Kroniek 2013 van Castricum en Bakkum (Jaarboek 37 2014 pg 118-120)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 37, pagina 118

Januari

1 De kern Castricum – Bakkum telt 22.508 inwoners, 78 minder dan op 1 januari 2012.

8  De strandpost van de EHBO Castricum en de reddingsbrigade De Strandlopers krijgen op de nieuwjaarsreceptie de gemeentelijke waarderingsspeld.

9  Karin Mulder volgt Hans Rook op als voorzitter van de stichting Muttathara.

11 Burgemeester Mans opent het jubileumjaar van AC Borst Bouw door de onthulling van een logo op de gevel van het bedrijfsgebouw op de Castricummerwerf.

13 Michel Butter is de beste Nederlander op de Halve Marathon van Egmond.

22  Mevrouw Everdina Ellens – Lemstra, woonachtig in De Boogaert, is 105 jaar oud geworden.

23  De gemeenteraad besluit permanente huisjes op campings in het buitengebied mogelijk te maken.

24  Op het terrein van Duin en Bosch gaat een centrum voor medische diagnostiek ‘Salt’ van start.

28 Wethouder Christel Portegies neemt een petitie in ontvangst, ondertekend door 80 ondernemers, waarin gevraagd wordt om een integrale visie voor het dorpshart.

Februari

2 Sportevenement Castricum Beweegt. Atleet Michel Butter en atlete en wielrenster Monique Arkenbout worden uitgeroepen tot respectievelijk sportman en sportvrouw van het jaar 2012.

3 Het carnavalsfeest voor mensen met een verstandelijke beperking, met Play Back Show onder leiding van Henny Huisman, is opnieuw een groot succes.

7  Hans Kaandorp wordt gekozen tot nieuwe voorzitter van Vitesse ’22.

8  De voorzitter van Oud-Castricum Frans Duffhues heropent het verbouwde bankkantoor van de ABN-Amro in de Dorpsstraat.

14 Hotel Het Oude Raadhuis kan dankzij de steun van een opgerichte stichting Vrienden van het Oude Raadhuis worden heropend.

23 Zeebotenvereniging De Salamander viert het 40-jarig bestaan.

Maart

7 Johanna’s Hof herdenkt het 80-jarig bestaan.

13 De gemeente maakt bekend dat Robert de Rijke voor enkele maanden als cultuurcoördinator is aangesteld. Hij zal ook worden betrokken bij de oprichting van een Cultuurplatform.

14 Wethouder Marianne Zonjee – Zonneveld is vanwege een burn-out langdurig uitgeschakeld en zal tijdelijk worden vervangen door Fred Mosk, oud-wethouder van Beverwijk.

16 Rijksmonument paviljoen Breehorn is verbouwd tot 58 appartementen voor cliënten van Dijk en Duin. Belangstellenden worden in de gelegenheid gesteld een kijkje nemen.

20 Henk Hoogervorst, oud-voorzitter van Vitesse ’22 en voormalig eigenaar van Hovor Mode, is overleden.

23 De eerste zonnecentrale met 112 zonnepanelen op het dak van het kantoor van het afval brengdepot aan het Schulpstet wordt door wethouder Christel Portegies geopend.

29 Een VVV-agentschap tegenover Hotel Het Oude Raadhuis is door burgemeester Mans geopend.

April

8 Gertjan Graas wint goud bij de Europese vakwedstrijd voor schoenmakers.

10 Ook de Socialistische Partij (SP) heeft nu een afdeling Castricum.

Burgemeester Mans onthult naast het oude raadhuis een herdenkingsmonument.
Burgemeester Mans onthult naast het oude raadhuis een herdenkingsmonument.

16 Burgemeester Mans onthult naast het oude raadhuis een herdenkingsmonument – een zwerfkei – voor Joden die in Castricum ingeschreven zijn geweest en omkwamen in de Tweede Wereldoorlog. Ton de Groot deed historisch onderzoek en nam het initiatief.


Jaarboek 37, pagina 119

20 Opening van het vernieuwde uitvaartcentrum van de Associatie Uitvaartverzorging op begraafplaats Onderlangs.

20 Joop Mooij zegeviert in de finale van het Open Castricums Kampioenschap Biljarten.

26 Henk Brandsma en Han Knebel ontvangen een Koninklijke onderscheiding. Han Knebel zette zich onder andere 40 jaar in voor de Carnavalsvereniging de Windtrappers.

28 Jongerencentrum De Bakkerij puilt uit als een voormalig lid, de wereldberoemde fotograaf Rineke Dijkstra, komt vertellen over haar werk.

30 Op initiatief van Simone Veldt – Bakker hebben amateurschilders schilderijen van koningin Beatrix vervaardigd. Ze worden onder leiding van veilingmeester Kees Kroone geveild ten bate van het Oranjefonds.

Mei

3 Van 3 tot en met 12 mei staat Camping Bakkum weer in het teken van een bijzonder verhalenfestival, de tweede editie van ‘Bakkum Vertelt’.

5 Leden van de Atletiekvereniging Castricum brengen het vredesvuur uit Wageningen naar Castricum dat op het Bakkerspleintje wordt ontstoken. Een colonne van oude legervoertuigen trekt door het dorp.

12 De Benjamins van de rugbyclub Castricum zijn eerste geworden op de Nederlandse jeugdkampioenschappen.

14  Chris de Leeuw, erelid van FC Castricum, is overleden.

15  De Castricumse Uitvaartvereniging, ontstaan uit de begrafenisverenigingen De Laatste Eer (1924) en Sint Barbara (1927) wordt opgeheven. Hiermee komt een einde aan de bijna 90-jarige historie.

22 Er wordt een oproep geplaatst vanwege de vermissing van een kunstwerk uit het gemeentehuis van Castricum. Het gaat om een aquarel van Dirk Langendijk.

Juni

1 De Kunstfietsroute kent nieuwe stops, waaronder de ‘Jacobi-vleugel’ en de Oude-Werkplaats op het terrein van Dijk en Duin.

2 Meer dan 20 koren nemen deel aan het Muziekfestival ‘Van Dorp tot Kust’, georganiseerd door het Shanty en Folksongkoor ‘De Skulpers’.

7 Toneelvereniging Forento viert het 50-jarig jubileum bij het Hof van Kijk Uit met de opvoering van een toneelstuk getiteld ‘Jachtboek van een jonkheer’, gebaseerd op het leven van jonkheer Frits Gevers, zoals beschreven in het 26e Jaarboek van Oud-Castricum.

20 De gemeenteraad stelt een nieuw bestemmingsplan voor het Buitengebied vast.

26 De eerste fase van de Schoonwatervallei is feestelijk opgeleverd. Twee gebieden langs de Schulpvaart worden ingericht voor waterberging en nieuwe natuur.

29 Inwijding van een replica van een schelpenkar die bij het Strandvondstenmuseum te zien zal zijn. Leerlingen van de Praktijkopleiding voor de Bouw Zaanstreek/Waterland hebben de kar onder leiding van leraar Jacob Beentjes gebouwd.

30 Na vier jaar afwezigheid vindt de 25e editie plaats van de ringsteekwedstrijden in Bakkum.

Juli

4 De opening van het cultuurfestival ‘Uit de Kunst’ wordt gecombineerd met het begraven van een bouwoffer op de plaats waar het Archeologisch Informatie Centrum van de provincie Noord-Holland wordt gebouwd. Wethouder Portegies overhandigt leskisten archeologie aan de basisscholen. Ook vindt de onthulling plaats van de nieuwe informatieborden die bij gemeentelijke monumenten geplaatst zijn.

5 De plaatselijke ondernemers hebben besloten tot een gezamenlijke koopavond op vrijdag.

11 Opening van een nieuwe fietsenstalling bij het station. In totaal is er nu plaats voor ruim 3.000 fietsen.

13 Emergo heeft op het Wereld Muziek Concours in Kerkrade de vijfde plaats behaald in de hoogste (amateur) divisie.

Augustus

1 Nettie Ruijter, lid van verdienste van de Tennisclub Bakkum, is op 86-jarige leeftijd overleden.

12 Voor de laatste keer knutselen voor kinderen met Vakantie Kindervreugd onder leiding van Wil Harff en Trees Knebel. Ruim veertig jaar heeft deze organisatie in de schoolvakanties allerlei activiteiten georganiseerd.

16 Het jaarlijkse timmerdorp is afgesloten met een spectaculair vuur en een duik van deelnemers en vrijwilligers in de naburige parkvijver.

17 Ad van der Park wint het Open Golftoernooi op sportpark De Puikman.

23 Drie dagen genieten van heerlijke gerechten tijdens Castricum Culinair op De Brink.

September

1 Jan Veldt presenteert zijn boek ‘Kroniek van Veldt Verhalen’.

1 Vitesse ’22 heeft een vernieuwde kantine. Architect Arjen Fruitema en de vrijwilligers Nico Kortekaas, Sjaak Lute en Niek Veldt onthullen gezamenlijk een fotowand.


Jaarboek 37, pagina 120

4 Gedeputeerde Elvira Sweet slaat de eerste paal voor het Archeologisch Informatie Centrum dat voortaan de naam Huis van Hilde zal dragen.

14 Open Monumentendag officieel geopend in Hotel het Oude Raadhuis, onder andere met een lezing van schrijver Thijs Goverde.

14 Bob Verhagen is Nederlands kampioen Triatlon geworden in de categorie onder 24 jaar.

14 Het nieuwe gebouw van de tafeltennisvereniging (TTVC) aan de Gobatstraat wordt feestelijk geopend. In 2011 werd het oude pand door brand verwoest.

Oktober
2
De 2000e Burgernet-deelnemer is door de burgemeester in het zonnetje gezet.

6  Feestelijke premiùre in het Corso-theater van de film ‘Soldaat onder het zand’; een project van filmmaakster Pauline van Vliet.

7  Dick Groot en Martin Vaalburg presenteren in Hotel Borst de eerste van drie nostalgische avonden onder het thema ‘Effe buurten’.

14 De grote zaal in dorpshuis De Kern is grondig opgeknapt en heeft nu de naam ‘Van Wallenburgzaal’. Anneke van Wallenburg (1932-2011) was van 1986 tot 2009 secretaris van de Stichting Dorpshuis De Kern.

22 Er is een heel kleine aardbeving geregistreerd, waarvan de meeste inwoners niets hebben gemerkt (2,5 op de schaal van Richter). Eelco Zwikker verkoopt nu T-shirts met opdruk ‘Castricum Aardschok 2013 Sur- vivor’.

24  Machiel Postma wordt interim-voorzitter van FC Castricum. De scheidende voorzitter Martin Vaalburg en Klaas Peijs worden benoemd tot Lid van Verdienste.

25  Dorine Uljee wordt benoemd tot erelid van de volleybal vereniging Croonenburg omdat ze 25 jaar de ledenadministratie heeft verzorgd.

25 Presentatie 36e Jaarboek van Oud-Castricum.

November

3 Marina Marcker – Feeke, voormalig hoofd van de per 1 januari 2013 opgeheven VVV – ANWB Castricum, is overleden.

7 Burgemeester en wethouders hebben besloten dat honden niet meer los mogen lopen in park Noordend. De gemeente wordt bedolven onder protesten en de burgemeester schort de werking van het besluit op.

7 Charles Roos is voor zijn verdiensten benoemd tot erelid van squashvereniging Reflex.

8 Meerten Ritzema presenteert zijn boek ‘De Gereformeerden van Castricum’.

22 Opening van een voetgangersbruggetje dat via het park Noordend een verbinding vormt tussen Limmen en Castricum.

22 Overdracht van een plaquette met een afbeelding van dokter Leenaers aan de huidige bewoners van het voormalige kruisgebouw aan de Mient.

24 Presentatie jubileumboek ‘100 jaar camping Bakkum’.

26 Marko Ducro wordt benoemd tot voorzitter van de Tennisclub Bakkum.

December

4 De gemeenteraad besluit de discussie over grootschalige oplossingen voor de verkeerssituatie van de Beverwijkerstraatweg te beëindigen. Wel wordt nader onderzoek gedaan naar verbetering van de doorstroming bij de spoorwegovergang.

4 De oprichting wordt bekend gemaakt van ‘De Stichting Oer-IJ’ die zich ten doel stelt een Geopark Oer-IJ te realiseren.

10 Henk Hoogervorst is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau vanwege zijn verdiensten voor de bloemen- en bloembollensector.

10 Ad Bom, voorheen verslaggever en columnist van het Nieuwsblad voor Castricum, is op 86-jarige leeftijd overleden.

13 Het grafmonument van dr. Jacobi op de begraafplaats van Duin en Bosch wordt overgedragen aan de directeur van GGZ Dijk en Duin.

18 Dub Stuifbergen is erelid van Vitesse ’22 geworden. Niek Veldt, Adrie de Wit, Kees de Groot en Marian Hanck zijn benoemd tot lid van verdienste.

19 Elvira Sweet, gedeputeerde van de provincie Noord- Holland, onthult in het bezoekerscentrum De Hoep de vondst van het skelet van een Russische soldaat. Er is ook een replica gemaakt van zijn uniform.

20 Medeoprichter en coördinator van de Voedselbank Joop Fijen draagt zijn taken over aan Nienke Witkamp.

31 De gemeentelijke brandweerkorpsen worden opgeheven en in het nieuwe jaar aangestuurd door de regionale commandant van de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord.

Jeanne Groentjes – Vleugel
Niek Kaan

In memoriam Lien Steeman – Borst (Jaarboek 37 2014 (pg 116)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 37, pagina 116

In memoriam Lien Steeman – Borst

Lien Steeman - Borst
Lien Steeman – Borst

Op 9 oktober 2013 overleed op 91-jarige leeftijd Lien Steeman. Lien heeft een grote bijdrage geleverd aan de activiteiten van Oud-Castricum. Na het overlijden van haar man Niek Steeman in 1973 heeft Lien zich aangemeld als lid van de werkgroep. Haar man was medeoprichter van de Werkgroep Oud-Castricum, was de spil van de archeologisch onderzoeken en speelde ook een belangrijke rol bij de inrichting van ons gebouw De Duynkant.

Lien was heel betrokken bij het werk van Oud-Castricum. In 1976 bood zij aan om in de showroom van haar zaak aan de Overtoom een fototentoonstelling in te richten over de oude dorpskern, die op dat moment in de politiek ter discussie stond. In de periode 1979 tot 1986 hielp Lien met de inventarisatie van gegevens uit oude transportakten op het Regionaal Archief te Alkmaar.

Zij heeft zich ook vooral verdiept in allerlei onderwerpen uit de geschiedenis van Castricum en heeft daarover alleen of samen met anderen artikelen geschreven die zijn gepubliceerd in onze jaarboeken. Samen met Frans Baars verzorgde zij een artikel over tante Sientje, een vrouw die tijdens de oorlog een grote rol speelde in het verzet en een artikel over de geschiedenis van de rooms-katholieke Pancratiusparochie. Met Wim Hespe schreef zij over de Burgemeester Mooijstraat en vijf artikelen over de Dorpsstraat.

Van eigen hand verschenen de artikelen over de Castricumse korenmolen aan de Soomerweg, over de oude dorpssmederij van Dorus de Groot in de Schoolstraat en over de geschiedenis van de boerderij ‘Het Knophuis’ aan de Verlegde Overtoom.

Gedurende vele jaren organiseerde Lien rondleidingen voor scholen en andere groepen in De Duynkant. Wij denken met veel respect en waardering terug aan Lien Steeman die veel voor Oud-Castricum heeft betekend.

Niek Kaan

In memoriam Loek Zonneveld (Jaarboek 37 2014 pg 115-116)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 37, pagina 115

In memoriam Loek Zonneveld

Loek Zonnneveld
Loek Zonnneveld

Op 12 december 2013 twee dagen na zijn 83e verjaardag overleed Loek Zonneveld. Loek was bijna 30 jaar een markant lid van de werkgroep Oud-Castricum. Samen met Jaap Stuifbergen verzorgde hij talloze diavoorstellingen over de historie van ons dorp. Hij werkte mee aan tentoonstellingen en aan de uitgifte van verschillende boekwerkjes. Hij beheerde de fotocollectie en de donkere kamer van de werkgroep. Bovenal was hij, geboren Bakkummer, een vraagbaak voor allerlei onderwerpen op het gebied van de plaatselijke historie. Aan de moeilijke oorlogsjaren bewaarde hij levendige herinneringen. Onvergetelijk zoals hij kon vertellen over de armoede in de crisisjaren en de grote standsverschillen. Loek kende ontzettend veel mensen ook dankzij zijn functies bij Vitesse ’22, Radio Castricum, de Amateurtuindersvereniging en zijn werk als operateur in het Corsotheater. We zijn blij dat hij in 2012 nog kon helpen bij een tentoonstelling en een artikel in het jaarboek ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van deze bioscoop. Zo’n 17 jaar was Loek bestuurslid van Oud-Castricum en tot op het laatst had hij belangstelling voor het wel en wee van de werkgroep. Hij was trots op de koninklijke onderscheiding die hem voor zijn vele verdiensten in 2006 werd toegekend. De werkgroep zal hem erg missen.

Herinneringen van Loek Zonneveld

Mijn grootvader Kees woonde op het Commissarishuis, een klein boerderijtje aan de Zeeweg. Hij tuinde in het duin en hield er een koppel geiten. Hij beheerde ook een stortplaats voor schelpen. Als er veel schelpen op het strand lagen dan gooiden de schelpenvissers hun wagen leeg bij mijn grootvader en keerden zo snel mogelijk terug naar het strand voor een nieuwe lading. Er werd bijgehouden hoeveel karren er gelost werden en die hoeveelheid konden de schelpenvissers later weer ophalen om naar de kalkovens te brengen. Mijn vader ‘Jaap van Kees’ is in het Commissarishuis geboren. Hij heeft ook schelpen gevist en hij ging diepspitten bij de boeren. Wat hij ook deed was takken halen uit het duin voor de bakkersovens. Hij deed van alles om aan de kost te komen. We hebben het in de dertiger jaren erg arm gehad.

De polis van de ‘dooienverzekering’ werd als onderpand gegeven voor een lening. Alle kleren maakte moeder zelf. Ze moest dus een naaimachine hebben. Die betaalden ze af met 25 cent in de week.

Op de Mient woonde een familie Loeb, een vriend van dokter Leenaers. Hij was advocaat en van joodse afkomst. In 1940 emigreerde hij naar ArgentiniĂ«. Zijn dochter woont er nog en een zoon van hem woont in Amsterdam. Die advocaat stuurde toentertijd een wieg met allemaal kleren die zijn eigen zoon niet meer aan kon. Daar had ik dan een pakkie van. Het was een pak met allemaal blokkies erop; het leek op een clowntjespak. Ik zal het nooit vergeten. Je was er trots op want je had niets anders.

Aan mijn schooltijd heb ik geen goeie herinneringen. Ik had altijd het gevoel dat de meeste onderwijzers op arbeiderskinderen neerkeken. Als je van de middenstand was dan werd je voorgetrokken.

Het was ook nog eens een onzekere tijd. In begin 1940 werd een deel van de jongensschool van de Augustinus gevorderd voor de Nederlandse soldaten. Er was een veranda en die maakten ze dicht en dat werd een keuken. De schoolkinderen werden overal neergezet. Er ging een klas in het gymnastieklokaal en er zat een klas op de gang. In 1943 werden veel mensen geëvacueerd en zo af en toe was er geen school. Schriften waren er niet meer.

Erg kerks waren we niet en dan hoor je er ook al niet bij. Mijn hoogste rapportcijfer was 163 voor kerkverzuim. We woonden toen aan de Heereweg. Als je zondags naar de bijeenkomst van de Heilige Familie ging, een soort katholieke zondagsschool, dan kwam je om kwart voor Ă©Ă©n thuis en dan stond je prakkie op de kachel. Dat vond ik zonde van mijn zondagseten, want dat was de enige keer dat je een stukkie vlees op je bord kreeg en moeder maakte dan ook nog eens pudding. Ik ging dus niet meer naar de Heilige Familie. Ook mijn vriend Joop Koper niet. Op een gegeven moment kwam kapelaan Van der Zalm zeggen dat we moesten komen. Ik weet het nog als de dag van gisteren. Die keer dat we er heen gingen was er een bijzondere bijeenkomst, een soort inwijding of zo. We liepen de kerk binnen. Van der Zalm zei toen: ‘’Ik had nu ook maar niet gekomen.” We draaiden ons tegelijk om en liepen de kerk weer uit. Dat was foute boel natuurlijk. Maandag op school kwam ik het wel aan de weet. Ik heb ‘s middags van 2 uur tot half 4 op mijn knieĂ«n moeten zitten.

In 1945, toen ik een jaar of 14 was, ging ik op werk uit. Je mocht op die leeftijd nog niet werken. De bunkers werden afgebroken. Samen met een koppel jongens mocht ik voor de smid Klaas Koper van die eenmansputten uit de grond halen. Na een halfjaartje kwam er op een zaterdagochtend een mannetje van het leger langs. Hij ontsloeg iedereen van rond de 15 jaar. Volgens hem moesten we naar school. Die man had wel goeie opvattingen maar daar hoefde ik thuis niet mee aan te komen. Toen heb ik in het duin boompjes geplant en daarna werd ik een soort loopjongen voor het PWN op het oude Fochteloo. Ik heb daar drie jaar gezeten en ook nog een cursusje gevolgd en allerlei administratief werk gedaan.

In 1946 ben ik ‘s avonds in de bioscoop gaan werken. Want wat ik bij het PWN verdiende gaf ik af en zo kon ik nog geen kleren kopen. De centen die ik in de bioscoop verdiende mocht ik zelf houden.
Ik werd buitengewoon dienstplichtig en hoefde dus niet


Jaarboek 37, pagina 116

in dienst. Van de gemeente kreeg ik later nog wel een brief dat ik bij de organisatie Bescherming Bevolking aan de slag moest. Daar heb ik op ingevuld: “Ik wens geen zaken te doen met jullie.” Zo heb ik het in de brievenbus gegooid. Ik heb er nooit meer iets van gehoord.

Op een gegeven moment ben ik helemaal in de bioscoop terecht gekomen. Dat salaris droeg ik weer af en zo had ik nog weer niks. Toen ben ik gaan helpen bij Biesterbos in de fietsenstalling voor extra geld. Met een beetje heibel ging ik bij de bioscoop weg.

Mijn volgende baan was de linoleumfabriek in Wormerveer. Ik walgde van de stank. Toen kreeg ik een aanbieding uit Hilversum of ik bij een onderdeel van de NOS wilde werken. Dat was door mijn contacten bij de Bioscoopbond. Daar heb ik zo’n anderhalf jaar gewerkt. Ik was bij de opnames van het programma van Mies Bouwman en nog een paar andere afdelingen. Ik kon in dat wereldje toch niet wennen.

Daarvandaan ging ik naar de Hoogovens, waar ik 36 jaar heb gewerkt. Ik ging ‘s avonds ook weer in de bioscoop aan de slag. Dat kwam zo: ik had net scooterles gegeven bij Co Fontein, een ander bijbaantje, toen ik werd gevraagd weer in te vallen want de operateur was niet gekomen. Vanaf die tijd ben ik er gebleven. De speciale donderdagavond voorstellingen kwamen er op mijn initiatief, Ik voelde me samen met de familie Bettink verantwoordelijk voor de gang van zaken. Ik heb er in totaal 41 jaar gewerkt. En diploma als operateur had ik niet maar ik redde het evengoed.

Mijn vrouw Thea was verpleegster op Duinenbosch. Ik ontmoette haar in 1958 en eind 1960 zijn we getrouwd. Het feest was in de Brabantse Landbouw, waar toen een zuster van mij woonde. Ik ging bij mijn vader en moeder inwonen, maar in 1961 kregen we een huis aan de Poelven, Daarvoor heb ik toen een niet zo zachtzinnig gesprek met de burgemeester moeten voeren.

Loek met kleinzoon Sem op de tuin.
Loek met kleinzoon Sem op de tuin.

Later zijn we naar de Zeeweg verhuisd. In 2010 hebben Thea en ik onze gouden bruiloft samen met onze drie kinderen en vijf kleinkinderen gevierd in Hotel Borst. De zaal staat op de plaats waar mijn geboortehuis heeft gestaan. Ik kan me geen andere woonplaats dan Bakkum voorstellen.

Niek Kaan

Jaarverslag 2013 (Jaarboek 37 2014 pg 111-114+117)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 37, pagina 111

Jaarverslag 2013

In 2013 ontvielen de werkgroep drie markante leden: voorzitter Frans Duffhues, Lien Steeman en Loek Zonneveld. Zij zijn van grote betekenis geweest voor Oud-Castricum.
Ook in het afgelopen jaar hebben de werkgroepleden zich ingezet voor het in herinnering houden van de historie van Castricum en Bakkum. Met medewerking van Oud-Castricum is met behulp van crowdfunding een film gerealiseerd over de Slag bij Castricum in 1799.
Een ander voorbeeld is de in december voltooide restauratie van het grafmonument van Dr. Jacobi op de begraafplaats van Duin en Bosch.
Het college van burgemeester en wethouders stemde in principe in met de uitbreiding van het gebouw van de werkgroep.

Enkele belangrijke gebeurtenissen volgen nu in chronologische volgorde:

  • 7 januari: nieuwjaarsreceptie in De Duynkant;
  • 9 april: kennismakingsbezoek van het bestuur aan de Historische Vereniging Oud-Heiloo;
  • 3 juni: overlijden Hans van Deelen, medeoprichter van Oud-Castricum;
  • 25 juli: overlijden voorzitter Frans Duffhues;
  • 21 september: excursie naar Broek in Waterland;
  • 6 oktober: premiĂšre van de film ‘Soldaat onder het zand’ van Pauline van Vliet over de Slag bij Castricum in 1799;
  • 9 oktober: overlijden van Lien Steeman;
  • 13 oktober: rondleiding in huis Nijenburg in Heiloo;
  • 17 tot en met 19 oktober: ‘Effe buurten’, nostalgische avonden in hotel Borst met medewerking van Oud-Castricum;
  • 25 oktober: uitreiking van het 36e Jaarboek in Johanna’s Hof in Bakkum aan Ronald Snijders, voorzitter van de Vereniging Kennemer IJsbaan en Jan Boesenkool, vroegere eigenaar van Drukkerij Boesenkool. Tevens een presentatie van de inhoud van het jaarboek en vertoning van twee films van Hans Kinders over 80 jaar Kennemer IJsbaan en de Castricumse drukkers en kranten;
  • 6 november: schriftelijke principetoestemming van burgemeester en wethouders om De Duynkant uit te breiden;
  • 11 november: presentatie van het bordspel ‘Dorpsduel’, waaraan de werkgroep heeft meegewerkt;
  • 14 november: donateursavond in Geesterhage met een lezing van de Castricumse bioloog Rolf Roos over historische kaarten van de duinen van Noord-Holland;
  • 22 november: ingebruikgeving van de plaquette van Dokter Leenaers door de werkgroep aan de bewoners van het Dr. Leenaershuis aan de Mient;
  • 12 december: overlijden van Loek Zonneveld;
  • 13 december: overdracht van het gerestaureerde grafmonument van Dr. Jacobi door Oud-Castricum aan de directeur van het ziekenhuis Dijk en Duin.

De activiteiten van de werkgroep zijn ingedeeld in negen taakgroepen, waarvan hierna een verslag volgt.

Archeologie (Rino Zonneveld)
De taakgroep Archeologie van de werkgroep Oud Castricum bestond in 2013 uit vijf leden.
Rino Zonneveld maakt deel uit van de taakgroep Beleving van de Stichting Geopark Oer-IJ. In 2013 hebben er zeven bijeenkomsten van deze groep plaatsgevonden. In mei is een vrij zeldzaam 17e-eeuws Russisch reisicoon gevonden, dat mogelijk afkomstig is van de Engels-Russische invasie in 1799.

Werkgroep Oer-IJ

De Werkgroep Oer-IJ bestaat uit circa 14 leden uit de gehele regio Oer-IJ. Oud-Castricum is vertegenwoordigd in deze werkgroep en heeft belangrijke raakvlakken met deze organisatie.

Aan de gemeente is enkele malen advies uitgebracht bij op handen zijnde verstoringen van het bodemarchief.
In maart is er op de Zanderij tot driemaal toe uitgebreid detector onderzoek geweest. Hieruit zou de aanwezigheid van een beschoeide geul en lading van een schip kunnen blijken. Over de voorlopige bevindingen zijn in maart en april lezingen gegeven door Martin Meinster van het bedrijf Empec in samenwerking met Ron van Wezop van Oud-Castricum. In mei is er overleg geweest met de gemeente betreffende het uitvoeren van een waarderend onderzoek naar voorwerpen ter datering van de vermoede resten op de Zanderij. Er vond in juli overleg plaats met de gemeente Castricum betreffende archeologie en het beleid. De cultuur- en archeologieadviseurs van de gemeente hebben een rondleiding gehad langs interessante archeosites in de gemeente.

Nauwlettend zijn door Tom de Kleijn, Louis Oppenheimer, Ron van Wezop en Willem Visser de verrichtingen in het landschap gevolgd bij de waterberging Benes in Uitgeest. Op basis van detectorvondsten is in 2014 het onderzoek voortgezet. De vondsten zijn onder andere munten, een fibula en scherfmateriaal. Bij de aanleg van een beregeningsinstallatie is in de gebieden Bakkum-Noord en Egmond-Zuid door de werkgroep geassisteerd voor de archeologische aspecten. Er zijn op 140 cm diepte ploegsporen en streep-band aardewerk aangetroffen uit de late bronstijd –  vroege steentijd.


Jaarboek 37, pagina 112

Er is een bijdrage geleverd aan het in 2014 uit te geven fietsboekje ‘Fietsen door de Heerlykheden Castricum, Akersloot, Limmen en Bakkum’.
Ook is er meegewerkt aan en geadviseerd bij het tot stand komen van de film ‘Soldaat onder het Zand’ en de inrichting van de gelijknamige tentoonstelling in De Hoep. Rond die tijd werd er in de duinen een skelet van een Russische soldaat uit 1799 gevonden.

In september werd er in het Hof van Kijk-Uit een lezing archeologie verzorgd voor het Castricumse Ondernemers Verbond onder de titel ‘Oude meuk van vergeten voorouders’. Daarnaast is er deelgenomen aan de activiteiten behorende bij het bouwoffer en de eerste paal van ‘Het huis van Hilde’ en is meegewerkt aan de archeocontactdagen, die tevens in het teken staan van het te bouwen provinciaal Archeologisch Informatiecentrum te Castricum.
Meer dan 300 kg archeologisch materiaal werd gedetermineerd en naar het provinciaal depot gebracht. Er wordt in ons gebouw nog steeds gewerkt aan de conservering van archeologisch materiaal.

Archief (Peter Levi)
Elk jaar krijgt de werkgroep weer veel nieuw materiaal door schenkingen, zoals boeken, kaarten, foto’s en voorwerpen met betrekking tot Castricum en Bakkum. Dit materiaal wordt dan verwerkt en beschreven.
Er is een begin gemaakt met het registreren van de voorwerpen uit onze collectie. Deze zijn straks met foto te bekijken via de website, net als de foto’s.
Het boekenbestand wordt constant aangevuld met nieuw aangeschafte of geschonken exemplaren. Onze collectie is nu ook via de website toegankelijk.
Al jarenlang worden de artikelen uit het Nieuwsblad voor Castricum, die wij vanaf 1966 in ons bezit hebben, met uittreksels ontsloten in een database. Nog niet alles is ingevoerd, maar circa 6400 artikelen zijn nu via de website te bekijken.

Archiefonderzoek en jaarboek (Simon Zuurbier)
Door enkele leden van de werkgroep werd meerdere keren per week een bezoek gebracht aan de archieven. In de meeste gevallen betrof dit het Regionaal Archief te Alkmaar. Het werk bestond vooral uit het digitaal overnemen van de historische gegevens over Castricum. Met name werd gewerkt aan het overnemen van de schepenrollen uit de periode van voor 1811 en akten met transacties over onroerend goed en personen in Castricum van notarissen uit de regio in de periode 1860-1920. Ook werd gezocht naar gegevens voor de vaste rubriek ‘Castricum honderd jaar geleden’ in het jaarboek.

Voor het opzetten van de geschiedenis en stamboom van Castricumse families werden eveneens vele gegevens opgespoord. Aandacht werd besteed aan de families Schut, Limmen en Castricum. Verder werden gegevens uit verschillende bronnen gebruikt voor de reconstructie van Castricumse families voor 1811.
Op het Noord-Hollands Archief in Haarlem is vooral onderzoek in de kadastrale registers uitgevoerd naar enkele percelen in de Dorpsstraat.

Overhandiging van de eerste exemplaren van Jaarboek 36 door Gerard Veldt aan Jan Boesenkool (links) en Ronald Snijders.
Overhandiging van de eerste exemplaren van Jaarboek 36 door Gerard Veldt aan Jan Boesenkool (links) en Ronald Snijders.

Het 36e Jaarboek werd in oktober 2013 uitgebracht en bevatte weer vele uiteenlopende onderwerpen. Het openingsartikel betrof de geschiedenis van de Vereniging Kennemer IJsbaan naar aanleiding van de viering van het 80-jarig jubileum. Andere onderwerpen gaan onder meer over Castricumse kranten en drukkers, de Gereformeerde kerk, de Maer- of Korendijk, de Carnavalsvereniging, de slagers, de veldwachters en politie, een inbraak met veel geweld, de huzaren van Castricum, de 9e aflevering van de Dorpsstraat en het 100-jarig bestaan van bouwbedrijf A.C. Borst. Helaas moest vanwege ruimtegebrek de geschiedenis en stamboom van de Castricumse familie Bos worden doorgeschoven naar het volgende jaarboek.

De hevige najaarsstorm in 2013 had de nodige schade aan De Duynkant tot gevolg.
De hevige najaarsstorm in 2013 had de nodige schade aan De Duynkant tot gevolg.

Beheer en onderhoud (Gerard Veldt)
In en rond De Duynkant zijn diverse reguliere onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd. Tengevolge van de storm, die in het najaar over Nederland raasde, is een dikke boom op ons gebouw gevallen. De schade bedroeg 3.500 euro, die echter door de verzekering werd gedekt.

De bouwcommissie is verder gegaan met de bouwplannen voor de uitbreiding van De Duynkant. Omdat het gebouw in het bestemmingsplan Buitengebied valt, bleek een


Jaarboek 37, pagina 113

bouwvergunning moeilijk te realiseren. In eerste instantie was de gemeente namelijk niet bereid ons toestemming te verlenen in verband met de regels volgens het bestemmingsplan. Na veel overleg is uiteindelijk gebleken dat er tot 90 vierkante meter vergunningsvrij gebouwd mag worden. Toen dit bekend werd, is een Castricumse architect bereid gevonden onze wensen in kaart te brengen en daarna een schetsplan en een maquette te maken. Dit plan werd qua vierkante meters toch groter dan vergunningsvrij is toegestaan. De bouwcommissie hoopt in 2014 tot een definitief plan te komen en dat aan de leden voor te leggen.

Veel aandacht vraagt de klimaat- en vochtbeheersing binnen ons gebouw. Besloten is een ontvochtiger aan te schaffen, maar dit is nog niet de meest optimale oplossing. Vanwege de grote financiële consequenties die een verdere aanpak van deze problematiek met zich meebrengt, wordt gewacht op de verbouwing.

Cultuur en monumenten (Ernst Mooij)
Voor het plaatsen van monumenten informatieborden in de kernen Akersloot, Limmen en Castricum heeft de gemeente Castricum medewerking gevraagd van de Monumentenraad en de drie locale historische organisaties. Voor de kernen Bakkum en Castricum heeft Oud-Castricum de teksten en het beeldmateriaal voor tien borden aangeleverd. Op de borden zijn ook QR-codes aangebracht, waarmee met daarvoor toegeruste mobiele telefoons extra informatie opgevraagd kan worden. Wethouder Portegies onthulde de informatieborden op 4 juli tijdens het project ‘Speuren naar schatten’ op het bouwterrein van het Archeologisch Informatiecentrum achter het station.

Start van de bouw van het Archeologisch Informatie Centrum op 4 juli achter het station. In het kader van het project ‘Speuren naar schatten’ gaan scholieren graag op de foto met de kanonniers Jan Brakenhoff (links) en Frank Dam.
Start van de bouw van het Archeologisch Informatie Centrum op 4 juli achter het station. In het kader van het project ‘Speuren naar schatten’ gaan scholieren graag op de foto met de kanonniers Jan Brakenhoff (links) en Frank Dam.

Naar aanleiding van een in 2011 ingediend burgerinitiatief door de Stichting tot behoud van natuurlijke en cultuurhistorische waarden in de Alkmaardermeer omgeving heeft deze stichting op verzoek van de gemeente een inventarisatie en een gebiedsbeschrijving van de Van Oldenbarneveldweg en omgeving gemaakt. Daarbij was ook een lid van de werkgroep betrokken. De gebiedsbeschrijving werd op 8 april in de raadszaal aan belanghebbenden en belangstellenden gepresenteerd en op 19 september door de raad vastgesteld. Volgens het raadsbesluit geldt de gebiedsbeschrijving als een toetsingskader bij het beoordelen van omgevingsvergunningen en bij het opstellen van bestemmingsplannen.

In dit ‘Jaar van de Stolp’ is door de Boerderijen Stichting Noord-Holland en de Vrienden van de Stolp medewerking gevraagd voor het ‘updaten’ van de Boerderijen Beeldbank. Waar nodig zijn binnen de kernen Castricum en Bakkum nieuwe foto’s gemaakt en bouw- en verbouwmutaties geïnventariseerd. Daarna is het inventarisatie- en fotomateriaal aan bovengenoemde stichting doorgegeven. Het bestand van Castricumse en Bakkumse (ex)boerderijen bestaat uit 42 stolpen en twee niet-stolpen. Ten gevolge van bouwvalligheid zijn er twee stolpen gesloopt.

De plaquette met de beeltenis van dokter Leenaers is al lange tijd het eigendom van de werkgroep. Om te voorkomen dat deze door de huidige plannen voor (ver)nieuwbouw van Geesterhage in de vergetelheid zou raken, heeft Viva! Zorggroep op 22 november de plaquette weer aan Oud-Castricum overgedragen. Op dezelfde dag is de gedenkplaat in langdurige bruikleen gegeven aan Jan Niemeijer en Annemieke Slaats, de huidige bewoners van het Dr. Leenaershuis aan de Mient 82. Daarmee is de plaquette weer teruggekeerd op zijn oorspronkelijke locatie.

Op vrijdag 13 december zijn de op initiatief van de werkgroep gerestaureerde grafmonumenten van Dr. Jacobi en zijn jong overleden zoon overgedragen aan Parnasia Groep, eigenaar van de oude begraafplaats op landgoed Duin en Bosch. Twee kleinkinderen van Dr. Jacobi waren bij de overdracht aanwezig. De restauratie werd uitgevoerd door de firma Haker Natuursteen te Alkmaar en gesteund door sponsoren.

Educatie (Cor Smit)
Rond het educatieve project ‘Het Mysterie van de Koperen Knoop’ werden in april op diverse dagen in De Duynkant activiteiten georganiseerd. Er is geweven en gespind, er zijn houten soldaten geschilderd, uitleg gegeven over objecten uit 1799 en een huzaar te paard kwam over het soldatenleven vertellen. Bijna alle basisscholen uit Castricum zijn langs geweest. Het was een groot succes, waarbij 286 leerlingen werden ontvangen.
Op 4 juli werd medewerking verleend aan een manifestatie rond de start van de bouw van Het huis van Hilde. Werkgroepleden hebben die middag diverse archeologische voorwerpen laten zien en spelletjes georganiseerd.

Fotografie en film (Peter Levi)
Zoals gebruikelijk zijn er dit jaar weer veel foto’s door de Castricumse bevolking aangeleverd die een aanvulling geven op het verleden van personen, locaties of panden. Ook komen er nieuwe foto’s binnen door contacten tijdens de voorbereiding van de artikelen voor het jaarboek.
Wij volgen de facebookpagina ‘Je bent Castricummer als…’ om aanvullende informatie bij foto’s te verzamelen.


Jaarboek 37, pagina 114

Op ons verzoek worden voor ons onbekende foto’s aangeleverd, waarna deze worden opgenomen in de Beeldbank. De al beschikbare foto’s worden allemaal opnieuw bekeken en de bijbehorende beschrijving wordt eventueel aangevuld. De bezoekers van de Beeldbank leveren ook regelmatig aanvullingen aan op de fototeksten. Daarbij gaat het vaak om namen van personen die op de foto’s staan.

PR en website (Hans Boot)
Elke maand werd er een persbericht in de kranten geplaatst in verband met de tentoonstellingen op de eerste zondag van de maand. De digitale regiokrant en lokale radio- en tv-zender werden hiervan tevens in kennis gesteld. Eveneens verschenen er in diverse kranten berichten over andere activiteiten en werd een oproep gedaan voor het inzenden van expositiemateriaal. Ook werd er een oproep gedaan voor het werven van nieuwe leden.
Zoals gebruikelijk was er ook in het afgelopen jaar weer veel belangstelling voor onze website. Er konden 18.048 bezoeken aan de homepage worden geteld. De populaire beeldbank werd 17.851 keer bezocht en in totaal werden er 431.993 foto’s bekeken.
Tot slot werd in de kranten aangekondigd dat de website van de werkgroep heeft meegedongen naar de Geschiedenis Online Prijs.

Tentoonstellingen (Pauline van Vliet)
In 2013 trokken de tijdelijke tentoonstellingen in De Duynkant ruim 1400 bezoekers.
De tentoonstelling over het Corsotheater, die in november 2012 van start ging, was ook in januari en februari nog te bezichtigen. Tijdens de open dag in februari werd het publiek in de gelegenheid gesteld om oude filmpjes, video’s en dvd’s met herkenbare beelden uit het dorp in te leveren en werden er doorlopend films uit het archief van de werkgroep vertoond.

Van maart tot en met juni was er de tentoonstelling ‘Rondwandelingen door de dorpskern van Castricum’. Voor juli, augustus en september werd gekozen voor een geheel ander onderwerp, namelijk landelijk bekende personen die in Bakkum of Castricum zijn geboren, wonen of gewoond hebben.

Scholieren krijgen van Cor Prins alles te horen over kogels en wapens tijdens het educatieproject ‘Het mysterie van de Koperen Knoop’.
Scholieren krijgen van Cor Prins alles te horen over kogels en wapens tijdens het educatieproject ‘Het mysterie van de Koperen Knoop’.

De open dag op 6 oktober stond geheel in het teken van De Slag bij Castricum, die op dezelfde datum in het jaar 1799 plaatsvond. Er waren foto’s te zien van schoolkinderen die meegedaan hadden aan het educatieproject ‘Het Mysterie van de Koperen Knoop’, aangevuld met een impressie van filmer Hans Kinders van de opnames voor de film ‘Soldaat onder het zand’.

De tentoonstelling in november en december was gebaseerd op de artikelen in het 36e Jaar- boek. Met name werd er aandacht besteed aan de 80-jarige geschiedenis van de Vereniging Kennemer IJsbaan, waarover Hans Kinders ook een film heeft gemaakt die gelijktijdig in De Duynkant werd vertoond. Daarnaast was er ruim aandacht voor de slagers die het dorp in de afgelopen 100 jaar heeft gekend en de eerste tien jaar van de plaatselijke Carnavalsvereni- ging.

Tot slot is er door de werkgroep een bijdrage geleverd aan drie externe exposities. In de bibliotheek aan de Geesterduinweg was in augustus en september de fototentoonstelling ‘Groeten uit Bakkum en Castricum’ te bezichtigen. Vanaf oktober werd de tentoonstelling over de oorlog van 1799 in bezoekerscentrum De Hoep gehouden. In november en december was in galerie Sopit aan de Anna Paulownastraat de tentoonstelling te zien over de Castricumse kranten en drukkers, waarover eveneens een artikel in het 36e Jaarboek is opgenomen.

Bestuur, leden en donateurs

Op 31 december 2013 was het bestuur als volgt samengesteld:
– Gerard Veldt, waarnemend voorzitter en penningmeester;
– Albert Lourens, secretaris;
– Hans Boot, lid;
– Cor Smit, lid.

Aan de werkavonden in De Duynkant en andere activiteiten werd door circa dertig werkende leden deelgenomen. Op 31 december bedroeg het aantal donateurs ruim 1200. Aan onze leden en donateurs komt veel dank toe voor hun inzet en hun bijdrage aan de Stichting Werkgroep Oud- Castricum in het afgelopen jaar.

Hans Boot


Jaarboek 37, pagina 117

Schenkingen aan de Werkgroep Oud-Castricum 2013 – 2014

Allerlei voorwerpen en fotomateriaal zijn ook dit jaar weer aan de werkgroep geschonken. Het materiaal wordt in de collectie opgenomen en zal waar mogelijk door de werkgroep worden gebruikt bij tentoonstellingen, voor publicaties of educatieve doeleinden. De schenkingen worden jaarlijks in het jaarboek vermeld.

Schenkingen van juli 2013 tot en met juni 2014 (de schenkers zijn vermeld in chronologische volgorde en allen woonachtig in Castricum, tenzij anders vermeld):

J. Brasser (overl.): Van toen tot nu 1984-1989 (Rotary), 25 jaarboeken, luchtfoto’s, 1e editie krant ‘Het Klaverland’, documenten Johannes Stichting
W.H. de Vries: vaasje van kerfsnee aardewerk
Sj. Kaandorp: jubileumnummer 25 jaar Vitesse
J. Veldt, Limmen: boek: ‘Kroniek van Veldt Verhalen’
S. de Vries, Oosterwolde: ringband: ’80 jaar Koningsbosch Bakkum’, 3 ansichtkaarten
J. Schoen, Heemskerk: ingelijste panoramafoto vanaf Papenberg, ets woonvorm IJmond
J. Breggeman: documenten Vereniging Kennemer IJsbaan
mevr. M. Jacobi, Amsterdam: wandelstok dr. Jacobi, 25 foto’s
H. Baauw: panoramafoto Dokter de Jonghweg t/m Geesterduin
mevr. C. Kleij – van Loon: herdenkingskranten WO2, sigarenkistje R. Vader
mevr. S. Sedee – van der Sluis, Baarn: boek De Veldslag bij Castricum in 1799 (M. Kramer)
J. Koning, Egmond aan Zee: bordspel ‘Dorpsduel’
A. van Eijk: tekening Albertshoeve
mevr. G. Zonneveld – Kuijs: 14 foto’s van gemobiliseerde militairen (1914-1918)
R.R. IJsendijk: voedselbonnen, stamkaarten, persoonsbewijzen
mevr. W. de Waal: boek ‘Buiten Gewoon Bijzonder 100 jaar Camping Bakkum’
W. Brakenhoff: verkeersbord terrein jonkheer Gevers
mevr. N. Ruiter: Gids voor Castricum 1933
Fam. Hollenberg: serviesgoed met afbeeldingen van Oud-Castricum
P. Blom: 14 oude spoorkaartjes NS, 81 ansichtkaarten, docum. boerderijen
J. Dijkman: filmfragment rietdekken fam. Breetveld
M. van de Port, Zoetermeer: jubileumboek 12,5 jaar dokter De Jongh
J. Borst: kalenders 1989-2008 tekeningen Nico Lute
C. de Haan, Harderwijk: 23 jaarboekjes
C.P.J. Brandjes: boek De Veldslag bij Castricum in 1799 (M. Kramer)
mevr. J. Liefting: vaas met blauw decor, knijpbrilletje
mevr. T. Schekkerman: vele jaargangen Reflex, personeelsblad van Duin en Bosch
B. Zandbergen: verenigingsbladen duikvereniging ‘De Lamantijn’
G. Borst: foto’s Cuneraschool, kerk Bakkum
Fam. L. Zonneveld: verzameling foto’s
J. Harsveld, Heemskerk: 10 boeken over Castricum en Bakkum
mevr. C. Bijlenga: diverse geschiedenisboeken

Ook werden door vele personen foto’s geschonken of uitgeleend over onder andere de onderwerpen van de maandelijkse tentoonstellingen in De Duynkant en voor onderwerpen in het jaarboek.
Daarnaast werden verscheidene bidprentjes geschonken, onder anderen door H. Veldt, G. Duinmeijer – Brakenhoff, fam. Borst, Cl. Veldt – Wokke, J.J. Hollenberg – Kramer, M. de Vries – Lute, mevr. Toepoel, mevr. Stuifbergen – Poel.

Castricum – Honderd jaar geleden 1913 (Jaarboek 37 2014 pg 108-110)


Jaarboek 37, pagina 108

Castricum – Honderd jaar geleden 1913

In het jaar 1913 hield het gemeentebestuur zich voornamelijk bezig met de vraag of gas of elektriciteit aan de inwoners geleverd zou moeten worden. Uiteindelijk wordt besloten voor de bouw van een gemeentelijke gasfabriek. Dit ondanks de grote scepsis van het provinciebestuur en de bezwaren van een grote groep inwoners vanwege de hoge investeringen, de lage rentabiliteit en de voorkeur voor elektrisch licht.

De gebeurtenissen in Castricum van honderd jaar geleden zijn vooral ontleend aan de gemeenteraadsnotulen, de inkomende en uitgaande stukken van de gemeente Castricum, dossiers in het gemeentearchief, de provinciale bladen, de burgerlijke standregisters etc.

1 januari 1913

Het gemeentebestuur bestaat uit burgemeester Johannes Mooij, de wethouders Joseph Goes en Petrus Valkering. De raadsleden zijn: Pieter Duijn, Gerrit Pzn. Kuijs, Petrus Pzn. Kuijs, Gerrit Slop, Pieter Twisk en een vacature door het overlijden van Theodorus Dijkman.

Op 1 januari 1913 telt Castricum 3.636 inwoners. Dit aantal is op 31 december in datzelfde jaar toegenomen tot 3.751. In het jaar 1913 vestigen zich in onze gemeente 359 personen, terwijl er 264 naar elders vertrekken. Er worden in dat jaar 117 kinderen geboren, er overlijden 97 inwoners en er worden 24 huwelijken gesloten.

15 januari 1913

De directeur van de gasfabriek te Egmond aan Zee krijgt het verzoek om voor 75 gulden een onderzoek in te stellen naar de haalbaarheid van een gasfabriek in Castricum.
De totale kosten van fabrieksgebouw, directeurswoning en buizennet zijn begroot op 90.000 gulden, een voor die tijd gigantisch bedrag. De gemeente wil toch doorzetten en wil voor dit bedrag een geldlening aangaan; in mei 1913 maakt het college van Gedeputeerde Staten (GS) hiertegen bezwaar met de aantekening dat gaslicht, wat de hygiëne en het gemak aangaat, niet de voordelen biedt van elektrisch licht.

17 januari 1913

In het kader van de hinderwetvergunningen is een opgave ingediend van de in gebruik zijnde stoommachines.

  1. Kaasfabriek (F. Twisk, J. Res, G. Louter, C. Spaansen, stoomachine: 1 vermogen 2,5 PK
  2. Kaas- en boterfabriek (Th. Burger), stoomachine: 1 vermogen 8 PK
  3. Timmerwerkplaats (G. Kabel), stoomachine: 1 vermogen 4 PK
  4. Wateropvoer Hollandsche IJzeren Spoorweg Mij, stoomachine: 1 vermogen 15 PK
  5. Elektriciteitsproductie (Duin en Bosch), stoomachines: 3 vermogen 75 PK

27 januari 1913

Het provinciebestuur verleent vergunning voor de aanleg van riolering en bermbestrating over een lengte van 500 meter in de Dorpsstraat.

31 januari 1913

Cornelis Spaansen is gekozen als nieuw raadslid. Op 5 maart wordt hij beëdigd.

12 februari 1913

Door ruimtegebrek in de lagere school is besloten om een lokaal te huren in de bewaarschool voor 25 gulden.

5 maart 1913

De gemeenteraad discussieert langdurig over de voor- en nadelen van een eigen gasfabriek en het zelf exploiteren. De voorzitter wijst op de niet gunstige financiële toestand van de gemeente. Met vier stemmen voor en twee tegen wordt ervoor gekozen om in eigen beheer een gasfabriek te laten bouwen.

7 maart 1913

De gemeenteraad besluit tot uitbreiding met twee lokalen aan de Openbare Lagere School te Bakkum. Op 15 juli vindt op het raadhuis de aanbesteding plaats. Van de 13 inschrijvers is de firma Johannes Apeldoorn uit Egmond- Binnen voor 8.300 gulden de laagste; aan hem wordt de bouw gegund.

22 maart 1913

Door het college van B&W is de kiezerslijst vastgesteld, die 605 kiesgerechtigden omvat. Van elke kiesgerechtigde worden naam, voornamen, geboorteplaats en -datum en huisnummer binnen de gemeente op de lijst vermeld.

15 april 1913

Op het raadhuis wordt de bouw van een ziekenbarak met woning aanbesteed. Johannes Vlaar, timmerman te Castricum, gaat als laagste inschrijver voor het bedrag van 3.888 gulden de ziekenbarak bouwen.

23 april 1913

Het provinciebestuur vraagt aan het college vergunning om de toegangsweg aan de westzijde van het stationsem-


Jaarboek 37, pagina 109

placement iets te mogen verleggen. Dit in verband met de aanleg van een tramverbinding tussen het station en ‘het Gesticht Duin en Bosch’.

29 april 1913

De raad stelt voor om de functie van burgemeester en gemeentesecretaris te splitsen vanwege de vele en uitbreidende werkzaamheden door toename van het aantal inwoners. De raad is van mening dat die functies voor de burgemeester alleen niet meer zijn uit te voeren en stelt voor om meester Dirk Dekker tot secretaris aan te stellen. De burgemeester is voor de splitsing, maar alleen als een gediplomeerd secretaris zal worden aangesteld en niet de heer Dekker, ofschoon hij met lof spreekt over zijn werkzaamheden en ijver.

17 mei 1913

Ter sprake komt het feest voor de burgemeester (25-jarig jubileum). Door de feestcommissie wordt een bedrag van 75 gulden gevraagd.

1 juni 1913

Bernardus Wempe, cafĂ©houder op de hoek Dorpsstraat – Burg. Mooijstraat, doet afstand van zijn vergunning voor verkoop van sterke drank.
Handelaar en bloemkweker Antoon van Benthem vraagt aan B&W vergunning voor de verkoop van sterke drank in het café van Bernardus Wempe. Het café bestaat uit een gelagkamer, een kleine zaal en een waranda. Overige inwonende personen: zijn echtgenote Elizabeth Lute en dienstbode Maria Groentjes. De vergunning wordt verleend.

3 juli 1913

Verkiezing van twee raadsleden. Er worden 371 geldige stemmen uitgebracht. Gekozen worden Pieter Twisk (herkozen) en Gerrit Louter (als opvolger van de heer Slop). De installatie van beide raadsleden vindt plaats op 2 september.

5 juli 1913

Een groot aantal inwoners heeft bezwaren tegen de gasfabriek. In een brief aan de gemeenteraad, ondertekend door 68 ingezetenen, geven zij te kennen dat de bouw van een gemeentelijke gasfabriek niet in het belang zal blijken te zijn van de gemeente Castricum vanwege het grote kapitaal dat vereist is, de lage rentabiliteit en dat deze nadelig is qua hygiëne en gemak in vergelijking met elektrisch licht.

19 juli 1913

De bisschoppelijke commissie ‘O.L.V. Ter Nood’ richt een verzoek aan de gemeenteraden van Limmen, Egmond-Binnen en Castricum (de laatste ten behoeve van de inwoners van Noord-Bakkum) om adhesie te betuigen aan het adres van de Directie der Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij ter verkrijging van een halte aan de Visweg te Limmen.

6 augustus 1913

De bouwvereniging Goed Wonen, die eerder van de provincie een gedeelte van het terrein van Duin en Bosch in erfpacht heeft gekregen, acht het toch wenselijk dit terrein ter grootte van 3200 vierkante meter in eigendom te verkrijgen. Gedeputeerde Staten verlenen een machtiging om de grond voor 960 gulden in eigendom af te staan. Op dit terrein aan de Dr. Jacobilaan worden nadien zeven blokken van twee woningen gebouwd.

De raad besluit toch gas te prefereren boven elektriciteit en opdracht te geven aan de firma Spruit en Bakker tot het bouwen en volledig installeren van een steenkolengasfabriek met inbegrip van buizennet, lantaarns en alles wat voor het in exploitatie brengen benodigd mocht zijn voor de som van 61.810 gulden.
Deze aanbieding is aanzienlijk kleiner van opzet; de gaslevering aan Limmen is vervallen, het buizennet veel korter en de bouw van de directeurswoning is hierin niet begrepen; op 27 augustus 1913 keurt GS dit raadsbesluit goed. Een maand eerder al had GS goedkeuring gehecht aan de aankoop van de grond, daarbij de kanttekening makend dat ze niet voldoende termen aanwezig acht om de goedkeuring te onthouden.

27 augustus 1913

De voorzitter stelt voor om een schrijfmachine aan te schaffen, kosten 280 gulden. Raadslid Slop stelt voor om een tweedehands exemplaar te kopen, omdat een nieuwe wel wat kostbaar wordt geacht.

8 september 1913

C. Bakker Az. heeft een verzoek gericht aan de koningin voor ondersteuning in verband met ziekte. Hij was al ongeveer een jaar onder behandeling van dokter Schoonhoff. De koningin heeft een bedrag van 25 gulden beschikbaar gesteld voor zijn gezin.

6 oktober 1913

Inschrijving van 16 aannemers op de bouw van een directeurswoning bij de gasfabriek. De aanneemsommen variëren van 4.124 tot 5.250 gulden. De Raad vindt het bedrag voor de woning te hoog en komt met een nieuw plan. Op 17 november 1913 wordt opnieuw ingeschreven, echter uitsluitend door de plaatselijke aannemers: G. Borst, G. Kabel, Jac. Res, J. Tromp, Joh. Vlaar en J. Weel. De laagste inschrijver is aannemer Johannes Tromp voor een bedrag van 3.389 gulden ; aan hem wordt op 20 november 1913 de bouwopdracht verstrekt.

14 oktober 1913

G. Louter en H. Hemmer, vertegenwoordigende het bestuur van ‘de Hanze’ (afdeling van de bond van handeldrijvende en industriĂ«le middenstanders in het bisdom Haarlem), hebben de bedoeling om een cursus te openen in het boekhouden en handelsrekenen en doen een verzoek aan het college om een lokaal in de school aan de Dorpsstraat beschikbaar te stellen en een subsidie van 50 gulden te verlenen.

5 november 1913

Vaststelling jaarwedden door GS: burgemeester 1.350 gulden, secretaris 925 gulden en gemeente-ontvanger 500 gulden.
De burgemeester, tevens secretaris, vraagt met ingang van 1 januari 1914 ontslag aan als secretaris.
Door de raad worden daarop de jaarwedden van secretaris en burgemeester gesteld op respectievelijk 1.100 en 1.300 gulden. Verder geldt als jaarwedde 100 gulden voor een wethouder en 80 gulden voor een raadslid.


Jaarboek 37, pagina 110

3 december 1913

De raad besluit een voorschot van 25.300 gulden te verlenen aan de bouwvereniging Goed Wonen als tegemoetkoming in de kosten van de bouw van 14 woningen aan de Dr. Jacobilaan. Voorwaarde is wel dat de gemeente een voorschot van een gelijk bedrag van het Rijk zal verkrijgen.

De gasfabriek op de hoek Gasstraat en Oude Haarlemmerweg.
De gasfabriek op de hoek Gasstraat en Oude Haarlemmerweg.

De raadsleden Goes en Spaansen gaan naar Bergen op Zoom voor een ontmoeting met sollicitant Kortenhoff voor de functie van gasfitter (directeur gasfabriek). Na dit bezoek besluit de raad om Kortenhoff voor de proeftijd van een jaar te benoemen.

De heer Goes neemt ontslag als wethouder. De heer Spaansen wordt gekozen, maar houdt dit in beraad.
Op de aanvraag van een concessie door de Kennemer Electriciteits Maatschappij te Bloemendaal wordt niet ingegaan vanwege de bouw van de gasfabriek.

11 december 1913

De heer Spaansen heeft besloten om de functie van wethouder niet te aanvaarden. De heer Goes wordt nu herkozen.

24 december 1913

Er zijn sollicitaties binnengekomen naar de functie van secretaris der gemeente. Besloten wordt om met ingang van 1 februari 1914 de heer J.A. Verder te benoemen, nu nog gemeentesecretaris van Egmond-Binnen. Tot die datum wordt tijdelijk tot secretaris aangewezen de heer G.H. Sanders, eerder werkzaam als klerk op Duin en Bosch, nu op het gemeentesecretarie.

Er wordt een gascommissie ingesteld die tot taak heeft B&W bij te staan in het beheer van de gasfabriek door regelmatig toezicht te houden op het financieel beheer en de werking van de gasfabriek. De commissie gaat bestaan uit wethouder P.J. Valkering als voorzitter en de raadsleden P. Kuijs en G. Louter; de directeur gasfabriek is secretaris.

G. Slop, bouwkundige van het gesticht Duin en Bosch, wordt voor een jaar benoemd tot gemeentearchitect. Wethouder Goes heeft zijn functie neergelegd.

31 december 1913

Vaststelling van een verordening waarin de voorwaarden zijn opgenomen voor de levering van gas door de gemeente met allerlei bepalingen over de aansluitkosten, gasmeterhuur etc.

De gemeenterekening over het jaar 1913 telt aan ontvangsten 139.309 gulden en aan uitgaven 136.585 gulden (waaronder de financiering van de gasfabriek). Er is een batig saldo van 2.724 gulden.

Simon Zuurbier

Dorpsstraat (10e deel) huisnrs 112-148 (Jaarboek 37 2014 pg 72-83)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over de Dorpsstraat in Castricum:
deel 1 â€“ deel 2 â€“ deel 3 â€“ deel 4 â€“ deel 5 – deel 6 – deel 7 – deel 8 – deel 9 – deel 10


Jaarboek 37, pagina 72

De geschiedenis van de Dorpsstraat en zijn bewoners (deel 10)

Kadasterkaart uit 1939, waarop aangegeven de in dit artikel te bespreken panden. De panden waren gelegen aan de Alkmaarderstraatweg en de toen geldige nummering is aangegeven. Pas in 1980 werd dit straatgedeelte herbenoemd als Dorpsstraat en in de navolgende tekst wordt dan ook gerefereerd aan de huidige nummering. Opvallend is het grote onbebouwde erf, waarover de boerderij op nummer 8 toen nog beschikte en de naar het noorden steeds breder wordende tuinen achter de huizen.
Kadasterkaart uit 1939, waarop aangegeven de in dit artikel te bespreken panden. De panden waren gelegen aan de Alkmaarderstraatweg en de toen geldige nummering is aangegeven. Pas in 1980 werd dit straatgedeelte herbenoemd als Dorpsstraat en in de navolgende tekst wordt dan ook gerefereerd aan de huidige nummering. Opvallend is het grote onbebouwde erf, waarover de boerderij op nummer 8 toen nog beschikte en de naar het noorden steeds breder wordende tuinen achter de huizen.

Met dit tiende deel wordt de beschrijving van de geschiedenis van de Dorpsstraat en zijn bewoners voltooid.
Het stuk grond langs de Dorpsstraat (eerder genaamd Straatweg, Rijksstraatweg en Alkmaarderstraatweg), waarop de in dit artikel te bespreken panden werden gebouwd, was lange tijd onbebouwd weiland met oude veldnamen, zoals Kleibroekerweid en Het Loetje. De genoemde panden in het vorige artikel en enkele van de hierna te bespreken panden werden gebouwd op een gedeelte van de Kleibroekerweid, die in 1892 in het bezit kwam van Frans Schut, eigenaar van de inmiddels niet meer bestaande boerderij Dorpsstraat 94. Hij verkocht zijn grond langs de Rijksstraatweg in gedeelten voor de huizenbouw, waarvan we de geschiedenis grotendeels in het voorgaande artikel hebben beschreven.

Een luchtfoto genomen omstreeks 1960 met de nog doorlopende Alkmaarderstraatweg, rechts de R.-K. kerk en de Augustinusschool. Op de foto zijn de te bespreken panden zichtbaar tussen de zijstraten Koningin Wilhelminalaan en Prinses Beatrixstraat.
Een luchtfoto genomen omstreeks 1960 met de nog doorlopende Alkmaarderstraatweg, rechts de R.-K. kerk en de Augustinusschool. Op de foto zijn de te bespreken panden zichtbaar tussen de zijstraten Koningin Wilhelminalaan en Prinses Beatrixstraat.

Jaarboek 37, pagina 73

Nummering panden voor en na 1980:

Alkmaarderstraatweg 8 wordt Dorpsstraat 112
Alkmaarderstraatweg 10 wordt Dorpsstraat 114
Alkmaarderstraatweg 12 wordt Dorpsstraat 116
Alkmaarderstraatweg 14 wordt Dorpsstraat 118
Alkmaarderstraatweg 16 wordt Dorpsstraat 120
Alkmaarderstraatweg 18 wordt Dorpsstraat 122
Alkmaarderstraatweg 20 wordt Dorpsstraat 124
Alkmaarderstraatweg 22 wordt Dorpsstraat 126
Alkmaarderstraatweg 24 wordt Dorpsstraat 128
Alkmaarderstraatweg 26 wordt Dorpsstraat 130
Alkmaarderstraatweg 28 wordt Dorpsstraat 132
Alkmaarderstraatweg 30 wordt Dorpsstraat 134
Alkmaarderstraatweg 32 wordt Dorpsstraat 136
Alkmaarderstraatweg 34 wordt Dorpsstraat 138, 140
Alkmaarderstraatweg 36 wordt Dorpsstraat 142
Alkmaarderstraatweg 38 wordt Dorpsstraat 144
Alkmaarderstraatweg 40 wordt Dorpsstraat 146
Alkmaarderstraatweg 42 wordt Dorpsstraat 148

Aan de noordkant van de Kleibroekerweid grensde Het Loetje, een weiland dat van oudsher in bezit was van de R.-K. Kerk te Limmen. Pas in 1903 werd door het plaatselijk kerkbestuur een gedeelte verkocht aan leden van de Castricumse familie Res, binnen welke familie ook weer grondtransacties plaatsvonden. In 1906 kwam een strook van dit land langs de Rijksstraatweg met een lengte van ongeveer 80 meter en een naar het noorden toenemende breedte in handen van Jacobus Res, van beroep timmerman en aannemer, onder andere bekend van de bouw in 1911 van het voormalige raadhuis in Castricum. Res bouwde op deze strook grond rond 1907 de elf woonhuisjes, die bekend zijn geworden als De Rooie Buurt.

Bouwtekening uit 1912 van het huis van Jan Baltus.
Bouwtekening uit 1912 van het huis van Jan Baltus.

Dorpsstraat 112
(Alkmaarderstraatweg 8, boerderij, woonhuis)

In juni 1912 kwam de toen 25-jarige Johannes Antonius (Jan) Baltus, zoon van een bloembollenkweker, kort na zijn huwelijk met Antje Liefting, vanuit Limmen naar Castricum om daar een woning te betrekken die hij had laten bouwen op een stuk land dat gekocht was van Frans Schut. Dit gedeelte van de Dorpsstraat was toen nog Alkmaarderstraatweg en het pand kreeg nummer 8 toebedeeld. Het is het eerste van de relatief kleine huizen, die nu nog karakteristiek zijn voor het huidige gedeelte van de Dorpsstraat na de Koningin Wilhelminalaan.

De voormalige koestal van Jan Baltus, nu (in 2014) het bedrijf O.I.T., gelegen aan de Koningin Wilhelminalaan achter het nog bestaande woonhuis Dorpsstraat 112.
De voormalige koestal van Jan Baltus, nu (in 2014) het bedrijf O.I.T., gelegen aan de Koningin Wilhelminalaan achter het nog bestaande woonhuis Dorpsstraat 112.

Je moet je voorstellen dat Jan Baltus een destijds nog onbebouwd gebied aantrof, waar hij een gemengd vee- en tuinbouwbedrijf kon beginnen, met een hooiberg en een koestal, gelegen achter de woning. Oudere Castricummers zullen zich nog de grazende koeien herinne-

Jan Baltus in 1934 met paard op het erf naast zijn huis. (Foto: Jeanne Ruigrok-Schoorl in het Zondag Ochtendblad van 21 januari 2007).
Jan Baltus in 1934 met paard op het erf naast zijn huis. (Foto: Jeanne Ruigrok – Schoorl in het Zondag Ochtendblad van 21 januari 2007).

Jaarboek 37, pagina 74

ren op het land, dat gedeeltelijk nog steeds als binnenterrein aanwezig is tussen de Dorpsstraat en de Prinses Margrietstraat, ook een straat, die in de tijd dat Baltus zijn bedrijf begon, nog niet bestond. Het was allemaal weiland. In de loop der tijd breidde Baltus zijn bedrijf uit, onder andere door bijbouw van een fietsenstalling en een paardenstal, de laatste voornamelijk bestemd voor bezoekers met paard en wagen van de tegenoverliggende Pancratiuskerk. In 1931 volgde een vergroting van de veestal, die – opmerkelijk – de tijd heeft doorstaan. Want toen de stal niet meer als zodanig in gebruik was, werd deze door de familie Baltus verhuurd aan het installatiebedrijf O.I.T. (Oudejans Installatie Techniek), nu (in 2014) gesitueerd aan de Koningin Wilhelminalaan, dat het gebouw na de nodige aanpassingen in gebruik nam.

Het gezin van Jan Baltus en Antje Liefting omstreeks 1935.
Het gezin van Jan Baltus en Antje Liefting omstreeks 1935.

Jan Baltus en Antje Liefting kregen tien kinderen, die allen in Castricum werden geboren. Het zal met zo’n groot gezin wel een krappe behuizing zijn geweest, maar die situatie kwamen we vroeger in Castricum wel meer tegen en er werd niet zwaar aan getild. Dat komt althans naar voren als je Castricummers spreekt die deze tijd nog als kind hebben meegemaakt. Men was het nu eenmaal zo gewend; de kinderen sliepen vaak op de wat gammele zolderverdieping, met een deel voor de jongens en een deel voor de meisjes.
Jan Baltus kan gezien worden als de stamvader van de familie Baltus in Castricum. Hij overleed in 1969. Zijn agrarisch bedrijf was inmiddels voortgezet door zijn zoon Johannes Joseph (Jan) Baltus, geboren in 1927 in Castricum, die na zijn huwelijk met Maria Steltenpool in 1966 zijn intrek had genomen in de woning van zijn vader.

Het bedrijf werd geleidelijk ingekrompen, vooral door de omringende uitbreiding van de bebouwing en in 1985 hield Jan Baltus het op 58-jarige leeftijd dan ook voor gezien en ging onderdelen van zijn bedrijf, zoals de hiervoor genoemde stal, verhuren. Later verhuisde hij met zijn echtgenote naar de Prinses Beatrixstraat. Hij verkocht zijn huis aan de Dorpsstraat aan zijn enige zoon, opnieuw een Jan Baltus, geboren in 1967 en in Castricum bekend geworden als postbesteller. Deze woont er met zijn echtgenote nog steeds (in 2014). Het huisje heeft nog vrijwel het oorspronkelijke uiterlijk, alleen hebben de twee afzonderlijke ramen in de voorgevel plaats gemaakt voor Ă©Ă©n groot raam.

Dorpsstraat 114 omstreeks 1977 toen daar uitzendbureau Harass was gevestigd.
Dorpsstraat 114 omstreeks 1977 toen daar uitzendbureau Harass was gevestigd.

Dorpsstraat 114
(Alkmaarderstraatweg 10, tandtechnische praktijk)

Het pand Dorpsstraat 114, waar tegenwoordig (in 2014) een tandtechnische praktijk is gevestigd, kreeg gestalte in 1967, toen Dirk Saarloos het reeds bestaande pand liet verbouwen tot een winkelpand, waar hij postzegelhandel ‘De Merkuur’ begon. De verbouw schijnt niet zo succesvol te zijn verlopen, want er wordt gesproken van nieuwbouw, weliswaar met als speciale vermelding ‘in de oude stijl’. Saarloos is het voorbeeld van iemand die van een hobby zijn beroep maakte. In maart 1948 – hij woonde toen nog op Schoutenbosch – richtte hij een postzegelvereniging op, die meestal bij hem thuis vergaderde en waar hij ook ruilbeurzen organiseerde. De vereniging was aangesloten bij de Nederlandse Vereniging van Postzegelverzamelaars. De postzegelhandel aan de Alkmaarderstraatweg bestond ruim tien jaar, toen de familie Saarloos in juni 1978 verhuisde naar Opsterland. Voordat plaats werd gemaakt voor de huidige tandtechnische praktijk, waren in het pand onder diverse namen uitzendorganisaties gevestigd, het laatst Tempo Team.

Het pand van Saarloos kende dus een in architectonisch


Jaarboek 37, pagina 75

opzicht gelijkende voorganger. Daarover kan men twisten, maar volgens oude foto’s was het inderdaad een huis met ongeveer dezelfde omvang en met kenmerken van de reeks eerder gebouwde panden van de zogenaamde ‘Rooie Buurt’, zoals een puntdak, maar wel al met het aangebouwde lage winkelgedeelte. Dit pand is omstreeks 1912 gebouwd in opdracht van Lambertus (Bertus) Stuifbergen, die er kort na zijn huwelijk met Johanna Maria Logman kwam wonen. Bertus exploiteerde hier een kapperszaak. Hij was in Castricum bekend als Kleine Bertus, een bijnaam die hij te danken had aan het feit dat zijn neef, ook een Bertus Stuifbergen, eveneens in Castricum als kapper werkzaam was en onder de bijnaam Grote Bertus door het leven ging. Beide Bertussen stamden uit de kappersfamilie Stuifbergen, waarop in het 31e Jaarboek (2008) nader is ingegaan bij de bespreking van het inmiddels afgebroken pand Dorpsstraat 93. Daar was de kapperszaak van Grote Bertus gevestigd en later het winkeltje van zijn dochter Guurtje Stuifbergen. Aan de geschiedenis van Kleine Bertus kunnen we weinig meer toevoegen, dan wat Q. de Ruijter reeds schreef in zijn bekende boek ‘Schippers van het Stet ́:
“Kleine Bertus had zijn barbierswinkel aan de Dorpsstraat tegenover de parochiekerk en mocht veel Bakkummers tot zijn klanten rekenen, die gewend waren zich ’s zondags voor de hoogmis van tienen te laten scheren, omdat ze daarvoor door de weeks geen tijd hadden. De barbierswinkel had ook veel aanloop om louter de gezelligheid. De laatste nieuwtjes werden er verteld en Kleine Bertus verhoogde de sfeer nog met zijn kwinkslagen. Hij kende echter ook vrome bezigheden: als trouw lid van het kerkkoor heeft hij honderden rouw- en trouwmissen gezongen. Hoewel het zich liet aanzien dat Bertus een verstokte vrijgezel zou blijven, trouwde hij tenslotte toch nog met de pastoorsmeid Naatje Logman, die zich nog jarenlang verdienstelijk maakte als stovenzetster”.

Kleine Bertus (Stuifbergen) met zijn nichtje voor de barbierswinkel.
Kleine Bertus (Stuifbergen) met zijn nichtje voor de barbierswinkel.

Het huwelijk van Kleine Bertus bleef kinderloos. Hij overleed in september 1936, waarna zijn weduwe nog geruime tijd in het pand bleef wonen om in 1942, gedwongen als gevolg van de evacuatiemaatregelen van de bezetter, te verhuizen naar Leidschendam.

In 1949 kwam het echtpaar Petrus Boomars en Johanna Beentjes er te wonen. De toen 45-jarige Boomars, oorspronkelijk afkomstig uit Ouderkerk en eerder een korte periode gevestigd aan de Alkmaarderstraatweg 30, betrok woningen in dit gedeelte van de straat, ongetwijfeld vanwege de ligging tegenover de Pancratiuskerk, waaraan hij als koster verbonden was. Hij woonde er vrij lang, tot 1966, waarna het tijdperk Saarloos aanbrak, over wie we in het voorgaande hebben geschreven en die het pand liet verbouwen.

Foto uit 1987 van de nog bestaande rij lage huisjes, Dorpsstraat 116-136.
Foto uit 1987 van de nog bestaande rij lage huisjes, Dorpsstraat 116-136.

De Rooie Buurt

We komen nu aan bij de nog bestaande panden Dorpsstraat 116 t/m 136 en het inmiddels afgebroken pand Dorpsstraat 138. Het is een verzameling van kleine en betrekkelijk eenvormige huizen, van een architectuur die we overigens vaker tegenkomen, onder andere in de Schoolstraat en die bekendheid hebben gekregen onder de verzamelnaam ́De Rooie Buurt ́. We tastten aanvan-


Jaarboek 37, pagina 76

kelijk in het duister over deze benaming, maar zij zou volgens de overlevering te maken hebben met prostitutie die lang geleden in een van de panden schijnt te zijn bedreven. Maar het is in de herinnering van oude Castricummers te lang geleden. Dat kan wel kloppen, want zoals in de inleiding al vermeld, zijn de elf woonhuisjes gebouwd door Jacobus Res rond 1907 en dus meer dan honderd jaar geleden.

In de verhalen over de bouw wordt steeds een link gelegd met psychiatrisch centrum Duin en Bosch, dat werd gebouwd in de periode 1904-1909. Volgens de overlevering zou voor de bouw van de rooie buurthuisjes gebruik zijn gemaakt van (afgekeurd) bouwmateriaal van Duin en Bosch. Wat betreft de gegevens die men in het kadaster vindt over de koop van deze huizen, valt op dat deze veelal plaats vond jaren nadat ze waren gebouwd. Wat was dus de bestemming in de tussentijd? Een veronderstelling is dat ze werden verhuurd. Het lijkt wat dit betreft niet onmogelijk, dat bij Res ideĂ«le motieven – het bouwen van betaalbare huurhuisjes voor arbeiders – een rol hebben gespeeld en dan kom je aan een alternatieve verklaring voor de benaming Rooie Buurt.

Hierna gaan we wat nader in op de geschiedenis van de verschillende woonhuizen in dit speciale buurtje, met vooral aandacht voor opmerkelijke bewoners, die kans zagen in hun woninkje toch een bedrijf uit te oefenen.

Dorpsstraat 116
(Alkmaarderstraatweg 12, woonhuis)

De oudst bekende bewoner van het huidige Dorpsstraat 116 was Lambertus (Ber) van Benthem, grondwerker en kleinzoon van Maria Res en Bertus van Benthem, die we in het 29e Jaarboek (2006) hebben leren kennen als beheerder van het cafĂ© De Vriendschap (later d’Oude Schimmel en Sam-Sam). Ber van Benthem was getrouwd met Cornelia van Vliet; met haar en hun drie kinderen vertrok hij in 1939 naar Voorburg.

Het woonhuis, toen nog Alkmaarderstraatweg 12, kwam vervolgens in handen van Jacob Schermer, kort na zijn huwelijk in 1939 met Adriana Nieuwland. Hij was werkzaam als monteur en chauffeur. Na een evacuatie in de oorlog van enkele jaren naar Beverwijk keerde Jacob in oktober 1945 terug in zijn woning, na een moeilijke periode, want in april van dat jaar was zijn echtgenote overleden. In 1946 hertrouwde hij met Maria van Steijn, die een kind meebracht uit een eerder huwelijk. Jacob Schermer woonde met Maria nog tot november 1950 op de Alkmaarderstraatweg, waar nog vier van zijn kinderen het licht zagen. Daarna verhuisde hij naar de Tetburgstraat.

De familie Schermer werd opgevolgd door het echtpaar Antoon Duinmeijer en Maria Maters. Zij woonden er een lange periode, van 1950 tot 1984, waarna dochter Ingrid Duinmeijer, gehuwd met Meinhardus Beentjes, hier is gaan wonen.

Dorpsstraat 118
(Alkmaarderstraatweg 14, woonhuis)

Van dit pand was de eerste koper Jan Tool, een huisschilder, die er in januari 1923 zijn intrek nam vanuit zijn geboorteplaats Wognum. Hij werd in 1943 op het adres uitgeschreven om te vertrekken naar Zaandam, wat ook in dit geval te maken had met de oorlogssituatie, waardoor veel inwoners van Castricum hun huizen moesten verlaten. Na de oorlog keerde Tool op dit adres niet meer terug.

Enkele opvolgers woonden er maar kort, met uitzondering van ene Peter Lust, een zoon van de Jan Lust, die in een vorig artikel ter sprake kwam als bewoner, winkelier en makelaar op Dorpsstraat 12. Peter Lust was getrouwd met Aaltje Meyberg en het echtpaar woonde hier vanaf 1960 een lange periode.


Jaarboek 37, pagina 77

De huizen Dorpsstraat 120, 122 en 124 in 1997.
De huizen Dorpsstraat 120, 122 en 124 in 1997.

Dorpsstraat 120 (Alkmaarderstraatweg 16, woonhuis)

Over de geschiedenis van deze woning valt wel wat meer te vertellen, want dit pand was behalve als woning ook jaren in gebruik als een soort kantoor door Johan (Jan) Stuifbergen, die direct na de oorlog inde vrijgekomen woning zijn intrek nam, kort na zijn huwelijk in 1944 met Frederika Prein. Hij was toen 46 jaar. Uit advertenties in de plaatselijke krant blijken zijn veelzijdige activiteiten: verzorger van familiedrukwerk, verkoper van kinderboeken, verzekeringsagent en werver van advertenties en abonnementen op kranten en tijdschriften, waarbij hij een periode was verbonden aan het Nieuwsblad voor Castricum. Jan Stuifbergen zal in zijn activiteiten zeker geĂŻnspireerd zijn door zijn vader Willem Stuifbergen, postbode, boekhandelaar en eveneens krantenverkoper met een winkel gelegen aan de Dorpsstraat naast slager Admiraal (zie 31e Jaarboek, 2008).

Over de persoon van Jan Stuifbergen komen we meer te weten uit de herinneringen van Siem Scheerman, die werden opgetekend in het 23e Jaarboek (2000):
“Ik heb nog een halfjaar bij Jan Stuifbergen, bijgenaamd ‘de Koet’, gewerkt. Dat was een krantenman. Ik bracht de Castricummer, andere kranten en tijdschriften rond. De Castricummer kostte toen nog 70 cent in de maand en dat geld moest je iedere maand weer ophalen. Jan was een bijzonder mens. Hij woonde in de Rooie Buurt. Hij schreef voor de krant en was ook een halve advocaat.”

Jan Stuifbergen was in zekere zin een concurrent van de op Dorpsstraat 96 gevestigde boekhandel en winkel in religieuze artikelen van Kees Stuifbergen en zijn zoon (zie het 36e Jaarboek, 2013), die zich onder andere ook met de werving van advertenties bezig hielden. Er is tussen de vele Stuifbergen’s in Castricum altijd wel een familierelatie, maar die gaat in dit geval verscheidene generaties terug, zeg maar die van verre neven en dat zal dus de concurrentieverhoudingen niet in de weg hebben gestaan. Jan Stuifbergen vertrok in juni 1955 met zijn gezin van de Dorpsstraat naar de Beverwijkerstraatweg; hij overleed in juni 1968.

Na de periode Stuifbergen werd het pand betrokken door de 25-jarige Petrus de Graaf en zijn echtgenote Ursula de Groot. Hij trof volgens zijn zeggen een wat verwaarloosd pand aan en voerde nog in 1955 een vrij drastische verbouwing uit, waarbij onder andere de vloer en de muren onderhanden werden genomen. Hij woont er nu (in 2014) dus al bijna 60 jaar, maar vanwege het overlijden van zijn echtgenote verhuist hij dit jaar naar De Boogaert.

Dorpsstraat 122
(Alkmaarderstraatweg 18, woonhuis)

Ook dit pand was niet alleen maar een woonhuis. Het diende sinds 1922 als werkplaats voor de koper van het pand, Johannes Schaap, bekend geworden in Castricum als schoenmaker. Voordien was hij gevestigd op Dorpsstraat 54 in een pand dat hij had gehuurd van de familie Kehl. Opvallend is dat Schaap, in tegenstelling tot andere Castricumse schoenmakers, voor zijn activiteiten, voor zover wij hebben kunnen nagaan, niet adverteerde. Hij genoot kennelijk een goede reputatie, wat ook blijkt uit de viering in augustus 1949 van zijn 50-jarig huwelijk met Magdalena Roozing met een druk bezochte receptie en een aubade door fanfarecorps St. Aloysius. Ook de krant memoreerde het gouden huwelijksfeest van de 76-jarige heer Schaap, die “Vele jaren als schoenmaker werkzaam was aan de Alkmaarderstraatweg en ook als aanspreker. Na de oorlog keerde het echtpaar in de oude woning terug en geniet daar van een rustige levensavond.”
Schaap was dus een bekende Castricummer en wordt ook beschreven door Q. de Ruijter in zijn boek ‘Schippers van het Stet’, die daarbij opmerkt dat Schaap in de functie van aanspreker altijd een zwart uniform droeg met witte tressen en een hoge hoed.

Na de periode Schaap werd het pand in 1954 betrokken door Petrus (Piet) Druijven, die het er bijna veertig jaar volhield. Hij was gehuwd met Tekela van Dijk en zijn gezin telde drie kinderen.

Dorpsstraat 124
(Alkmaarderstraatweg 20, woonhuis)

De oudste gegevens over dit pand gaan terug tot het jaar 1918, toen het werd gekocht door Grietje de Waard, weduwe van de in 1906 overleden Dirk Schotvanger, een agrariër.

In 1925 kwam de woning in handen van Petrus Zonneveld, toen 35 jaar en getrouwd met Aaltje Groot, uit welk huwelijk vier kinderen werden geboren. Voor zijn komst naar de Alkmaarderstraatweg bewoonde Petrus, die de wat merkwaardige bijnaam droeg van Vader Abt, als landbouwer de boerderij Vogelwater in het duingebied. In 1937 verhuisde hij met zijn gezin naar de Sifriedstraat.

Sindsdien kende het pand diverse bewoners, die er relatief kort verbleven, maar vanaf 1948 kwam hier verandering in en werd het huis niet minder dan ruim 40 jaar bewoond door het gezin van Theodorus (Theo) Druijven, die gehuwd was met


Jaarboek 37, pagina 78

Agatha Pekel en een broer was van de in het hiervoor genoemde pand woonachtige Piet Druijven.

Dorpsstraat 126
(Alkmaarderstraatweg 22, woonhuis)

Het pand Dorpsstraat 126, eerder Alkmaarderstraatweg 22, werd volgens kadastergegevens in 1921 gekocht door de huisschilder Cornelis Kroone, die er tot zijn overlijden in januari 1965 heeft gewoond. Na zijn overlijden bleef zijn echtgenote Maartje Mettes er nog twee jaar wonen. Ook hier bleek de relatief kleine behuizing geen belemmering voor een groot gezin, dat acht kinderen telde. In 1967 werd het pand betrokken door Cornelis de Wit en zijn echtgenote Elisabeth Kokkelman, die er nog steeds wonen.

Dorpsstraat 128
(Alkmaarderstraatweg 24, woonhuis)

In het vorige artikel in deze serie hebben we aandacht besteed aan de kleermaker Jacob (Jaap) Twisk, die in 1927 het pand van de failliet gegane Hanzebank, Dorpsstraat 90, kocht om er tot 1958 zijn kleermakerij en een kledingzaak te exploiteren. Daarna werd de zaak, zoals we eveneens hebben beschreven, voortgezet door Jo Stevens.
Het huis Dorpsstraat 128 was gekocht door zijn vader Willem Twisk, eveneens kleermaker, en daar komen we in 1923 Jaap opnieuw tegen, waar hij enkele jaren woonde en waarschijnlijk ook het kleermakersvak uitoefende voor zijn verhuizing naar Dorpsstraat 90. Na het vertrek van Jaap Twisk bleef het pand bewoond door leden van de familie Twisk. We noemen de weduwe van de in 1932 overleden Willem Twisk, Catharina Haaker, die in 1960 overleed en Geertrudes Twisk, een ongehuwd gebleven dochter, die in 1976 overleed. Ook nu (in 2014) wordt het huis nog bewoond door een Twisk.

Dorpsstraat 130, ca. 1975.
Dorpsstraat 130, ca. 1975.

Dorpsstraat 130
(Alkmaarderstraatweg 26, woonhuis)

De eerste koper van dit huis was in 1919 Jacoba (Koosje) Brakenhoff, weduwe van de in 1907 overleden tuinder en bloemkweker Pieter Kuijs. Zij overleed in 1933. Latere bewoners in de periode 1944 tot 1953 zijn Johannes Winkelman en daarna tot 1961 zijn weduwe Johanna Bos.

Vervolgens deed Cornelis Kroone zijn intrede, een naam die we reeds eerder tegenkwamen met betrekking tot het naastgelegen pand Dorpsstraat 126. Dat betrof zijn vader, wiens beroep van huisschilder hij voortzette. Cornelis Kroone jr. was getrouwd met Agatha Herben. Hij genoot in Castricum onder andere bekendheid door de Castricumse Fanfare en Drumband, waarvan hij ook enige jaren voorzitter was. Zijn gezin telde drie kinderen. De ruim tachtigjarige Cornelis Kroone en zijn echtgenote wonen nog steeds (in 2014) op Dorpsstraat 130.

Dorpsstraat 132 in 1995.
Dorpsstraat 132 in 1995.

Dorpsstraat 132
(Alkmaarderstraatweg 28, woonhuis)

Als eerste koper staat in 1927 te boek Johannes (Jan) de Graaf, een spoorwegbeamte en toen 45 jaar. Hij was in 1905 gehuwd met Grietje Duin. We hebben in de inleiding tot de Rooie Buurt gesignaleerd, dat volgens het kadaster de verkoop van de huizen veel later gebeurde dan de bouw, in de veronderstelling dat in de tussenliggende periode verhuur plaatsvond. In het geval van Jan de Graaf lijkt dit, ook gezien zijn huwelijksdatum, niet onwaarschijnlijk. We zijn bijvoorbeeld geen ander adres tegengekomen waar een van zijn negen kinderen is geboren dan de Dorpsstraat. Hier vond ook in april 1913 zijn tweejarige dochter Cornelia de dood, over-


Jaarboek 37, pagina 79

reden door de stoomtram, die toen dagelijks door de straat reed. Jan de Graaf en zijn familie werden in de oorlog ook het slachtoffer van de gedwongen evacuatie, in dit geval naar Uitgeest. Het gezin keerde na de oorlog niet meer in Castricum terug.

In 1950 werd het pand gekocht door Cornelis (Cor) Druijven. Dit gedeelte van de Dorpsstraat had kennelijk een grote aantrekkingskracht op leden van de familie Druijven, want zoals we in het voorgaande hebben gezien, woonden zijn twee broers Piet en Theo vlakbij, respectievelijk op nummer 122 en 124. Cor Druijven was getrouwd met Maria Mooij en zij kregen drie kinderen.

De inmiddels bejaarde Cor, die met zijn echtgenote nog steeds (in 2014) Dorpsstraat 132 bewoont, noemde het wel ‘gezellig’ om met directe familieleden zo dicht bij elkaar te wonen. Op de vraag of de achterliggende tuinen en het aangrenzende erf van Baltus geen oase vormden voor de vele kinderen van de hier kinderrijke families, antwoordde hij ontkennend. Het erf van Baltus was het domein van zijn vee en dus niet geschikt voor spelende kinderen, die voor zover zij zich toch op zijn land waagden, toesprak met “oprotten“. De voornaamste speelplek voor de kinderen vormde het tegenoverliggende schoolplein van de Augustinusschool.

Dorpsstraat 134.
Dorpsstraat 134.

Dorpsstraat 134
(Alkmaarderstraatweg 30, woonhuis)

Eerste koper van dit pand was in 1932 Reinier de Ruijter, een Castricummer die in 1921 trouwde met Catharina Geertruida (Cato) Res. Hier komen we voor het eerst een direct verband tegen tussen een koper van het huis en de bouwer, want Catharina was een dochter van Jacobus Res, bouwer van de huizen van de Rooie Buurt.

Na de oorlog werd het pand vanaf juli 1947 een korte periode bewoond door Petrus Boomars en echtgenote, die met hun in dat jaar geboren dochter in 1949 verhuisden naar de hiervoor besproken woning Dorpsstraat 114.

Het pand werd daarna vrij lang, vanaf 1953 tot 1973, bewoond door Kunder Gort, waar hij kantoor hield als financieel adviseur. Verder genoot hij onder andere bekendheid als secretaris van schietvereniging De Vrijheid. Sinds 1974 woont er het echtpaar Willem Witte en Renske Kok.

Dorpsstraat 136, ca. 1936.
Dorpsstraat 136, ca. 1936.

Dorpsstraat 136
(Alkmaarderstraatweg 32, woonhuis)

Als eerste koper wordt in 1921 vermeld de melkslijter Willem Bruijn, tot dan woonachtig te Heerhugowaard. Hij lijkt niet in Castricum te hebben gewoond en over zijn persoon, familie en de motieven van zijn aankoop tasten we in het duister.
Mogelijk verhuurde hij het pand. Nog voor 1965 wordt als bewoonster de weduwe van Wilhelmus (Willem) Druijven genoemd. Deze Willem Druijven, fabrieksarbeider en tuinder, werd in 1887 geboren in Limmen, waar nog veel leden van de familie Druijven woonachtig zijn. Hij trouwde in 1913 met Catharina Bruin en uit dit huwelijk werden onder andere de zonen geboren die we tot dusver zijn tegengekomen als bewoners van de Rooie Buurt. Willem overleed in 1947. Zijn weduwe overleed in 1965 en de bewoning van het pand werd sindsdien voortgezet door zijn zoon Willem Druijven, getrouwd met Adriana Boon. Hij was de vierde van de broers die we hiervoor hebben leren kennen als bewoners van dit gedeelte van de Dorpsstraat.
Willem Druijven jr. verhuisde in 1991 met zijn echtgenote naar de Offenbachstraat. Sindsdien zijn de bewoners Aarnoud van der Plank en Jozina Stitzinger.


Jaarboek 37, pagina 80

Dorpsstraat 138 circa 1975, kantoorpand van makelaar Kuijs, nu (in 2014) Makelaardij Kuijs Reinder Kakes.
Dorpsstraat 138 circa 1975, kantoorpand van makelaar Kuijs, nu (in 2014) Makelaardij Kuijs Reinder Kakes.

Dorpsstraat 138, 140
(Alkmaarderstraatweg 34, kantoor en bovenwoning)

Dit is het enige door Res gebouwde en tot de Rooie Buurt behorende pand dat de tijd niet heeft doorstaan en in 1974 werd gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw van een kantoor en bovenwoning voor Piet Kuijs, makelaar en verzekeringsagent.

Het pand kende dus een voorganger die gelijkenis ver met de nog bestaande reeks huizen. Dit huis werd in 1923 gekocht door Cornelis Brakenhoff, weduwnaar van Aafje Schermer en eerder eigenaar en bewoner van boerderij Starrenburg aan de Bleumerweg. Hij was 65 jaar bij de aankoop van de woning op de Alkmaarderstraatweg; Cornelis overleed in 1936.

De ligging van de oorspronkelijke panden van Klaas Veldt, de boerderij met ervoor aan de straatweg een woning.
De ligging van de oorspronkelijke panden van Klaas Veldt, de boerderij met ervoor aan de straatweg een woning.

Dorpsstraat 142
(Alkmaarderstaartweg 36 woning en boerderij)

We zijn nu de Rooie Buurt, die rond 1906 gestalte kreeg, voorbij en stuiten op enkele panden die later werden gebouwd. Dat is allereerst de fraaie voormalige boerderij aan de Dorpsstraat 142, waarover Piet Blom in het kader van zijn artikelenreeks over ‘Stolpboerderijen in Castricum’ in het 33e Jaarboek (2010) al eens schreef en een aantal bijzonderheden gaf. Zo werd de boerderij in 1920 gebouwd door metselaar-aannemer Gerrit Borst en gaat het om een onvolledige stolp met hooiberg en stal. De oorspronkelijke eigenaar in 1922 was Klaas Veldt, toen reeds 75 jaar en gehuwd met Maartje Brakenhoff.

Vooraanzicht, volgens een bouwtekening, van de boerderij van Klaas Veldt.
Vooraanzicht, volgens een bouwtekening, van de boerderij van Klaas Veldt.

Jaarboek 37, pagina 81

Links het woonhuis van de familie Veldt, gelegen voor de boerderij.
Links het woonhuis van de familie Veldt, gelegen voor de boerderij.

We hebben hier te maken met een pand dat oorspronkelijk volledig in dienst stond van de veehouderij, want er werd niet gewoond. Voor de boerderij was voor de familie Veldt, die zes kinderen telde, een afzonderlijke woning gebouwd, die vanaf de straatweg gezien de boerderij aan het zicht onttrok.

Klaas Veldt overleed in 1929, maar het bedrijf bleef voorlopig in handen van de familie. Tot 1968, toen Gerrit Veldt zijn bezit verkocht aan Piet Kuijs, tot dan woonachtig aan de Vinkebaan en werkzaam als makelaar in verzekeringen en onroerend goed. Piet Kuijs pakte de zaken groot aan. De boerderij werd verbouwd tot woonhuis en de voorwoning werd ingericht als kantoor voor de makelaardij, hoewel die daar relatief kort bestond en werd verplaatst naar het hiervoor besproken pand, Dorpsstraat 140. Er is ook een garage bijgebouwd.

Het pand Dorpsstraat 142, zoals dat er nu, na diverse ver- en aanbouwingen uitziet.
Het pand Dorpsstraat 142, zoals dat er nu, na diverse ver- en aanbouwingen uitziet.

In 1982 volgde opnieuw een grote verbouwing toen Piet Kuijs zijn woning, die nog gebaseerd was op het oude bouwplan van de boerderij, aan de linkervoorkant uitbreidde met een aanbouw, overigens in een oude en bijpassende stijl. Het onttrok wel de gevel van de oorspronkelijke en verbouwde boerderij aan het zicht. Het verbouwde pand was tot 2005 in handen van Piet Kuijs en daarna van zijn zoon Bob Kuijs.

Vooraanzicht van de woning, die - door de verbouwing van wat in het bouwplan nog een  ́veestal ́ werd genoemd - in 1969 in opdracht van Piet Kuijs door firma C.G. de Nijs werd gerealiseerd.
Vooraanzicht van de woning, die – door de verbouwing van wat in het bouwplan nog een  Ìveestal ́ werd genoemd – in 1969 in opdracht van Piet Kuijs door firma C.G. de Nijs werd gerealiseerd.
Een bouwtekening geeft een impressie van het tijdelijk kantoor van defirma Kuijs in het voormalige woonhuis van de familie Veldt.
Een bouwtekening geeft een impressie van het tijdelijk kantoor van defirma Kuijs in het voormalige woonhuis van de familie Veldt.

Jaarboek 37, pagina 82

De villa Dorpsstraat 144 in 1999, toen bewoond door de familie Verschuren.
De villa Dorpsstraat 144 in 1999, toen bewoond door de familie Verschuren.

Dorpsstraat 144
(Alkmaarderstraatweg 38, woonhuis)

We stuiten bij het vervolgen van onze weg nu op een villa die er nog vrijwel hetzelfde uitziet als na de bouw in 1923. De eerste bewoonster en waarschijnlijk ook eigenares van het pand was de toen bijna 65-jarige weduwe Agie Schermer – Castricum. Haar echtgenoot Jan Schermer, een agrariĂ«r, was in 1906 overleden. De villa bleef geruime tijd in bezit van de familie Schermer. Vanaf 1945 woonden er kinderen van genoemde Agie: een in 1899 geboren zoon Nicolaas Schermer, gemeentebode, ongehuwd, overleden in 1962 en een in 1892 geboren zoon Johannes Schermer, een landbouwer en veehouder, die eerder eigenaar en bewoner was van de boerderij Mariahoeve aan de Brakersweg.

Johannes overleed in 1965, zijn weduwe Maria Schermer – Twisk bleef nog een jaar in het pand wonen en verhuisde toen naar de Brakersweg. Zij werd in 1966 opgevolgd door Roland Wefers Bettink en zijn echtgenote Margaretha Weel, die eerder boven het Corsotheater op Dorpsstraat 70 woonden. Roland Wefers Bettink was een van de initiatiefnemers tot de stichting van het in 1937 geopende Corsotheater, was ook eigenaar van het theater, dat hij exploiteerde tot 1972, toen zijn zoon Piet Bettink en zijn vrouw Jenny het roer overnamen (zie het artikel over 75-jaar Corsotheater in het 35e Jaarboek, 2012). Ronald en zijn echtgenote vertrokken in 1976 naar Emmen. Merkwaardigerwijs geven de beschikbare gegevens sindsdien geen nadere informatie over bewoners, tot in 1991 Theodorus Verschuren en zijn echtgenote Jacqueline worden genoemd. Thans (in 2014) is eigenaar en bewoner Wim Perlee, die zich namens de bewoners van de Dorpsstraat uitermate heeft ingespannen voor de inrichting van de Dorpsstraat als ‘fietsstraat’.

De villa Dorpsstraat 146, ca. 1985, toen eigenaar en bewoner De Graaf.
De villa Dorpsstraat 146, ca. 1985, toen eigenaar en bewoner De Graaf.

Dorpsstraat 146
(Alkmaarderstraatweg 40, woonhuis)

Ook dit pand werd, evenals het voorgaande, gebouwd in 1923. Als eerste eigenaar wordt genoemd Pieter Klaaszoon (Piet) Veldt, een toen bijna 50-jarige landbouwer. Wat Piet Veldt bewoog om dit pand te laten bouwen en of hij er ook zelf nog gewoond heeft, is niet duidelijk, hoewel dat gezien zijn overlijden in 1955 (op de hoge leeftijd van 86 jaar), niet onwaarschijnlijk is. Toen hij het pand liet bouwen, had hij al een hele bewonersgeschiedenis achter de rug. In 1903, enkele jaren na zijn huwelijk met Grietje Zonneveld, kocht hij een woning aan de Brakersweg 22, waar hij een tuindersbedrijf was begonnen. In 1913 liet hij dit woonhuis verbouwen tot een stolpboerderij. In 1922 verhuisde hij naar Brakersweg 77. Mogelijk heeft hij het pand aan de Alkmaarderstraatweg bedoeld voor zijn kinderen, want zijn gezin telde er niet minder dan twaalf. Dit pand werd inderdaad een lange periode, tot 1985, bewoond door de in 1908 geboren Gerardus Veldt, van beroep bollenkweker, getrouwd met Alida Zomerdijk en een zoon van genoemde Pieter Veldt (voor stamboom familie Veldt zie 5e Jaarboekje, 1982).

In 1985 werd het pand betrokken door de toen 38-jarige Piet de Graaf en zijn echtgenote Dora Borst. Hij was kraanmachinist bij Hoogovens.

De panden Dorpsstraat 144, 146 en 148, ca. 1974.
De panden Dorpsstraat 144, 146 en 148, ca. 1974.

Jaarboek 37, pagina 83

Het pand Dorpsstraat 148 (voorheen Alkmaarderstraatweg 42) omstreeks 1963; in 2011 werd het afgebroken.
Het pand Dorpsstraat 148 (voorheen Alkmaarderstraatweg 42) omstreeks 1963; in 2011 werd het afgebroken.

Dorpsstraat 148
(Alkmaarderstraatweg 42, woonhuis)

Nu komen we met enige nostalgie toe aan het laatste pand in deze artikelenserie: de geschiedenis van de villa Dorpsstraat 148. De villa, zoals die er thans bijstaat, is een in 2011 gebouwde opvolger van een gesloopt pand, dat in 1923 werd gebouwd. We houden ons eerst bezig met deze voorganger. Bouwer en eigenaar was Gerrit Borst, een aannemer, die de villa volgens een kleinzoon zou hebben laten bouwen voor zijn zoon Wim Borst, die als metselaar aanvankelijk in het bedrijf van zijn vader werkte en die er na zijn huwelijk met Catharina (Trien) Wehnes in 1936 introk. We hebben hier te maken met bouwactiviteiten, weliswaar in de familie Borst, waarbij er geen familierelatie bestaat met het bekende bouwbedrijf A.C. Borst. Voordat het pand door een Borst werd betrokken, zou het in een periode na de bouw bewoond zijn geweest door iemand uit het onderwijs, maar daarover hebben we geen bijzonderheden kunnen achterhalen. Het gezin Borst – Wehnes bewoonde de villa een lange periode en ging toen acht kinderen tellen. Wim Borst overleed in 1957. Zijn weduwe bleef het pand nog tot 1972 bewonen, toen zij op hoge leeftijd verhuisde naar een verzorgingsflat. Het pand was inmiddels gekocht door Jan Meere, die er zijn eerder in de Prinses Margrietstraat gevestigd schildersbedrijf voortzette en dat ook wel gekarakteriseerd werd als ‘schilderswinkel’. Dat betrof vooral de interne inrichting van de woning en schuur. Meere beperkte zijn activiteiten overigens niet alleen tot schilderwerk, maar adverteerde ook als behanger en zelfs met auto-onderhoud.

Het in 2011 nieuw gebouwde pand Dorpsstraat 148.
Het in 2011 nieuw gebouwde pand Dorpsstraat 148.

In 1982 vertrok Jan Meere naar Hoorn en vervolgens vestigden zich in het pand Henricus Bannenberg, werkzaam bij Hoogovens en zijn echtgenote Catharina Wortel. De kinderen waren reeds het huis uit.
Dit echtpaar verhuisde in 1994 naar Diever. Na hun vertrek nam nog een zoon drie jaar zijn intrek in het pand, waarna het werd gekocht door makelaar Van Amsterdam. Deze liet, zoals vermeld, in 2011 het inmiddels bijna 90-jarige pand afbreken om plaats te maken voor een nieuw gebouwde villa, overigens nog in de stijl van het oorspronkelijke pand.

Wim Hespe

Bronnen:

Archieven:

  • Gemeente Castricum: archief Bouw- en Woningtoezicht en bewonerskaarten;
  • Noord-Hollands Archief Haarlem: kadastrale gegevens betreffende Castricum;
  • Regionaal Archief Alkmaar: burgerlijke stand, bevolkingsregisters, kadastrale gegevens, notariĂ«le akten;
  • Werkgroep Oud-Castricum: fotoarchief, Nieuwsblad voor Castricum en De Castricummer, beschikbare nummers uit de periode 1925 tot heden.

Publicaties:

  • Ruijter W. Jzn., Q. de: Schippers van het Stet, 1974.