelijk. Het is nog wel aardig te vermelden dat we er de naam ‘Gulle tuin’ aan gegeven hebben, omdat we er achter kwamen dat over onze grond in de 19e eeuw een weg liep die Gulleweg werd genoemd.”

TOEKOMSTVISIE

Ook de entree van Oud-Castricum werd opgeknapt.

Op de vraag of er binnen de werkgroep door deze vernieuwingen ook veel verandert antwoordt de voorzitter: “Stilstand is achteruitgang. We zullen kritisch moeten kijken naar wat we doen en hoe we het doen. Het is van belang dat we ons schitterende pand straks optimaal benutten. Ook streven we naar een nog intensievere samenwerking met historische verenigingen in onze omgeving, zonder de eigen identiteit te verliezen. Vanzelfsprekend willen we ook goede contacten blijven onderhouden met de gemeente. Rekening houdend met een nieuwe samenstelling van de gemeenteraad en het college zullen we ervoor zorgen dat we een serieuze partner zijn op het gebied van archeologie en cultuurhistorie van ons dorp. Ook participeren wij in het IJmondoverleg en zijn er nauwe banden met de Stichting Oer-IJ, het Huis van Hilde en het Strandvondstenmuseum. Om op langere termijn goed beslagen ten ijs te komen wordt er gewerkt aan een toekomstvisie, waarin vragen als ‘waar zijn we goed in’, ‘wat kunnen we verbeteren’ en ‘waar moeten we ons op richten’ aan de orde komen.”

UITDAGINGEN

Alhoewel Oud-Castricum nog steeds wordt ondersteund door ruim 1100 donateurs, wordt ook daarbij een kanttekening geplaatst: “Net als andere clubs, stichtingen en verenigingen ontkomen wij niet aan de vergrijzing. Als ons donateursbestand blijft teruglopen gaan we daar zeker last van ondervinden. Een van onze doelstellingen is dan ook om de komende tijd een aantal activiteiten te ontplooien om meer donateurs te werven, want wellicht weten te weinig inwoners van Castricum dat de minimum donatie slechts € 15,- per jaar bedraagt en dat zij hiervoor gratis ons alom gewaardeerde jaarboek ontvangen. Ook worden ze nog eens uitgenodigd voor een donateursavond met een interessante lezing.”

Sibinga geeft aan dat ook de vergrijzing van de werkgroepleden zorgen baart: “Vroeger werden mensen voor hun leven lid of vrijwilliger bij een organisatie. Dat is geen vanzelfsprekendheid meer. Wij hebben de indruk dat er nog steeds mensen zijn die iets willen doen voor Oud-Castricum, maar zich niet willen vastleggen voor een langere tijd. Het betrekken van deze kandidaten voor afgebakende projecten is een van de uitdagingen voor de toekomst. Een andere uitdaging betreft het meer en vaker betrekken van scholen bij onze werkzaamheden om jongeren kennis te laten maken met de geschiedenis van ons dorp. Op deze manier raken misschien ook de ouders geïnteresseerd in onze producten. Wij hebben misschien een stoffig imago, maar staan wel met beide benen in de maatschappij. Je bent nooit te oud om te beseffen dat er geen toekomst is zonder je eigen geschiedenis te kennen. Alle ideeën voor historische projecten zijn bij ons van harte welkom. Wij hebben de kennis en de middelen om er iets moois van te maken.”

VERRASSING

Omdat de uitbreiding van De Duynkant volgens de voorzitter mede tot stand is gekomen door bijdragen van diverse sponsors en de donateurs, krijgt de heropening van het pand uiteraard een feestelijk tintje: “Half juni vindt de officiële opening plaats voor genodigden. Ik kan me ook alvast verheugen op de eerste zondag van juli, waarop ons gebouw na lange tijd weer kan worden opengesteld voor het publiek en de bezoekers een boeiende tentoonstelling en film kunnen zien. We hebben besloten om onze openingstijden te verruimen door ook de derde zondag van de maand open te zijn. Voor onze trouwe donateurs hebben we nog een kleine verrassing in petto, dus ik hoop dat velen de Geversweg 1b weer weten te vinden!”

Bron: Nieuwsblad Castricum.nl – 31-5-2018 – Tekst en foto’s Hans Boot

Print Friendly, PDF & Email